Als u een halfopen of gesloten woning wilt aanbouwen tegen een bestaand huis, kunt u de aanpalende muur overnemen, of er een nieuwe muur naast bouwen. U overlegt het beste met uw architect voordat u een beslissing neemt. Hij kan beoordelen of de bestaande muur in goede staat is en hij weet welke gevolgen een gemeenschappelijke muur kan hebben voor de gehorigheid van uw woning. Het is vaak goedkoper de muur van uw buur over te nemen dan een nieuwe op te trekken. Maar houd er rekening mee dat u enkele centimeters ruimte verliest als u een nieuwe muur bouwt.
...

Als u een halfopen of gesloten woning wilt aanbouwen tegen een bestaand huis, kunt u de aanpalende muur overnemen, of er een nieuwe muur naast bouwen. U overlegt het beste met uw architect voordat u een beslissing neemt. Hij kan beoordelen of de bestaande muur in goede staat is en hij weet welke gevolgen een gemeenschappelijke muur kan hebben voor de gehorigheid van uw woning. Het is vaak goedkoper de muur van uw buur over te nemen dan een nieuwe op te trekken. Maar houd er rekening mee dat u enkele centimeters ruimte verliest als u een nieuwe muur bouwt. Neemt u de muur over, dan moet u uw buur daarvoor vergoeden. U moet hem de helft van de waarde van de muur betalen -- met inbegrip van de funderingskosten en de grondwerken die nodig zijn om de muur op te trekken. Staat hij volledig op het perceel van uw buur, dan moet u ook de helft van de grondwaarde betalen. Om de waarde vast te stellen, kunt u een beroep doen op een architect of een landmeter. Die houden rekening met de ouderdom en de slijtage van de muur. Raakt u het niet eens over de prijs, dan kan de rechtbank de knoop doorhakken. Neemt u de muur over, dan moet u daarover een schriftelijke overeenkomst afsluiten met uw buur. Dat contract moet u bovendien laten registreren. U bent registratierechten verschuldigd op de prijs die u betaalt. Laat de overeenkomst zeker overschrijven op het hypotheekkantoor, zodat ze kan worden ingeroepen tegen derden. U kunt zelf bepalen of u een muur overneemt of niet. Maar op die regel gelden uitzonderingen. In steden en voorsteden kan een buur u toch verplichten een gemeenschappelijke muur op te richten. Hij moet wel uw toestemming vragen voordat hij met de bouw begint. Als u weigert, kan de buur naar de rechtbank stappen om te eisen dat u daaraan bijdraagt. Bij een discussie of een gebied stedelijk, voorstedelijk of plattelands is, heeft de rechtbank het laatste woord. Neemt u de muur niet over, dan mag u er geen gebruik van maken. Doet u dat toch -- bijvoorbeeld als steun- of draagmuur voor uw woning of door uw muur eraan te verankeren -- dan kan uw buur u alsnog dwingen de muur over te nemen. Strikt genomen zou hij uw bouwwerken zelfs kunnen laten stilleggen in afwachting van de overname. Als een buur een muur overneemt en die dus gemeenschappelijk wordt, zijn beide buren samen de eigenaar van de hele muur, en dus niet alleen van het deel aan hun kant. De wet geeft de eigenaars van een gemeenschappelijke muur een aantal rechten en legt hun verplichtingen op. Ze mogen gebruikmaken van de muur om er balken in te laten steunen, op 54 millimeter na. Wil de andere buur later op die plaats ook een balk aanbrengen, dan mag hij de eerste balk tot de helft van de muur inkorten. Iedere eigenaar mag de gemeenschappelijke muur verhogen, als hij dat doet op zijn kosten en hij het hogere gedeelte zelf onderhoudt. Bovendien moet hij een vergoeding betalen aan zijn buur, omdat de bouw een last betekent en de verhoging de muur zwaarder belast. Beide buren kunnen aan een gemeenschappelijke muur oppervlakkige werken laten uitvoeren, bijvoorbeeld er spijkers inslaan of de muur verhuren om er reclameborden tegen te plaatsen. De voorwaarde is wel dat die ingrepen geen schade veroorzaken. Voor ingrijpende werken is toestemming van de buur vereist. Denk bijvoorbeeld aan het aanbrengen van een raam in de gemeenschappelijke muur. Bij twijfel vraagt u het beste aan uw architect of u toestemming moet vragen. De onderhouds- en herstellingskosten van een gemeenschappelijke muur moeten door beide buren worden gedragen op basis van hun aandeel in de muur. Doorgaans neemt ieder de helft van die kosten op zich. Is de herstelling nodig door een fout van de andere buur, dan moet die alleen opdraaien voor de kosten. Gaat het om werken die alleen in het belang van uw buur zijn en waar u zelf geen nut van hebt, dan hoeft u niet bij te dragen in de kosten. Voordat u herstellingen laat uitvoeren aan een gemeenschappelijke muur, doet u er verstandig aan het akkoord van uw buurman te vragen. Doet u dat niet, dan riskeert u dat hij weigert te betalen. Wil uw buur niet over de brug komen, dan richt u zich het beste tot de vrederechter. Zet het akkoord op papier, om latere discussies te vermijden. JAN ROODHOOFT EN JOHAN STEENACKERS