Het was vorige week 1-0 voor Karel De Gucht (Open Vld) tegen Kris Peeters (CD&V). De Gucht schuwt de controverse niet, en als die over de buitenlandse handel gaat (een bevoegdheid van de gewesten) staan de Vlaamse regering, Voka en Flanders Investment & Trade (FIT) prompt op hun achterste poten. Dat is een gezonde reflex. Maar de federale minister van Buitenlandse Zaken en Buitenlandse Handel scoort wel als hij het triomfalisme van de Vlaamse minister-president terugfluit.
...

Het was vorige week 1-0 voor Karel De Gucht (Open Vld) tegen Kris Peeters (CD&V). De Gucht schuwt de controverse niet, en als die over de buitenlandse handel gaat (een bevoegdheid van de gewesten) staan de Vlaamse regering, Voka en Flanders Investment & Trade (FIT) prompt op hun achterste poten. Dat is een gezonde reflex. Maar de federale minister van Buitenlandse Zaken en Buitenlandse Handel scoort wel als hij het triomfalisme van de Vlaamse minister-president terugfluit. Het Vlaamse aandeel in de Belgische export is sinds de regionalisering in 1993 gestegen van 68 % naar 81 %. Maar dat is geen ernstig tegenargument voor De Guchts jongste beleidsnota over de buitenlandse handel en een federale 'economische diplomatie'. Want het tij moet keren: België - ook Vlaanderen - heeft het moeilijk om exportmarkten te behouden, laat staan te veroveren. In de nota is geen sprake van een herfederalisering van de buitenlandse handel, De Gucht streeft naar een optimale krachtenbundeling tussen de drie gewesten en zijn diplomatieke netwerken. Dat voorstel verdient aandacht. Positief is dat De Gucht sleutelt aan een vlotter visumbeleid voor buitenlandse zakenlui die ons land geregeld in en uit moeten en aan een sneller werkvergunningbeleid naar Brits en Nederlands model; ook dat regionale handelsvertegenwoordigers een diplomatieke titel krijgen, waardoor ze in verre exportmarkten beter toegang hebben tot lokale overheden. Dan nog wegen ambassadeurs zwaarder in moeilijke dossiers dan regionale handelsvertegenwoordigers. Al is de samenwerking in verre exportmarkten tussen de Belgische ambassadeur en de Waalse of Vlaamse vertegenwoordigers er heel wat op vooruitgegaan. Ook de Vlaamse exportdienst FIT werkt efficiënter, maar zelfgenoegzaamheid is misplaatst. De Vlaamse export stijgt in Rusland, India en China, maar onze buurlanden exporteren beter dan wij. Ze houden ook beter stand in snel groeiende export- markten, terwijl België en Vlaanderen relatief achteruitboeren. Omdat onze producten onvoldoende afgestemd zijn op de vraag van de geglobaliseerde markt en onze kmo's pleinvrees hebben buiten Europa. De Vlaamse ministers van Economie, Patricia Ceysens en Fientje Moerman (beide Open Vld) werkten hieraan. De concurrentiekracht van de Belgische/Vlaamse economie blijft echter een zorg, met of zonder De Guchts beleidsnota. De Gucht stuurt ook aan op één centrale investeringsdesk. Dat kan bekeken worden, maar mag - al lijkt het paradoxaal - niet leiden tot een nieuwe kakofonie naar buitenlandse investeerders. De gewesten doen het immers vrij goed: met een vijfde plaats in de European Investment Monitor 2007 blijft ons land een goede investeringsbestemming. Het samenspel tussen de nochtans concurrerende drie regio's en het federale niveau loopt ook hier vlotter dan in het verleden. Een herfederalisering van de export is definitief afgevoerd, een nieuw Belgisch investeringsloket mag geen alibi worden voor een herfederalisering van het investeringsbeleid. (T) Briefing Door Erik Bruyland