Even zag het ernaar uit dat de ontslagnemende premier Guy Verhofstadt ( VLD) een wensdroom kon realiseren. De afschaffing van de ministeriële kabinetten was ooit een thema in zijn politieke pamfletten. Samen met zijn socialistische collega Luc Van den Bossche (Ambtenarenzaken) was de premier de stuwende kracht achter het Copernicusplan, dat de administratie moest verzakelijken en depolitiseren, en de kabinetten afslanken. Verhofstadt II moest dat werk voltooien.
...

Even zag het ernaar uit dat de ontslagnemende premier Guy Verhofstadt ( VLD) een wensdroom kon realiseren. De afschaffing van de ministeriële kabinetten was ooit een thema in zijn politieke pamfletten. Samen met zijn socialistische collega Luc Van den Bossche (Ambtenarenzaken) was de premier de stuwende kracht achter het Copernicusplan, dat de administratie moest verzakelijken en depolitiseren, en de kabinetten afslanken. Verhofstadt II moest dat werk voltooien. Het mocht niet zijn. Vorige week bleek dat het verzet van zowat alle partijen tegen de afschaffing van "hun" kabinetten te groot is. Politici hebben blijkbaar te weinig vertrouwen in een neutrale administratie en willen zelf de handen aan het beleidsroer houden. Dat is begrijpelijk, want de politieke partijen duwden die administratie vol met hun eigen mensen. Trends berekende dat 38 % van de toplui van de politieke kabinetten onder Verhofstadt I intussen zijn weg vond naar de administratie, de overheidsbedrijven of aanverwante instellingen en internationale organisaties. Bij onze berekening hielden we alleen rekening met het aantal kabinetschefs en adjunct-kabinetschefs van de ministers van Verhofstadt I. Ministers wier bevoegdheid volledig werd geregionaliseerd ( Jaak Gabriëls, Rudy Demotte), staatssecretarissen en regeringscommissarissen hebben we niet meegeteld. Bij dit segment politici was er een groot verloop van bevoegdheden en dus van personeel, en dat zou de telling vervalsen. Als een adjunct-kabinetschef promoveert tot kabinetschef, tellen we alleen de laatste functie. In totaal "versleten" de ministeriële kabinetten zo'n 104 toplui in de jongste regeerperiode. Daarvan gingen er veertig naar de overheidsdiensten en aanverwante instellingen. Bij de kabinetschefs lag dat cijfer zelfs hoger dan 50 %. Voor alle duidelijkheid: het is niet omdat deze dames en heren benoemd werden, dat dit om louter politieke redenen gebeurde. Bekwaamheid speelt normaal gezien een rol. "Kabinetsleden weten nu eenmaal goed hoe ze de cultuur van de nieuwe werkomgeving moeten inschatten, en dat geeft hen een stapje voor op andere kandidaten voor een (semi-)politieke functie," aldus Jan Donckers van KPMG Executive Search & Selection, die ook voor de overheid en met (gewezen) kabinetsleden en ambtenaren werkt. "Een kabinet is een goede voorbereiding op een échte job, ook in de privé trouwens. Stressbestendigheid, efficiëntie, communicatie, emotionele intelligentie - je leert het er allemaal. De kleur van het kabinet speelt trouwens geen rol. Uiteindelijk geldt voor een bedrijf of een organisatie op de eerste plaats of je een bepaalde opdracht kunt vervullen, wat die ook is." Het valt op dat er grote tegenstellingen tussen de partijen bestaan in de mate waarin de kabinetstoplui overstappen naar de overheid. Bij alle Waalse partijen - de grootste voorstanders van het behoud van de kabinetten - ligt het percentage gevoelig hoger dan bij hun Vlaamse geestesgenoten. Opvallend is ook dat de liberale ministers - in een soort van inhaalbeweging? - meer benoemingen deden dan de socialisten. De groene kabinetsleden keren het meest terug naar hun oude stek nadat hun partij uit de regering werd gestemd. In de komende weken zullen de kabinetten - in welke vorm ook - weer worden bemand met nieuwe krachten. "Mocht ik jonger zijn, ik zou niet twijfelen en de stap zetten," aldus Donckers. "Voor een jonge, pas afgestudeerde kracht, die bovendien nog maatschappelijk bevlogen is, is het kabinet een pracht van een leerschool. Weinigen krijgen zo vroeg de kans om dicht bij de macht iets concreet te realiseren. Dat visitekaartje kan tellen."De jacht is open. Hans Brockmans / Met medewerking van Dirk Van De Voorde en Fanny Coppens