"Economie vond ik vroeger eerder een vies woord. Vandaag zie ik het als een sociaal instrument," vertelt Peter de Roo. Hij is zaakvoerder van Baobab Catering, een exotische traiteur uit Kortrijk. Eind april bekroonde de Jonge Economische Kamer van België hem als TOYP-laureaat ( The Outstanding Young Persons) voor de rol als trendsetter in de sociaal innoverende economie.
...

"Economie vond ik vroeger eerder een vies woord. Vandaag zie ik het als een sociaal instrument," vertelt Peter de Roo. Hij is zaakvoerder van Baobab Catering, een exotische traiteur uit Kortrijk. Eind april bekroonde de Jonge Economische Kamer van België hem als TOYP-laureaat ( The Outstanding Young Persons) voor de rol als trendsetter in de sociaal innoverende economie. Baobab Catering bestaat nu 15 maanden en verzorgt buffetten met gerechten uit de wereldkeuken. Van de negen medewerkers zijn er vijf van vreemde oorsprong, het merendeel heeft het statuut van erkend vluchteling. Het geesteskind van de 37-jarige De Roo kan rekenen op de steun van Kanaal 127, een Kortrijks samenwerkingsverband om de kansarmoede te bestrijden. Zowel de publieke als de private sector - onder andere Koramic, Boss Paints en Bekaert - participeren. "Ik hou niet van het stempel sociale economie, want economie moet per definitie sociaal zijn," zegt De Roo. "Laat vooral duidelijk zijn dat Baobab geen project is, maar een regulier bedrijf dat winst moet maken. Misschien zijn we te sociaal voor het gangbare bedrijfsleven, maar te economisch voor de sociale sector."Na zijn studies kinesitherapie in Gent specialiseerde hij zich in de bobath-therapie voor hersenverlamde kinderen. "Ik deed mijn werk graag, maar ik bleef zoeken naar een grotere voldoening."Hij vond die toen hij in 1989 voor de ngo Handicap International naar het grensgebied tussen Cambodja en Thailand trok, waar hij een ploeg van 25 coöperanten coördineerde. "Zo'n ervaring laat zijn sporen na," vertelt hij. "Het scherpt je relativeringsvermogen en je bekijkt de wereld door een andere bril." In 1993 vroeg het Rode Kruis hem om de leiding op zich te nemen van een opvangcentrum voor asielzoekers in Menen. Toen vrienden hun huwelijksjubileum organiseerden, schakelde hij voor het eerst enkele van de vluchtelingen in om een couscoustafel klaar te maken. Al gauw volgde de vraag om elders hetzelfde te doen. "Er bleek een markt te zijn voor de wereldkeuken," zegt De Roo. "Aanvankelijk combineerde ik die opdrachten met mijn werk als centrumverantwoordelijke, maar uiteindelijk hebben we Baobab opgericht."Het eerste jaar was meteen een succes, met een omzet van 9,2 miljoen frank. "We leggen de wereld op je bord. Waar wij aan het werk zijn, tonen we de mensen met gerechten en traditionele klederdracht, wat de meerwaarde van multicultureel Vlaanderen kan zijn."De Roo beschouwt zichzelf als een manager van mensen. "Mijn belangrijkste rol is het op elkaar afstemmen van de verschillende medewerkers en het zorgen voor opdrachten. Bovendien blijft de betrokkenheid me boeien. Werk en privé-leven gaan bij ons hand in hand. Ik benader mijn medewerkers als mens en die confrontatie met hun dagelijkse bestaan blijft me boeien."