TOEN RICHARD DAWKINS volkomen ten onrechte werd aangevallen voor het egoïsme dat zijn boek The Selfish Gene zou uitstralen, mocht hij in 1986 voor de BBC een reportage maken die het omgekeerde aantoonde. Hij gaf de 45 minuten durende uitzending een provocatieve titel mee: Nice guys finish first, aardige jongens eindigen eerst. Met voorbeelden uit de natuur en met computersimulaties toonde hij aan dat wie samenwerkt (maar niet naïef is) het veel verder schopt dan wie altijd de strijdbijl bovenhaalt. Sindsdien zijn die studies eindeloos herhaald, soms met grote waarschuwingen aan de personen die denken dat vriendelijk zijn helpt. Sindsdien zijn er veel variaties op het thema bedacht, maar de grappigste blijft wel de titel van het boek van Ute Ehrhardt: Brave meisjes komen in de hemel, brutale overal.
...

TOEN RICHARD DAWKINS volkomen ten onrechte werd aangevallen voor het egoïsme dat zijn boek The Selfish Gene zou uitstralen, mocht hij in 1986 voor de BBC een reportage maken die het omgekeerde aantoonde. Hij gaf de 45 minuten durende uitzending een provocatieve titel mee: Nice guys finish first, aardige jongens eindigen eerst. Met voorbeelden uit de natuur en met computersimulaties toonde hij aan dat wie samenwerkt (maar niet naïef is) het veel verder schopt dan wie altijd de strijdbijl bovenhaalt. Sindsdien zijn die studies eindeloos herhaald, soms met grote waarschuwingen aan de personen die denken dat vriendelijk zijn helpt. Sindsdien zijn er veel variaties op het thema bedacht, maar de grappigste blijft wel de titel van het boek van Ute Ehrhardt: Brave meisjes komen in de hemel, brutale overal. Sinterklaas mag dan elk jaar weer opmerken dat er geen stoute kinderen meer zijn, in het zakenleven weten we wel beter. Wij runnen geen liefdadigheidsinstelling en we geven geen vrijblijvende cadeautjes. Onlangs is een nieuwe studie verschenen die onderzoekt waar brave en brutale mensen in geldzaken eindigen. En inderdaad, in geldzaken is vriendelijk zijn niet bepaald een troef. IN HET JONGSTE NUMMER van het toonaangevende Journal of Personality and Social Psychology rapporteren de Londense onderzoekers Sandra Matz en Joe Gladstone over het verband tussen vriendelijk zijn en financiële rampspoed. Een van de meest stabiele persoonlijkheidstrekken is wat psychologen ' agreeableness' noemen, in het Nederlands op de meest uiteenlopende manieren vertaald: vriendelijkheid, altruïsme of zelfs dienstvaardigheid. U kent hen wel, de mensen die hoog scoren op deze factor: gericht op de ander, bescheiden, heel empathisch, zorgzaam in de omgang met mensen, lief, inschikkelijk, tolerant, hulpvaardig. Kortom: de personen in wiens gezelschap het warm vertoeven is, de collega's die in het team nooit moeilijk doen en die je vergiffenis geeft zonder dat ze hoeven te biechten. Mocht u dit allemaal wat te soft vinden, denk u dan gewoon even in dat uw baas daarin heel laag scoort. Dan is je leven een hel. MATZ EN GLADSTONE GINGEN niet over één nacht ijs. Ze verzamelden data bij niet minder dan 3 miljoen mensen. En de resultaten waren niet zo gunstig voor de zachte en vriendelijke mensen. Niet alleen hebben ze lagere kredietscores, ze hebben ook minder spaargeld, meer schulden en kunnen die schulden vaker niet terugbetalen. Ligt hier de merkwaardige kloof tussen de geitenwollen sokken en de geldwolven? Is de mens dan toch een wolf zodra het op geldzaken aankomt? DE ONDERZOEKERS WILDEN weten wat de diepere oorzaak was. Er zijn twee mogelijkheden. Ofwel onderhandelen onze aangename medemensen niet goed genoeg over geldzaken (ze worden met andere woorden overal uitgebuit), ofwel geven ze gewoon weg niet veel om geld. Het ware geluk ligt in de dienstbaarheid aan anderen, kunnen geven en delen. Hoe wil je sterven? Totaal vereenzaamd en stinkend rijk? Of omringd door je vele vrienden en met wat schulden? In de nakende kerstperiode kunnen we iedereen geruststellen: Matz en Gladstone tonen aan dat het vooral een gebrek aan belangstelling is. Het is maar geld. Net zoals de rijke geldwolven ook niet weten waar je een gezellig goedkoop soepje kunt eten, beseffen de warme medemensen onvoldoende dat ze te veel betalen of te weinig verdienen. DIE VERONDERSTELLING WERD bevestigd door het feit dat de heel nadelige gevolgen van al te vriendelijk te zijn, bijna alleen speelden bij mensen die al arm waren. Zeer vriendelijke, rijkere mensen zijn wat armer dan hun brutale lotgenoten, maar arme vriendelijke mensen werken zich echt in nesten. Meteen zou ik mijn vroege Kerstwensen willen uitspreken: geef die vriendelijke, bescheiden arme mensen wat geld, maar meteen ook wat financieel advies. Ook al vinden ze dat laatste echt niet boeiend.