Een burgerlijke maatschap is een eenvoudig, goedkoop en discreet instrument om een roerend vermogen over te dragen naar de volgende generatie. Het is een soort grote pot in mede-eigendom, waarover vooraf regels worden afgesproken. Door de maatschap te combineren met een schenking kunt u een perfecte successieplanning uitwerken, waarbij u de inkomsten uit uw beleggingsportefeuille, uw vastgoedvennootschap, uw familiebedrijf, uw holding of een belangrijk pakket aandelen blijft krijgen en tegelijk de controle erover behoudt.

Juridisch is een maatschap een vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid. Er is geen boekhouding vereist en de fiscus heeft er geen probleem mee. De maatschap kan onderhands worden opgericht. Er is geen publicatie in het Belgisch Staatsblad vereist. De statuten kunnen op maat worden gemaakt. Ze kunnen de controle volledig leggen bij de statutaire zaakvoerders -- de ouders -- zonder dat die rekening hoeven te houden met allerlei vervelende wettelijke bepalingen.

Vanwege die discretie en de grote vrijheid bij het opmaken van de statuten is de maatschap het meest gebruikte controlemiddel bij een successieplanning. Maatschappen worden ofwel na, ofwel voor de schenking opgericht.

Eerst schenken, dan de maatschap

De ouders schenken eerst een deel van hun vermogen aan hun kinderen, dat ze nadien willen blijven controleren via de maatschap. Die schenking kan gebeuren voor een Belgische notaris, en voor roerende goederen voor een Nederlandse notaris. Voor geld en effecten kan dat via een bankgift, voor tastbare goederen (zoals een kunstverzameling) via een handgift. Stel dat de ouders twee meerderjarige kinderen en een portefeuille van 400.000 euro hebben. Via een bankgift schenken ze aan hun kinderen 99 procent van de portefeuille, ze behouden 1 procent. Daarna richten ze samen een maatschap op. De ouders brengen hun deel in, de kinderen ieder hun 49,5 procent. Toch beslissen de ouders als onafzetbare statutaire zaakvoerders over bijna alles.

Eerst de maatschap, dan schenken

Een andere mogelijkheid is dat de ouders de maatschap alleen oprichten. Ze brengen hun portefeuille van 400.000 euro in. Ze krijgen ieder de helft van de delen van de maatschap en stellen de statuten op maat op. Daarna schenken ze hun delen aan hun kinderen. De delen van de maatschap zijn op naam, waardoor de schenking moet gebeuren via een notariële akte. Wie geen schenkingsrechten wil betalen, kan de schenking voor een Nederlandse notaris doen, maar de schenker moet dan nog drie jaar in leven blijven. De overdracht van een economisch actieve familievennootschap gebeurt het beste via een Belgische notaris. De tarieven daarvoor bedragen 0 procent in Vlaanderen en Wallonië (3 % in Brussel), als aan bepaalde voorwaarden is voldaan.

Als een van de kinderen minderjarig is, moet voor deze methode worden gekozen. Een minderjarige kan geen inbreng doen in een maatschap.

Verschil in kostprijs

De schenking vooraf kan gebeuren via een hand- of bankgift. Dat is kosteloos. De oprichting van een maatschap kost ongeveer 3000 euro. Als u kiest voor de schenking na de oprichting van de maatschap, moet u meer betalen. Boven op de kosten van de oprichting van de maatschap, komt nog eens 3000 euro voor de Nederlandse schenkingsakte. Een Nederlandse notaris is geen Belgische jurist of fiscalist. Om fouten te vermijden, is het raadzaam dat een Belgische fiscale jurist de documenten controleert.

De inkomsten behouden

De winst uit de schenking wordt uitgekeerd volgens het aantal delen. In ons voorbeeld krijgen de ouders die kiezen voor de voorafgaande schenking 1 procent van de uitgekeerde winst, de kinderen ieder 49,5 procent. Ze mogen sleutelen aan die verhouding, zodat de ouders bijvoorbeeld 10 procent van de winst krijgen en de kinderen 40 procent. Maar overdrijven mag niet. De ouders kunnen een last tot afstand van de vruchten of een jaarlijkse rentelast opleggen. Zo behouden ze de controle en ook een zeker inkomen.

Bij de schenking na de oprichting zitten de ouders in een comfortabelere positie, omdat ze als vruchtgebruiker recht hebben op de vruchten en alle uitgekeerde inkomsten. In de praktijk wordt in de Nederlandse schenkingsakte het vruchtgebruik gedefinieerd, bijvoorbeeld als a) dividenden en intresten, b) de meerwaarde van het afgelopen kalenderjaar, of c) 3 procent. In de schenkingsakte wordt bepaald dat de vruchtgebruiker elk jaar kan kiezen tussen a, b of c. Dat is handig als de rente laag is of in jaren dat de beurs slecht presteert. Het vruchtgebruik is een zakelijk recht dat wordt vastgesteld in een notariële akte, zodat het gemakkelijk afdwingbaar is.

Het stemrecht

Bij de voorafgaande schenking behouden de statutaire zaakvoerders ieder 0,5 procent van de maatschap. In de praktijk leggen de statuten bijna alle macht bij hen. De algemene vergadering neemt doorgaans slechts een beperkt aantal beslissingen -- bijvoorbeeld de benoeming van de statutaire zaakvoerders of de wijziging van de statuten. De meeste statuten leggen een unanieme meerderheid op, zodat de ouders hun afzetting of een statutenwijziging kunnen tegenhouden.

Bij de schenking na de oprichting wordt doorgaans in de statuten bepaald dat de vruchtgebruiker het stemrecht van de delen heeft, zodat de ouders alle beslissingsmacht hebben. Ze kunnen ook zonder problemen de statuten veranderen. Dat kan op termijn handig zijn. Een maatschap wordt vaak opgericht als de ouders rond de zestig jaar zijn, maar de statuten moeten vaak nog twintig jaar meegaan. In die periode kan veel veranderen.

Discreet tot na het overlijden

De maatschap is discreet omdat ze onderhands wordt opgericht en er geen publicatieverplichting is. Daardoor ontdekt de fiscus de maatschap pas nadat een van de vennoten is overleden. Na het overlijden van een van de ouders valt zijn deel van de maatschap in de nalatenschap en moeten er successierechten op worden betaald. In ons voorbeeld van de voorafgaande schenking moet daardoor 0,5 procent van de maatschap worden aangegeven. Na het overlijden worden de rekeningen van de maatschap geblokkeerd. Een maatschap heeft geen rechtspersoonlijkheid en de rekeningen vallen dus toe aan de andere vennoten. Dat leidt soms tot vervelende situaties.

Bij de schenking na de oprichting van de maatschap dooft het vruchtgebruik uit, zodat de kinderen de volle eigendom krijgen zonder successierechten te betalen. In dat geval worden de rekeningen niet geblokkeerd. Het uitdoven van het vruchtgebruik moet worden vermeld in de aangifte van de nalatenschap. De fiscus krijgt daarbij in principe geen zicht op de waarde van de burgerlijke maatschap.

Johan Adriaens

De statuten van de maatschap kunnen de controle volledig leggen bij de statutaire zaakvoerders, de ouders.