Toen Otto Hertz in 1938 met de Société Commerciale Anglo, Belgo, Allemande et Luxembourgeoise begon, had hij nooit kunnen dromen dat zijn Scabal zou uitgroeien tot een internationale textielgroep. Hij startte als eenvoudige importeur van stoffen en verdeelde die aan kleermakers. Ruimte voor creativiteit was er wel van bij het begin. Het bedrijf werkte als eerste met een distributiemodel met staalboek. Doordat de kleermakers niet meer al hun stoffen tentoon hoefden te stellen, konden ze op deze manier hun aanbod aanzienlijk uitbreiden.
...

Toen Otto Hertz in 1938 met de Société Commerciale Anglo, Belgo, Allemande et Luxembourgeoise begon, had hij nooit kunnen dromen dat zijn Scabal zou uitgroeien tot een internationale textielgroep. Hij startte als eenvoudige importeur van stoffen en verdeelde die aan kleermakers. Ruimte voor creativiteit was er wel van bij het begin. Het bedrijf werkte als eerste met een distributiemodel met staalboek. Doordat de kleermakers niet meer al hun stoffen tentoon hoefden te stellen, konden ze op deze manier hun aanbod aanzienlijk uitbreiden. Peter Thissen, de toenmalige rechterhand van Hertz en de huidige president van Scabal, kwam naar het Brusselse hoofdkwartier in 1970. Zijn nieuwsgierigheid naar andere landen en culturen vertaalde zich meteen naar het beleid. Er kwam een expansie naar de Amerikaanse markt en ook in Japan werden voorzichtig de eerste stapjes gedaan. De jaren zeventig stonden voorts in het teken van de integratie. Scabal kocht in Yorkshire de Bower Roebuck-weverij en kort daarna waren de eerste ready to wear- en made to measure-collecties klaar. Aan het einde van de jaren tachtig, net voor zoon Gregor Thissen zijn intrede deed, verwierf de groep ook Tailor Hoff in Duitsland, een producent van hoogstaande mannenkledij. Voeg daar in 1997 nog een Made in Italy-accessoirelijn aan toe en Scabal doet alles. Het koopt zelf wol, spint en weeft die in het Verenigd Koninkrijk, stockeert de stoffen in zijn hoofdkwartier in Brussel, maakt maatpakken in Duitsland en verdeelt ze dan over de rest van de wereld. "Doordat het aantal kleermakers wereldwijd verminderde, heeft het bedrijf zijn activiteiten uitgebreid naar de prêt-à-porter- en maatkledingmarkt", zegt CEO Gregor Thissen. "We hebben ook een lange weg afgelegd van het vroegere handwerk tot de industriële manier van werken nu. Het idee dat kleermakers gewoon de maten van de klanten opnemen en die dan naar ons doorsturen om een pak te laten maken, kon in het begin op weinig sympathie rekenen. Al snel is men echter de voordelen gaan zien. Als er vroeger een paar klanten voor jou waren, dan kon je zes maanden wachten op je maatpak. Bij ons duurt het slechts twee weken en bovendien is het een stuk betaalbaarder. De traditionele kleermaker en het moderne maatwerk leven dus wel in vrede naast elkaar." Op maat gemaakte pakken worden steeds populairder. Bovendien moeten kledingstukken ook alsmaar vaker het karakter en de persoonlijke stijl reflecteren. Omdat de klant koning is, krijgt hij met het made to measure-concept van Scabal alle keuzevrijheid. Alsmaar meer merken kiezen het pad van gepersonaliseerde concepten, maar Scabal doet dit al meer dan 30 jaar. Naast de 5000 verschillende stoffen en de mogelijke modellen, zijn er nog 200 opties. Die gaan van het graveren van initialen in de knopen over een contrasterende onderkraag in een kleur naar keuze, optionele binnenzakken, de vorm van de zakken tot zelfs de dikte van het stikwerk. Zelf een uniek maatpak samenstellen is dus geen illusie. Ook al is Scabal al in heel wat landen vertegenwoordigd - in sommige landen via joint ventures, in andere met eigen bedrijven - toch zoekt de groep nieuwe horizonten op. "In China en India is er bijvoorbeeld nog heel wat potentieel", legt vader Thissen uit. "Iedereen heeft er een Gucci, Armani of Prada, nu willen ze iets anders. Iets dat aansluit bij hun persoonlijke smaak. Bovendien is er in zulke landen een mentaliteitsverandering. Vroeger beoordeelde men de goederen aan de hand van de prijs. Het duurste was per definitie het beste." "Door de economische crisis gaat het iets trager om in deze nieuwe markten voet aan wal te krijgen. Beschermende