De foto op de kaft zet de toon : het pastorale beeld is onscherp. Prompt welt de suggestie op dat er levensgrote vragen gesteld worden bij de idylle. In zijn magistrale nieuwe roman toont Philip Roth de keerzijde van de Amerikaanse Droom.
...

De foto op de kaft zet de toon : het pastorale beeld is onscherp. Prompt welt de suggestie op dat er levensgrote vragen gesteld worden bij de idylle. In zijn magistrale nieuwe roman toont Philip Roth de keerzijde van de Amerikaanse Droom.Seymour Levov en Dawn Dwyer vormen het ideale paar. Marinier en sportheld Levov ontpopt zich tot briljant zakenman als hij de handschoenenfabriek van zijn vader overneemt. Tussendoor huwt hij Miss New Jersey, jaargang 1949. Hun leven is beslist te saai voor een soap, laat staan een complexe roman. Tot hun enige kind, hun dochter Merry, meegesleurd wordt door de radicale protestbeweging van de jaren zestig. De 16-jarige legt een bom in het postkantoor van het dorp. Bij de ontploffing komt een toevallige voorbijganger om het leven. Pas jaren later slaagt de gebroken vader erin zijn gevluchte dochter op te sporen. Ze heeft al enkele aanslagen achter de rug, waarbij in totaal vier onschuldigen omkwamen. Op het ogenblik dat Seymour haar ziet, is ze bekeerd tot het jainisme, een wazige Indische sekte, waarvan de volgelingen zich niet wassen "uit eerbied voor alle leven, het ongedierte incluis." Ze dragen een sluier "om de microscopische organismen niet te beschadigen, die leven in de lucht die we inademen." Als Seymour de sluier, die uit het uiteinde van een smerige kous was geknipt, van haar gezicht rukt, moet hij zozeer walgen van de stank en het vuil, dat hij pal in haar gelaat braakt. Gewoontegetrouw vertelt Philip Roth zijn nauwelijks verholen parabel in zijn onovertroffen register van zwarte humor, sarcasme en een moeilijk te benoemen soort woede. Steevast doorprikt hij de schone schijn, met voorop de waarden en het levenspatroon van de Amerikaanse goegemeente. Gelukkig betekent dat niet dat hij er een voorspelbare litanie van politiek correcte schelmsheid van maakt. Hij is dus zeker geen Tom Lanoye, maar een meesterverteller die niemand spaart, ook tegen de stroom in kritiek durft te spuwen en als het ware en passant literaire monumenten optrekt. Wie hem overigens politiek te gelikt of niet origineel genoeg vindt, zal wel aanstoot nemen aan de kwistig rondgestrooide, tomeloos scabreuze passages. Dat scabreuze valt evenwel mee in Amerikaanse pastorale, dat naar Roths normen ook stilistisch enigszins gebreideld overkomt. Zijn alter ego Nathan Zuckerman is wel weer van de partij als verteller van het hoogst ongemakkelijk stemmende verhaal. Amerika maar Roth heeft het even goed over de mens is zijn onschuld verloren en slaagt er niet in om het paradijs te herstellen. Roths jongste roman leest als het proeven van de vrijwel gelijknamige Fronsac-wijn La Pastorale, tegelijkertijd elegant en robuust, maar de lectuur zindert na met de kracht van een uppercut na het zwelgen van een overdosis Duvel. LUC DE DECKER Philip Roth, Amerikaanse Pastorale. Meulenhoff, 447 blz., 998 fr.