Behalve in Geel was het een fait-divers dat vrijwel nergens de hoofdpunten van het Belgische nieuws haalde: het regionale weekblad Het Nieuwsblad van Geel vierde dit jaar zijn 150ste verjaardag. Daarmee is de weekkrant een van de oudste media van België. Maar Het Nieuwsblad van Geel is vooral een van de weinige regionale nieuwskranten die erin geslaagd zijn te overleven zonder de steun van een grote mediagroep. Gelet op de slabakkende reclamemarkt en de toenemende concurrentie, is dat een hele prestatie.
...

Behalve in Geel was het een fait-divers dat vrijwel nergens de hoofdpunten van het Belgische nieuws haalde: het regionale weekblad Het Nieuwsblad van Geel vierde dit jaar zijn 150ste verjaardag. Daarmee is de weekkrant een van de oudste media van België. Maar Het Nieuwsblad van Geel is vooral een van de weinige regionale nieuwskranten die erin geslaagd zijn te overleven zonder de steun van een grote mediagroep. Gelet op de slabakkende reclamemarkt en de toenemende concurrentie, is dat een hele prestatie. Ooit waren regionale nieuwsmagazines de belangrijkste bron van lokaal nieuws. Toen kwamen de audiovisuele media, die veel sneller op de bal kunnen spelen. Bovendien hebben alle Vlaamse kranten fors geïnvesteerd in regionale berichtgeving. Dat moest onder meer Het Vrije Waasland ondervinden. Die regionale nieuwskrant ging in 2001 voor de tweede keer failliet, maar werd een jaar later opnieuw gelanceerd door de Oost-Vlaamse uitgeverij Meta Media ( Maxim, Menzo, Motoren & Toerisme) en de Wase zakenman Walter Verbraeken. Al na enkele weken hield Het Vrije Waasland het opnieuw voor bekeken. De titel slaagde er niet in de vooropgestelde verkoop van 5000 exemplaren te realiseren en leidt nu een onopvallend bestaan als gratis huis-aan-huisblad met een oplage van 134.000 exemplaren. Ook ConcentraMedia kwam snel terug op zijn experiment. Eind 2000 lanceerde de Limburgse uitgeverij De Nieuwe Koerier, met regionale edities in Tongeren, Sint-Truiden en Maaskant. Al na een zestal edities werd duidelijk dat het project niet levensvatbaar was. Hoe komt het dan dat een dinosaurus als Het Nieuwsblad van Geel nog steeds bestaat? "Wij hebben een heel lange traditie, en dat is niet hetzelfde als 150 jaar bestaan," zegt Dirk Kennis, die het blad sinds 1984 leidt. "We hebben een aantal grote veldslagen - waaronder ook twee wereldoorlogen - overleefd, tot we ons in het midden van de jaren tachtig op de drempel van de moderne tijden bevonden." Kennis wijst er bovendien op dat de insteek van nationale kranten helemaal verschilt van de regionale nieuwskranten. "Met een boutade zeg ik altijd dat wat voor de kranten een titel is, bij ons een voetnoot is," aldus de hoofdredacteur. "Dat is het typische verschil tussen een dagblad en een weekblad, maar bovendien zijn wij 'Geelser' dan de kranten en hebben meer oog voor samenhang."Het Nieuwsblad van Geel werd opgericht in 1853 door een katholieke drukkersfamilie uit Turnhout die haar actieterrein wilde uitbreiden naar Geel. De regionale nieuwskrant telde toen amper vier pagina's met zowel lokaal als internationaal nieuws. In 1892 kwam het bedrijf in handen van de drukkersfamilie Rombouts, die de krant tot 1974 leidde. Toen werd Het Nieuwsblad van Geel overgenomen door Aloïs Meeus. De nieuwe uitgever haalde de ondertitel 'katholiek weekblad' van de voorpagina en slaagde er zo in een breder publiek aan te spreken. Vandaag realiseert Het Nieuwsblad van Geel een wekelijkse verkoop die tussen 5000 en de 5500 exemplaren schommelt, waarvan 70 % tot 75 % abonnementen. De weekkrant telt tussen de tien en de zestien pagina's, waarvan ongeveer 40 % wordt ingenomen door reclame. Met die cijfers is Het Nieuwsblad van Geel rendabel, vooral omdat het nauwelijks te lijden heeft onder de slabakkende reclamemarkt. "We mikken vooral op de lokale en vaak kleinschalige adverteerders," zegt Kennis. "Natuurlijk hebben