Centrale bankiers beschikken over jaren ervaring, slimme economen en tonnen statistieken. Ze hebben de inflatie getemd en weten met behoorlijk succes de economie naar maximale output te gidsen. Maar wat Bernanke, Trichet en collega's misschien nooit de baas kunnen, zijn de animal spirits op de markten, de grenzeloze hebzucht en de dollartekens in de ogen van de belegger. Het menselijk gedrag laat zich nu eenmaal niet opsluiten in een economisch model, maar toch vertrekken de bankiers vanuit de premisse dat u en ik altijd en overal rationeel handelen. Quod non.
...

Centrale bankiers beschikken over jaren ervaring, slimme economen en tonnen statistieken. Ze hebben de inflatie getemd en weten met behoorlijk succes de economie naar maximale output te gidsen. Maar wat Bernanke, Trichet en collega's misschien nooit de baas kunnen, zijn de animal spirits op de markten, de grenzeloze hebzucht en de dollartekens in de ogen van de belegger. Het menselijk gedrag laat zich nu eenmaal niet opsluiten in een economisch model, maar toch vertrekken de bankiers vanuit de premisse dat u en ik altijd en overal rationeel handelen. Quod non. De centrale bankiers oogsten daarom nu wat ze jarenlang gezaaid hebben. De voorbije jaren voerden ze een expansieve geldpolitiek om de economie op toerental te houden. De bankiers dachten dat investeerders wel wijs zouden omspringen met makkelijk geld. Deze crisis leert anders en is daarom een bijzonder wijze les om te onthouden. De lakse manier waarop in Amerika hypotheekkredieten werden toegekend en de onbezonnen manier waarop investeerders met de hoogste reputatie er hun geld in staken, tart de verbeelding. Dat de risico's eindeloos werden verknipt en doorverkocht, zette nog meer aan tot financiële waaghalzerij. Het risicopiramidespel is voorbij, de idioten aan de top breken hun nek. "Wie zijn billen brandt, moet op de blaren zitten," was de eerste reactie van de centrale bankiers. Die reactie is logisch en gezond, want ze ontraadt roekeloos gedrag, verplicht beleggers om hun huiswerk te maken en behoedt de economie voor een slechte allocatie van schaarse middelen. Maar Bernanke & co. kunnen deze houding niet lang volhouden in tijden van crisis. Komt het financiële systeem in het gedrang, zoals nu, dan hebben ze geen andere keuze dan tussenbeide te komen. Dat is een van hun basistaken. Een escalerende crisis kost te veel geld. In de jaren dertig gingen de centrale bankiers nog schromelijk in de fout, waardoor de Grote Depressie nu met hoofdletters wordt geschreven. Als de Amerikaanse economie dreigt uit te glijden over de hypotheekcrisis, zal Ben Bernanke geen seconde aarzelen om nog meer tussenbeide te komen én de rente te verlagen. Maar elke interventie zaait de kiem van de volgende crisis. Door een vangnet te spannen, moedigen de centrale bankiers het roekeloze gedrag van de beleggers aan. Door te blussen, steken ze de volgende brand aan. Een schuldencrisis te lijf gaan door nog meer schulden in het systeem te pompen, is geen structurele oplossing. Er is een uitweg uit deze impasse. Centrales bankiers moeten meer inspanningen doen om een crisis te voorkomen. Dat betekent dat ze in de goede tijden meer moeten opboksen tegen de euforie door bijvoorbeeld een expansieve kredietgroei tot de orde te roepen. Het is geen makkelijke taak om de kraan dicht te draaien wanneer het feest op gang komt. Daar maak je je niet populair mee. Maar net daarom hebben de centrale bankiers een onafhankelijk statuut gekregen. Japan liet het in de jaren tachtig te ver komen en kampt nu nog altijd met de kater. Hopelijk komt het Westen er deze keer nog met een paar aspirientjes vanaf. Daan Killemaes