Supports/Surfaces... de ongebruikelijke naam van deze Franse groep jonge plastische kunstenaars is op zich al een heel programma. De drager (support) van een schilderij is zowel het raam als de lijst en het doek. Het oppervlak (surface) is uiteraard het doek, maar ook gelijk welk oppervlak waarop men kan schilderen: houten staken, stof voor handdoeken of poetsdoeken, touw. Wanneer u deze tentoonstelling bezoekt - die rechtstreeks uit het Parijse Centre Pompidou naar Namen werd ove...

Supports/Surfaces... de ongebruikelijke naam van deze Franse groep jonge plastische kunstenaars is op zich al een heel programma. De drager (support) van een schilderij is zowel het raam als de lijst en het doek. Het oppervlak (surface) is uiteraard het doek, maar ook gelijk welk oppervlak waarop men kan schilderen: houten staken, stof voor handdoeken of poetsdoeken, touw. Wanneer u deze tentoonstelling bezoekt - die rechtstreeks uit het Parijse Centre Pompidou naar Namen werd overgebracht -, vergeet u best alle vooroordelen. Anders raakt u meteen bij de ingang al de kluts kwijt bij het zien van die hoop stenen waarop een in flessengroen geverfde rioolafdekplaat prijkt, van de hand van Bernard Pagès. Van dezelfde kunstenaar krijgt u ook vreemde stadstotems te zien, vervaardigd uit hout, beton en aarde. Claude Viallat stelt een net voor van met pek ingesmeerde, geknoopte koorden. Christian Jaccard werkt ook met koord, uit jute en vlas, gevlochten, in blauw geverfd en in een "gereedschapskist" geborgen. Noël Dolla herhaalt kleurenprints op keukendoek, terwijl Daniël Dezeuze met het riet werkt dat gebruikt wordt voor het maken van omheiningen in het zuiden van Frankrijk en Pierre Buraglio vensterlijsten bewerkt. Arnal,Bioulès, Cane, Devade stellen de abstractie zelf in vraag door het picturale aan zijn specifieke bestemming te onttrekken. Na de Amerikaanse abstracte kunstenaars (Rothko, Pollock, Newman), na Matisse, Soulages, Hantaï en na de monochrome werken van Yves Klein, zijn de kunstenaars van Supports/Surfaces op zoek naar nieuwe richtingen. Vermits velen vanuit het zuiden komen, gaan ze in tegen het Parijse centralisme, revolteren ze tegen de bekende galerijen. En net als de avant-garde uit die tijd stellen ze de schilderkunst in vraag in naam van het marxistisch leninisme dat in het Frankrijk van na '68 hoogtij viert. De theoretische debatten zullen eindigen op enorme ruzies, waarna ieder zijn eigen weg gaat. Rond 1976 bestaat Supports/Surfaces als dusdanig niet meer. De groep was op zich steeds zeer beweeglijk en telde veel sympathisanten en min of meer verwante zielen. Wat er vandaag naast een interessante bladzijde uit de kunstgeschiedenis nog van overblijft is de zoektocht naar andere materialen, zoals textiel of hout, en naar het anders vullen van de ruimte. De catalogus van de tentoonstelling, die vorig jaar in het Jeu de Paume in Parijs werd voorgesteld, geeft een betere kijk op de al dan niet pertinente vragen die Supports/Surfaces stelden. Alain Delaunois