'Dit kan groot worden' - David Maertens, de Nachtkoerier

"Op een mooie avond zat ik met vrienden in de tuin. Toen de drank op was en niemand zin had om naar de nachtwinkel te gaan, vroegen we ons af of er geen levering aan huis bestond. Bleek van niet, terwijl zo'n mobiele nachtwinkel organiseren volgens ons niet zo moeilijk kon zijn. We bouwden een eenvoudige webshop, sloegen een voorraad in en leverden met de fiets, vanuit mijn kelder.
...

"Op een mooie avond zat ik met vrienden in de tuin. Toen de drank op was en niemand zin had om naar de nachtwinkel te gaan, vroegen we ons af of er geen levering aan huis bestond. Bleek van niet, terwijl zo'n mobiele nachtwinkel organiseren volgens ons niet zo moeilijk kon zijn. We bouwden een eenvoudige webshop, sloegen een voorraad in en leverden met de fiets, vanuit mijn kelder. "Een kleine drie jaar later zijn elke avond minstens vijf koeriers voor ons op pad in Gent, van 19 uur tot middernacht, en tot 1 uur in het weekend. In ons magazijn krijgen zij op hun smartphone de bestellingen binnen, die ze leveren met elektrische fietsen, in een straal van vijf kilometer. We hebben een zestigtal koeriers, die de shifts onderling verdelen. Ze zijn netjes ingeschreven en verzekerd, en we betalen niet per bestelling maar per uur. "Ons assortiment bestaat uit zo'n 300 producten: frisdrank, snacks, bier, wijn, sterke dranken, babyvoeding, wc-papier, condooms, roomijs, diepvriespizza's, enzovoort. Het typische nachtwinkelassortiment. De prijzen zijn niet hoger dan in de gewone nachtwinkel. Die marges zijn ruim genoeg om aan huis te kunnen leveren. Mijn twee vennoten en ik hebben een drukke dagjob. De Nachtkoerier is een zij-project, dat met relatief weinig inspanning is gegroeid. Eén keer hebben we flyers uitgedeeld op de Student Kick-off. Voorts moesten we het hebben van mondreclame en gerichte digitale advertising. Ik werk in een marketingbureau en weet dus hoe je een merk in de markt zet met een minimaal budget. "Op een bepaald moment werd het succes zo groot, dat we beslisten een versnelling hoger te schakelen. Ik ging vier vijfde werken, we huurden een pand in het centrum van Gent en schreven ons in voor het Birdhouse-acceleratorprogramma van Belfius. Dat leverde ons twee mentoren op, van wie we veel hebben geleerd. "Dit kan best groot worden. Deze lente starten we in Antwerpen, en als dat lukt, zullen nog steden volgen, waarom ook niet in het buitenland? Voor zover wij weten, zit het dichtstbijzijnde vergelijkbare initiatief in Barcelona." "Op mijn achttiende begon ik als dj te werken. Dat ben ik blijven doen, terwijl ik studeerde en later toen ik leerkracht was en taalvakanties organiseerde. Nooit was het mijn bedoeling in het nachtleven te blijven, maar intussen weet ik dat je die microbe niet zomaar uit je lijf krijgt. Op mijn dertigste startte ik samen met twee vennoten 't Archief in Leuven, een café dat zes dagen per week de hele nacht open is. Het was een schot in de roos. Een paar jaar later opende ik, samen met mijn vennote Bieke, het boekencafé Le Bal Infernal in Gent. Omdat ik geloofde dat het concept hier beter zou werken, en omdat ik mezelf graag uitdaag. Hier starten zonder achterban was een sprong in het duister. "Het draaide goed uit. Zodra de Bal Infernal op kruissnelheid was, voelde ik alweer de drang naar iets nieuws, naar het nachtleven dat ik toch miste. Dus opende ik, samen met Bieke en een andere zakenpartner, Lorenzo, het nachtcafé Zeppos op de Vlasmarkt. Die bekende uitgangsbuurt wordt als ietwat alternatief gepercipieerd, en ik vermoedde dat daar ruimte was voor een café waar je kan dansen op commerciële radiohits. "De Zeppos zit ieder weekend afgeladen vol. Mijn vennoten en ik staan dan met veel plezier zelf in de zaak, want 's nachts werken is anders dan overdag. Er hangt een speciale vibe, mensen zijn ontspannen, willen zich amuseren en zijn je dankbaar omdat je dat mogelijk maakt. Maar hoe dan ook blijft nachtwerk zwaar, én een aanslag op je gezinsleven. "Binnenkort start ik weer een nieuwe zaak. Met mijn vrouw Crist deze keer, in Oostende, alweer een stad waar ik niemand ken. Het concept ligt nog niet vast. Zeker is wel dat we enkel overdag open zullen zijn. Ik blijf dus proberen het nachtleven af te zweren, al kan ik niets garanderen." (lacht) "Sinds 1983 run ik twee varkensbedrijven in Lummen, samen goed voor 3000 dieren. Het zit in de familie: ook mijn grootvader en verschillende ooms waren varkensboeren. En mijn oudste zoon werkt mee in het bedrijf. "Maar ook de bakkersstiel zit in de familie. Mijn ouders namen de bakkerij van mijn grootvader over. Sinds tien jaar zetten mijn vrouw en ik de bakkerij in Beringen voort. Ik kende het klappen van de zweep, want ik had er nog als bakkersgast gewerkt. Mijn jongste zoon werkt nu bij mij in de bakkerij, en vier jaar geleden hebben we de zaak vernieuwd en uitgebreid met een tearoom. "In de week bakken mijn medewerkers, maar in het weekend vind ik te weinig personeel. Dan bak ik zelf, van 18 uur tot 5 uur. Daarna drink ik soms nog een pintje in een lokaal café, waarna ik ontbijt in onze tearoom. Vaak is het 8 uur wanneer ik in bed lig. "In het varkensbedrijf doen we het meeste werk overdag. Behalve het wekelijkse vervoer naar het slachthuis. Dat gebeurt 's nachts, omdat de dieren dan rustiger zijn, er dan minder verkeer is en het slachthuis verwacht dat de dieren er zijn wanneer zij 's ochtends aan het werk gaan. Zodra de dieren weg zijn, moeten wij nog de lege hokken poetsen en de overgebleven dieren verplaatsen en verzorgen. Dat zijn lange nachten. "Hoe dan ook moet ik dag en nacht paraat zijn. Een bestelde verjaardagstaart moet gebakken worden, ook als een medewerker ziek valt; en een zeug die moet bevallen, kan niet wachten. Mijn telefoon staat altijd aan. "Het lijkt voor buitenstaanders misschien een vreemde combinatie, maar ik zou niet graag moeten kiezen tussen de varkens en de bakkerij. Als bakker is het harder werken, maar tegelijk is het ook leuker, met de collega's erbij en een muziekje op de achtergrond. Bij de varkens voel ik me al snel eenzaam."