Eeuwenlang lieten Duitsers hun thuisland achter zich. Ze emigreerden naar plaatsen als de Verenigde Staten, waar het Vrijheidsbeeld hen verwelkomde onder de "verdrukte massa's smachtend naar lucht". Voor de Duitsers die thuisbleven, bleef nationaliteit een kwestie van bloed (jus sanguinis in het Latijn), veeleer dan van keuze of geboorteplaats. Die identiteit zat ingebouwd in de taal zelf. Het woord deutsch ontstond in de vroege middeleeuwen. Het betekent 'behorend tot het volk'. Tot voor kort had het woord Volk meer een etnische dan een burgerlijke connotatie. Tot op vandaag roept het adjectief völkisch een bedenkelijke racistische associatie met de nazi's op.
...

Eeuwenlang lieten Duitsers hun thuisland achter zich. Ze emigreerden naar plaatsen als de Verenigde Staten, waar het Vrijheidsbeeld hen verwelkomde onder de "verdrukte massa's smachtend naar lucht". Voor de Duitsers die thuisbleven, bleef nationaliteit een kwestie van bloed (jus sanguinis in het Latijn), veeleer dan van keuze of geboorteplaats. Die identiteit zat ingebouwd in de taal zelf. Het woord deutsch ontstond in de vroege middeleeuwen. Het betekent 'behorend tot het volk'. Tot voor kort had het woord Volk meer een etnische dan een burgerlijke connotatie. Tot op vandaag roept het adjectief völkisch een bedenkelijke racistische associatie met de nazi's op. Dat is allemaal geschiedenis en het wordt in 2016 definitief begraven. Vandaag moet Duitsland in het aantal immigranten dat het aantrekt enkel de Verenigde Staten laten voorgaan. De meesten zijn afkomstig van binnen de Europese Unie, maar velen komen van veel verder. Onder de rijke landen neemt Duitsland ook veruit de meeste vluchtelingen -- de hedendaagse 'verdrukte massa's' -- op. In 2015 waren ze met meer dan een miljoen en ook in 2016 zullen de aantallen aanzienlijk zijn. Die nieuwkomers uit Syrië, Afghanistan, Afrika en elders komen terecht in een land waar al een vijfde van de mensen 'een migratieachtergrond' heeft, zoals mensen met buitenlandse wortels in het Duitse ambtenarenjargon worden genoemd. Het gaat dan onder meer over de gastarbeiders die in de jaren vijftig en zestig voornamelijk uit Turkije, Italië en Griekenland naar West-Duitsland kwamen om er te werken, samen met hun in Duitsland geboren kinderen en kleinkinderen. Dan zijn er ook nog de ex-Joegoslaven die arriveerden tijdens de vorige grote vluchtelingencrisis in de jaren negentig, evenals Polen, Roemenen en Bulgaren, die nu vrije toegang hebben als burgers van de EU, en nog vele anderen. Uiteraard veroorzaakt een toevloed van die omvang onrust bij sommige Bio-Deutsche, het ironische slangwoord waarmee, met een woordspeling op de Duitse term voor biologisch voedsel, de Duitsers van etnisch 'zuivere' komaf tegenwoordig worden aangeduid. Velen maken zich vooral zorgen over de moslims. Zullen zij sociale normen als de gelijkheid van man en vrouw, seculiere waarden en Duitslands historische verantwoordelijkheid ten opzichte van Israël wel aanvaarden? De taak zo veel buitenlanders te integreren stelt de Duitse politiek en samenleving danig op de proef in 2016. Toch zien de meeste Duitsers wel in dat vluchtelingen asiel verdienen en dat immigranten een verrijking zijn voor het land. Tegenwoordig is de oer-Duitse snack uit het vuistje ofwel een Turkse kebab of een curryworst, een combinatie van de oer-Duitse worst met specerijen uit het Indiase subcontinent. Zowel wat de hoge als de lage cultuurvormen betreft, is Duitsland ondenkbaar geworden zonder dergelijke 'vreemde' invloeden. Toen Germany de Wereldbeker voetbal won in 1990 waren alle spelers 'bio-Duitsers'. In 2014 won die Mannschaft opnieuw, maar nu met twee spelers van Poolse afkomst in de gelederen, en anderen die namen droegen als Özil (Turks), Khedira (Tunesisch), Boateng (Ghanees) en Mustafi (Albanees). Bedrijfsleiders en beleidslui weten ook dat Duitsland immigranten nodig heeft. De bio-Duitsers maken te weinig kinderen. De nieuwe Duitsers van vandaag zullen morgen voor de ouderen zorgen en de belastingen betalen die een gulle welvaartsstaat financieren. Er is eigenlijk nog maar één hinderpaal te overwinnen om van Duitsland officieel een immigrantenland te maken, en dat is de politiek. De centrumrechtse CDU van kanselier Angela Merkel en haar conservatieve Beierse zusterpartij CSU houden vast aan het verzinsel dat Duitsland geen permanente 'immigranten' (Einwanderer) kent, maar veeleer tijdelijke 'binnenkomers' (Zuwanderer), zoals gastarbeiders die ooit weer vertrekken. Dat is een aanfluiting van de werkelijkheid, die terecht de hoon van de centrumlinkse partijen moet ondergaan. In 2014 werd een wetsaanpassing doorgevoerd die het voor de meeste kinderen die in Duitsland geboren zijn uit buitenlandse ouders, makkelijker maakt definitief beide nationaliteiten te behouden. Naast die miniliberalisering blijft Duitsland een buitenbeentje onder de rijke landen omdat het er een lappendeken van regels voor speciale toestanden (echtgenoten van Duitsers bijvoorbeeld) op nahoudt, maar helemaal geen coherente immigratiewet heeft. In 2016 komt er wel zo'n wet omdat zelfs de christendemocraten moeten toegeven dat het zonneklaar is dat Duitsland een land van immigranten is, een land van hoop en mogelijkheden voor velen die, door naar daar te komen, de ouder wordende bevolking van Duitsland levendig houden. De notie van identiteit door bloed is al lang dood. In 2016 leggen de Duitsers ze formeel te rusten en daar zijn ze bijzonder trots op.De auteur is bureauchef in Berlijn voor The Economist. Andreas Kluth