Bij elke nieuwe stemming over de brexit in het Britse Lagerhuis zijn alle ogen steevast gericht op de Democratic Unionist Party (DUP), de protestantse Noord-Ierse unionisten. Het partijtje telt nauwelijks tien parlementsleden in het 650-koppige Lagerhuis. Maar sinds de Tories in 2017 hun meerderheid hebben verloren, moet de Britse conservatieve regering leven van de gedoogsteun van de DUP en haar leidster, Arlene Foster. Tot drie keer toe stemde de DUP tegen het brexit-akkoord van Theresa May, de vorige Britse premier. Even leek het erop dat het akkoord van haar opvolger Boris Johnson op meer genade kon rekenen. Maar nadat Foster in het grootste geheim te rade was gegaan bij de unionistische paramilitaire organisaties in Noord-Ierland, verwees ze ook de deal van Johnson naar de prullenmand.
...

Bij elke nieuwe stemming over de brexit in het Britse Lagerhuis zijn alle ogen steevast gericht op de Democratic Unionist Party (DUP), de protestantse Noord-Ierse unionisten. Het partijtje telt nauwelijks tien parlementsleden in het 650-koppige Lagerhuis. Maar sinds de Tories in 2017 hun meerderheid hebben verloren, moet de Britse conservatieve regering leven van de gedoogsteun van de DUP en haar leidster, Arlene Foster. Tot drie keer toe stemde de DUP tegen het brexit-akkoord van Theresa May, de vorige Britse premier. Even leek het erop dat het akkoord van haar opvolger Boris Johnson op meer genade kon rekenen. Maar nadat Foster in het grootste geheim te rade was gegaan bij de unionistische paramilitaire organisaties in Noord-Ierland, verwees ze ook de deal van Johnson naar de prullenmand. Onlogisch is dat niet. Het akkoord van Johnson plaatst Noord-Ierland onder voogdij van de Europese interne markt, en deels ook van het Europese douaneregime. De band met de rest van het Verenigd Koninkrijk wordt zo losser, en dat kan Foster als unionistische politica moeilijk over haar kant laten gaan. Maar als ze blijft dwarsliggen, stijgt ook het risico op een harde brexit, en dus op een harde grens tussen Noord-Ierland en Ierland. Dat wil een meerderheid van de Noord-Ieren niet, bleek na het referendum van 2016. Fosters koppigheid dreigt de DUP te isoleren. De 49-jarige Noord-Ierse heeft al hetere vuren doorstaan. Ze was acht jaar toen de leden van het republikeinse IRA haar vader, een halftijdse politieman, zwaar verwondden in een aanslag op de familieboerderij dicht bij de Ierse grens. Op haar zestiende kwam ze heelhuids uit een bomaanslag op haar schoolbus, opnieuw gepleegd door het IRA, die het had gemunt op de chauffeur, een Britse militair. De terreur heeft haar kijk op het leven gevormd, zei Foster veel later in een kranteninterview. "Het maakt deel uit van wie ik ben, dat pakken ze mij niet meer af." Gehard is Foster wel. Haar kortgeknipte haar en haar imposante gestalte vullen haar imago treffend aan. Foster studeerde rechten aan de Queen's University van Belfast, waar ze lid werd van de gematigde unionisten van de Ulster Unionist Party (UUP). Foster liet zich echter gelden als een unionistische hardliner. Toen de UUP zich achter het Goedevrijdagakkoord van 1998 schaarde - dat een einde maakte aan decennia van geweld in Noord-Ierland - keerde ze zich tegen de partijleiding. Nadat ze in 2003 een zetel had veroverd in het Noord-Ierse parlement, ruilde ze de UUP in voor de harde unionisten van de DUP, die ze sinds 2015 leidt. De DUP kant zich tegen het homohuwelijk en abortus. Maar Foster zelf, zeggen vrienden, is 'niet homofoob' en 'sociaal pragmatisch'. Voor haar tijd als DUP-leidster had Foster een reeks ministerposten bekleed in de Noord-Ierse regering. Ze begon in 2007 als minister voor Milieu, en kreeg later ook Economie en Financiën. In 2016 werd ze premier van Noord-Ierland. Maar toen liep het mis. Een verdacht genereus subsidieprogramma voor hernieuwbare energie, destijds opgestart door Foster als minister van Economie, ging een half miljard pond over het budget. De controverse laaide hoog op. Foster weigerde op te stappen als premier, waarop het republikeinse Sinn Féin begin 2017 de stekker uit de regering trok. In de daaropvolgende verkiezingscampagne haalde Foster nog eens flink uit. Sinn Féin wilde het Iers promoveren tot een officiële taal in Noord-Ierland, waarop Foster zich liet ontvallen: "Als je een krokodil voedert, komt hij terug en wil hij steeds meer." Het maakte de republikeinse kiezers zo woest dat ze massaal naar de stembus trokken. De unionisten verloren voor de eerste keer hun meerderheid in het Noord-Ierse Parlement. Fosters reputatie kreeg nog maar eens een knauw. Het onderzoek naar haar rol in het subsidieprogramma voor groene energie komt volgende maand uit. Volgens mediaberichten wil de DUP haar dumpen. Een mooie politieke exit wordt het niet. Noord-Ierland zit al bijna drie jaar zonder regering, Sinn Féin wil er niet meer van weten. Belfast staat daardoor onder voogdij van Londen. Zonder de koppigheid van Foster was het allicht anders gelopen, aldus een politicoloog in The Guardian. "Ze is vastberaden, maar politiek handig is ze niet."