De auteur is advocaat en hoofdredacteur van Fiscoloog.
...

De auteur is advocaat en hoofdredacteur van Fiscoloog. De emancipatie van de vrouw is op het gebied van de inkomstenbelastingen al vele jaren een verworven recht. Man en vrouw worden in principe op gelijke voet behandeld. De idee dat de man op fiscaal gebied automatisch het gezinshoofd zou zijn, is vele jaren geleden al verlaten. Maar op het gebied van de bedrijfsvoorheffing is van die oude gewoonte toch nog iets blijven bestaan. Dat heeft te maken met de situatie waarin de beide echtgenoten beroepsinkomsten hebben. De vraag is dan aan wie van beiden - op het gebied van de bedrijfsvoorheffing - de verminderingen wegens gezinslasten worden toegekend. Die bestaan in hoofdzaak uit de vermindering wegens de kinderen die ten laste zijn, de vermindering wegens de persoonlijke handicap van de belastingplichtige enzovoort. De regel luidt totnogtoe dat de verminderingen van de bedrijfsvoorheffing voor gezinslasten automatisch aan de man worden toegekend. Behalve wanneer het gaat om de vermindering wegens de persoonlijke handicap van de betrokken echtgenoot. Die wordt altijd aan de gehandicapte echtgenoot zelf toegekend. Huwelijk. Die regeling wordt nu - met ingang van 1 april 2003 - verlaten. Voortaan moeten de echtgenoten zelf uitmaken aan wie de verminderingen van de bedrijfsvoorheffing wegens gezinslasten worden toegekend. Aan de man, of aan de vrouw. Of beter gezegd, aan de ene echtgenoot of aan de andere echtgenoot. Het parlement heeft onlangs immers beslist dat het huwelijk binnenkort ook openstaat voor partners van hetzelfde geslacht. Twee mannen of twee vrouwen kunnen vandaag weliswaar al een verklaring van wettelijk samenwonen afleggen bij de ambtenaar van de burgerlijke stand. Maar het wettelijk samenwonen is geen volwaardig huwelijk. Ook op fiscaal gebied wordt het (totnogtoe) niet als een huwelijk beschouwd. Met ingang van het aanslagjaar 2005 (inkomsten van 2004) worden wettelijk samenwonenden voor de toepassing van de inkomstenbelastingen weliswaar met gehuwden gelijkgesteld (zodat ze bijvoorbeeld ook toegang krijgen tot het huwelijksquotiënt). Maar het blijft slechts een fiscale gelijkstelling, waarvan de gevolgen beperkt blijven tot het terrein waarvoor de gelijkstelling geldt (in casu de inkomstenbelastingen). Door het huwelijk open te stellen voor partners van hetzelfde geslacht zullen zij zonder meer - op bijna alle terreinen van het recht, en dus ook op fiscaal gebied - als echtgenoten aan te merken zijn. Keuze. Echtgenoten die beiden bedrijfsinkomsten hebben, moeten voortaan dus kiezen aan wie van beiden de vermindering wegens gezinslasten op het gebied van de bedrijfsvoorheffing zal worden toegekend. Zonder dat de fiscus nog voorrang geeft aan de ene of aan de andere echtgenoot. De enige uitzondering betreft - zoals vandaag - de belastingvermindering wegens de persoonlijke handicap van de betrokken echtgenoot. Die wordt ook in de toekomst altijd aan de gehandicapte echtgenoot zelf toegekend. Attest. De nieuwe regeling heeft voor de werkgever belangrijke consequenties. Hij mag de verminderingen van de bedrijfsvoorheffing wegens gezinslasten niet langer zonder meer aan de man toestaan. Hij zal er zich van moeten vergewissen dat de echtgenoot die de toepassing van de belastingverminderingen wegens gezinslasten vraagt, daar wel degelijk recht op heeft. Dit zal gebeuren aan de hand van een verklaring (waarvan het model inmiddels door de administratie is vastgesteld). In die verklaring zullen de echtgenoten uitdrukkelijk moeten aanduiden aan wie van hen beiden de verminderingen zullen worden toegekend, en zal de andere echtgenoot ook uitdrukkelijk aan de toepassing van die verminderingen moeten verzaken. De echtgenoot die in de verklaring is aangeduid als gerechtigde op de vermindering, zal die verklaring aan zijn werkgever moeten overhandigen. Die zal de vermindering op zicht daarvan kunnen toepassen. Omgekeerd volgt hieruit dat een werkgever voortaan in principe geen verminderingen van de bedrijfsvoorheffing wegens gezinslasten meer mag toestaan (behoudens wegens persoonlijke handicap van de betrokken echtgenoot), tenzij hij in het bezit is van de voormelde verklaring. Overgang. De nieuwe regeling geldt, zoals gezegd, met ingang van 1 april van dit jaar. Maar de administratie heeft inmiddels besloten een overgangsperiode in te lassen. Tot eind dit jaar mogen de werkgevers alles bij het oude laten, en de verminderingen dus nog altijd automatisch aan de man toestaan. Tenzij zijn vrouw met een verklaring zwaait waarin het recht op de belastingverminderingen wegens gezinslasten aan haar zou zijn toebedeeld; dan is de werkgever ook in de overgangsperiode al verplicht om de verminderingen aan haar toe te staan. En wat dan met de man? Hoe weet diens werkgever dat de verminderingen niet langer aan hem mogen worden toegestaan? Met ingang van 1 januari 2004 is dat geen probleem. Vanaf dan mag de werkgever de verminderingen nog slechts toestaan op zicht van de voormelde, passend ingevulde verklaring. In de overgangsperiode zal de werkgever moeten rekenen op de eerlijkheid van de man. De administratie verwacht van hem dat hij zijn werkgever inlicht, zodra hij een verklaring ondertekent waarin hij zijn vrouw als gerechtigde op de verminderingen aanduidt. Jan Van DyckDe werkgever zal de verminderingen nog slechts mogen toestaan op zicht van een 'verklaring'.