Dat België mogelijk afstevent op een black-out in de volgende winter, wordt nu ook openlijk gezegd bij Elia, onze hoogspanningsnetbeheerder. Het tekort aan eigen elektriciteitsproductie begint stilaan nijpend te worden en de heropstart van de twee kerncentrales in Doel en Tihange is nog altijd niet zeker. Het idee van de federale regering is om dan maar subsidies te geven voor de bouw van gascentrales, een rekening die voor de burger kan oplopen tot 1,8 miljard euro over tien jaar. De ondersteuning van innovatieve duurzame technologie is een goede en noodzakelijke stap naar een toekomstgerichte energiehuishouding, maar daar horen grote gascentrales niet bij.
...

Dat België mogelijk afstevent op een black-out in de volgende winter, wordt nu ook openlijk gezegd bij Elia, onze hoogspanningsnetbeheerder. Het tekort aan eigen elektriciteitsproductie begint stilaan nijpend te worden en de heropstart van de twee kerncentrales in Doel en Tihange is nog altijd niet zeker. Het idee van de federale regering is om dan maar subsidies te geven voor de bouw van gascentrales, een rekening die voor de burger kan oplopen tot 1,8 miljard euro over tien jaar. De ondersteuning van innovatieve duurzame technologie is een goede en noodzakelijke stap naar een toekomstgerichte energiehuishouding, maar daar horen grote gascentrales niet bij. Het is zeker positief dat onze staatssecretaris voor Energie meedenkt over de oorzaken voor het uitblijven van investeringen. Het ligt zeker niet aan het gebrek aan ideeën, want er liggen projecten die zelfs vergund zijn in de diepvries. De grootste oorzaak is dat de groothandelsprijs voor elektriciteit zelfs onder de kostprijs ligt om elektriciteit te produceren. Dat België investeringen in elektriciteitsproductie nodig heeft, staat als een paal boven water, en liefst flexibele productiecapaciteit. Dat gas zich daarvoor leent is geen geheim, maar het blijft wel een fossiele brandstof waar we zuinig mee zouden moeten omspringen. Indien er voor piekmomenten extra capaciteit nodig is, moet je die niet subsidiëren zonder er zelf aandeel in te nemen. De uitbouw van groene energie zal de behoeften aan flexibele en deels reservecapaciteit alleen maar doen groeien, en men kan dit zien als een onderdeel van de verduurzaming van onze energiehuishouding. Tussen 2005 en 2009 is onder mijn impuls aan alle overheden en bevoegde ministers het idee aangereikt van 'single buyer', beter bekend als aankoopcentrale. Hierin participeert de overheid tijdelijk, zodat de marktwerking beter op gang komt en de bevoorradingszekerheid gegarandeerd wordt. Deze studie, 'Back to the Future', ging in eerste instantie over de vraag hoe we de concurrentie in de elektriciteitsproductie op gang konden brengen en wat de waarde was van onze kernenergie. Met hulp uit binnen- en buitenland werd een reëel alternatief uitgewerkt om de overheid tijdelijk tussen de elektriciteitsproducenten en de markt te plaatsen. De overheid kan deze aankoopcentrale samen oprichten met een aantal bedrijven uit de sector en de grootindustrie. Zodra de marktwerking en de bevoorradingszekerheid voldoende groot zijn, treedt de overheid terug als aandeelhouder in zo'n aankoopcentrale en kan de vrije markt volledig spelen. Wanneer komt dat moment er? In ieder geval moet er een minimumaantal evenwaardige producenten zijn, aangevuld met een aantal grote afnemers, zoals energieleveranciers zonder eigen productie en grote industriële verbruikers. Dat deze aankoopcentrale ook gebruikt kan worden om bijvoorbeeld nieuwe capaciteit te bouwen, is het overwegen waard. Daarnaast kan de aankoopcentrale dienen om een deel van de kernenergieproductie op de markt te brengen, zodat zowel grote bedrijven als andere elektriciteitsleveranciers er gebruik van kunnen maken. Hoewel vaak geschermd wordt met Europa en het feit dat er een pak nieuwe spelregels geïmplementeerd moest worden om de energiemarkt beter te laten functio- neren, blijf ik ervan overtuigd dat er in België nog mogelijk- heden zijn voor de overheid om in te grijpen. De dominantie in de productie en het dreigende tekort ervan zullen ook in Europa gehoor vinden, op voorwaarde dat men naar hetzelfde einddoel werkt. Een goede liberalisering wil niet zeggen dat je de vrije markt aan haar lot moet overlaten. Onze beleidsmakers mogen niet langer lijdzaam langs de zijkant blijven staan. De privésector heeft voorlopig niet de middelen om nieuwe grootschalige investeringen in onze energiehuishouding mogelijk te maken. Voor duurzame energie wordt dit aanvaard, maar de vaststelling geldt evenzeer voor slimme netwerken en grootschalige infrastructuurwerken zoals grote elektriciteitscentrales. De overheid moet beseffen dat er sinds de jaren tachtig geen investeringen van deze omvang meer gebeurd zijn in onze sector. De auteur is gedelegeerd bestuurder van NPG energy. ANDRÉ JURRESEen goede liberalisering wil niet zeggen dat je de vrije markt aan haar lot moet overlaten, zeker niet in ons land waar zogoed als geen concurrentie in de elektriciteitsproductie is.