we een paar adverteerders met nationale uitstraling, maar dan gaat het vooral om automerken die een bepaalde concessiehouder willen steunen." Een vergelijkbaar verhaal horen we ook bij De Eecloonaar, de oudste regionale nieuwskrant van het land. De Eecloonaar werd opgericht in 1848, niet lang na de afschaffing van de dagbladzegel. "Dat we nu nog bestaan, heeft te maken met onze lange traditie en onze structuur," zegt hoofdredacteur Geert Willemarck. "De Eecloonaar is een uitgave van een familiale uitgeverij die ook huis-aan-huisbladen uitgeeft, waardoor we een pak afschrijvingen over verschillende titels kunnen verdelen." De Eecloonaar heeft twee vaste medewerkers, van wie er één halftijds werkt, en wordt voorts gedragen door een netwerk van freelancers die vaak gratis hun bijdragen leveren. De krant telt ongeveer veertig pagina's, inclusief tv-programma's. "Uit een enquête is gebleken dat veel mensen geen enkele andere krant of een ander magazine lezen," aldus Willemarck. Amper 15 % van de ruimte wordt ingenomen door reclame. "Dat is zelfs nog een stuk meer dan vroeger. De uitgeverij heeft in de jaren zeventig de huis-aan-huisbladen gelanceerd om reclame te weren uit De Eecloonaar." Met een oplage van 7500 exemplaren, die bijna week na week volledig is uitverkocht, is de krant rendabel. De productiekosten van regionale nieuwskranten zijn vaak erg laag en meestal worden ze gedrukt op de persen van een familiale drukkerij. Bovendien tappen ze uit een advertentievaatje dat niet of nauwelijks onderhevig is aan de geopolitieke evoluties. Toch blijkt het voor de meeste kranten onmogelijk om te overleven zonder de steun van een grote uitgeverij. Dat is onder meer het geval voor De Krant van West-Vlaanderen, de grootste in zijn soort. Eigenlijk is die titel een verzameling van verschillende regionale kranten - een uitgave van Roularta Media Group, ook uitgever van Trends - , waarvan sommige meer dan honderd jaar oud zijn. Historisch is West-Vlaanderen een voedingsbodem voor regionale weekkranten, omdat de provincie geen eigen provinciaal dagblad heeft zoals Het Volk, De Gentenaar, Het Belang van Limburg of de Gazet van Antwerpen. Het succesverhaal van de Krant van West-Vlaanderen begon met de Roeselaarse Weekbode, die op 6 mei 1947 werd gelanceerd door de familie De Nolf. In de tweede helft van de jaren negentig werden achtereenvolgens De Zeewacht, Het Brugsch Handelsblad, Het Kortrijks Handelsblad, De Torhoutse Bode, De Tieltse Bode en uiteindelijk ook Het Wekelijks Nieuws overgenomen. "Allemaal titels die zonder de steun van Roularta Media Group verdwenen zouden zijn," zegt hoofdredacteur Noël Maes. De Krant van West-Vlaanderen telt momenteel elf regionale edities, samen goed voor een verkoop van meer dan 80.000 exemplaren. "Wij brengen zo veel mogelijk dingen die de kranten niet brengen," aldus Maes. "De regionale pagina's van de kranten zijn redelijk onstandvastig en besteden geen aandacht aan gouden bruiloften, jeugdvoetbal of minder populaire sporten zoals duivensport, vinkensport, handbal of krachtbal. Dat zijn onderwerpen die wij met De Krant van West-Vlaanderen wel opvolgen." In 1999 nam Roularta de huis-aan-huisbladen van Uitgeverij De Cuypere onder zijn vleugels, waardoor het ook de betalende Gazet van Zele aan zijn actief kon toevoegen. Even zag het ernaar uit dat de West-Vlaamse mediagroep een 'Krant van Oost-Vlaanderen' zou uitbouwen rond de Oost-Vlaamse Media Groep, maar die plannen staan op een laag pitje. "Natuurlijk hebben we al Oost-Vlaamse uitgevers over de vloer gehad, maar het zou veel inspanningen vergen om een dergelijk project in Oost-Vlaanderen uit de grond te stampen," zegt Rik De Nolf, gedelegeerd bestuurder van Roularta. "Wij focussen ons liever op West-Vlaanderen." Hans SterkendriesRegionale kranten tappen uit een advertentievaatje dat niet of nauwelijks onderhevig is aan de geopolitieke evoluties.