Met Little Fashion Week heeft België zijn eerste vakbeurs voor kindermode. Maar voor organisatrice Sandrine Bouillon is de vakbeurs meer dan een plek waar ontwerpers hun nieuwe collectie uit de doeken doen. Ze wil ontwerpers -- en vooral nieuw talent -- meer zichtbaarheid geven, zodat ze meer kansen hebben om door modemerken te worden opgepikt. "Velen van hen werken alleen. Ze leveren handwerk van hoge kwaliteit af en ik wil hen de aandacht geven die ze verdienen", zegt Bouillon. "Vaak hebben ze het budget niet om op grote beurzen te staan. Het standgeld voor Playtime, een internationale kindermodebeurs in Parijs, bedraagt 10.000 euro. Voor Maison et Objet, ook in Parijs, is dat zelfs 30.000 euro."
...

Met Little Fashion Week heeft België zijn eerste vakbeurs voor kindermode. Maar voor organisatrice Sandrine Bouillon is de vakbeurs meer dan een plek waar ontwerpers hun nieuwe collectie uit de doeken doen. Ze wil ontwerpers -- en vooral nieuw talent -- meer zichtbaarheid geven, zodat ze meer kansen hebben om door modemerken te worden opgepikt. "Velen van hen werken alleen. Ze leveren handwerk van hoge kwaliteit af en ik wil hen de aandacht geven die ze verdienen", zegt Bouillon. "Vaak hebben ze het budget niet om op grote beurzen te staan. Het standgeld voor Playtime, een internationale kindermodebeurs in Parijs, bedraagt 10.000 euro. Voor Maison et Objet, ook in Parijs, is dat zelfs 30.000 euro." "Met Little Fashion Week brengen we de kindermode terug naar Brussel", vertelt Bouillon. "België is het bastion van de kindermode. Het allereerste kindersalon, KidsWear, werd in 1990 in Brussel georganiseerd." Op de nieuwe beurs staan 75 bekende en onbekende ontwerpers, illustrators en meubelontwikkelaars die actief zijn in het kindersegment. "Inkopers en distributeurs uit binnen- en buitenland komen de collecties bekijken. De kleding wordt op catwalks geshowd en tussen die shows lassen we pauzes in, zodat de kopers in de kleedkamers met de ontwerpers en de collecties kunnen kennismaken, en hun bestellingen kunnen plaatsen." Op de laatste dag opent Little Fashion Week haar deuren voor het grote publiek. De beursbezoekers kunnen de overblijvende collectiestukken dan tegen voordelige prijzen op de kop tikken. De ontwerpers kunnen een vakbeurs zoals Little Fashion Week goed gebruiken, vindt Bouillon. "Door mijn contacten met modedesigners weet ik dat ze het allemaal moeilijk hebben om hun kleding te produceren. Ze zien ateliers sluiten, waardoor ze hun ontwerpen niet kunnen laten uitvoeren. Dat is voor hen een drama. Een jonge ontwerpster vertelde me dat ze een bestelling van 600 euro moest laten schieten. Ze kon onmogelijk alles alleen maken, maar de productie uit handen geven was te duur." Zelf moet Bouillon voor de organisatie ook op goodwill rekenen. Het is de eerste keer dat ze zich aan een beurs waagt. Bouillon komt uit de wereld van de haute couture. Op haar zeventiende verliet ze Luik om in Parijs kunststudies te volgen. Ze bleef er wonen en belandde als personal shopper bij modehuizen als Giorgio Armani, Lanvin en later bij de boetiek Printemps Haussman. Na de geboorte van haar zoon keerde ze naar België terug. Door hem leerde ze de kindermode kennen. "Ik heb het geluk dat ik kan rekenen op gepassioneerde mensen die zich vrijwillig inzetten voor de beurs. Voor de decoratie kan ik rekenen op Frederic Tabary, die designer is bij de decoratieketen Maisons du Monde. Verder krijg ik hulp van Jean Van Damme, de eventmanager van Tour & Taxis en een partner van de Little Fashion Week, en van technisch directeur Xavier Antoine. Zelf verdien ik geen geld met de beurs. Mijn vzw Milk & Chocolat richtte ik speciaal voor de beurs op. Ik kreeg 18.000 euro van de federale en de Waalse regering. De locatie in Tour & Taxi huren we voor 15.000 euro, de techniek kost 20.000 euro en we betalen 30.000 euro voor de stands en het materiaal. Dan is het wel duidelijk dat alle hulp welkom is. Geld voor een catalogus of de receptie is er niet." "Ik hoop dat de eerste editie een groot succes wordt en dat de stad Brussel dan mee investeert in de organisatie. Als ik over meer fondsen zou beschikken, kan ik het initiatief uitbouwen tot een coöperatieve. En als we geld zouden hebben om naaisters en breisters te engageren, zou dat fantastisch zijn. Zo zouden kleine ontwerpers toch in België tegen een goede prijs kunnen produceren. Momenteel zijn er 75 standhouders, maar met wat meer steun kunnen het er 200 zijn. Daar droom ik van." Little Fashion Week vindt plaats van 28 februari tot 2 maart in Tour & Taxis. JULIE DE JONGHE, FOTOGRAFIE DEBBY TERMONIA