maatregelen, het gewijzigde bankwezen, de regelgeving over transport, enzovoort. Ondanks de globalisering worden de barrières steeds groter." Tot oktober vorig jaar verliep alles nog volgens plan, maar de laatste twee maanden van het jaar kreeg ook de internationale luxemarkt te maken met een drastische instorting. "Door onze marges te verbeteren en de kosten beter te managen, zijn we er toch in geslaagd in onze Belgische vestiging een bedrijfsresultaat te behalen van bijna 1 miljoen euro, een stijging ten opzichte van het jaar ervoor", licht Gregor Thissen toe. "Het nettoresultaat is helaas negatief beïnvloed door een belangrijke, maar eenmalige, waardevermindering van onze geldbeleggingen. Bijkomend hebben we verliezen geleden door schommelingen in de wisselkoersen van de Amerikaanse dollar en het Britse pond. Op die manier is het uiteindelijke resultaat negatief." Dat de textielsector lijdt onder de economische crisis, beaamt ook Erik Magnus, directeur van de federatie CreaModa, woordvoerder van de Belgische kleding- en confectiesector. "Toch lijdt onze sector niet meer dan andere. In het eerste semester van dit jaar kende de verkoop slechts een kleine daling. Voor het najaar zijn we voorzichtiger en hebben we minder volumes aangekocht. Dat kan een omzetdaling van 10 tot 12 procent betekenen voor producenten, maar het had veel erger kunnen zijn." Aan het businessmodel gaat Scabal niet sleutelen. "Wij zweren bij veel voorraad. Zo'n 4000 tot 5000 stoffen zijn permanent voorradig, terwijl anderen dit juist afbouwen", zegt Gregor Thissen. "Just-in-timebevoorrading is dan ook onze sterkte. Door de crisis is er wel een einde gekomen aan de uitbreiding van onze stock en voor de komende tijd plannen we zelfs een kleine vermindering. Toch blijft investeren in goederen voor ons heel belangrijk. De vooruitzichten voor 2009 zijn echter niet goed, de recessie wacht ons duidelijk op. De luxemarkt verwacht een belangrijke inkrimping, vooral in de VS, Rusland en Japan. Dit houdt zeker en vast een risico in voor Scabal. Toch zijn wij ervan overtuigd dat de markt na een rustperiode weer zal opleven en ons businessmodel zeer goed zal functioneren in een markt die op zoek gaat naar alternatieve oplossingen zoals Scabal die biedt." Over extern kapitaal willen ze bij Scabal niets horen, ze willen de groep volledig in eigen handen te houden. "De balansstructuur blijft extreem solide met een actief vermogen van meer dan 38 miljoen euro. Dit vormt een geruststellende basis voor onze aandeelhouders en laat ons ook toe om te beschikken over de nodige flexibiliteit om zelf interessante acquisities te doen en te investeren. Dat we onafhankelijk zijn, is net onze sterkte. We voelen ons comfortabel als familiebedrijf en bepalen zo zelf de langetermijnvisie zonder beïnvloed te worden door andere partijen." Het belangrijkste strategische punt is innovatie. "Mensen zijn steeds op zoek naar nieuwe stoffen en producten", weet Gregor Thissen. "Doordat we het volledige proces in handen hebben, beschikken we over de nodige resources en expertise om op dit vlak iets te betekenen. Meer zelfs, Scabal zet vaak de standaarden. Zo hebben wij de grenzen van het systeem voor de fijnheid en kwaliteit van de wol steeds verlegd. Wij werken ook met organische wol omdat het materiaal heel belangrijk is. Om er een exclusieve toets aan te geven, kan worden gekozen voor decoratie in 22-karaatsgoud, zeer kleine diamantpartikels voor een mooie schijn, poeder van de halfedelsteen Lapis Lazuli voor een prachtige blauwe glans, enzovoort. Scabal is bovendien zeer geliefd bij kostuumhuizen in Hollywood of voor Broadway-shows. In totaal hebben we 180 films op ons palmares staan." Ook met Dalí heeft Scabal een speciale band. Om meer naamsbekendheid te verwerven, vroeg het bedrijf de kunstenaar in het begin van de jaren zeventig om in twaalf aquarellen zijn visie op de mode in de 21ste eeuw te geven. Het resultaat waren schilderijen net zo extravagant en dandy als Dalí zelf. Vijf jaar geleden zijn ze gebruikt als inspiratiebron voor het ontwikkelen van een collectie unieke stoffen en dit jaar ging Scabal nog een stapje verder. In een samenwerking met de London College of Fashion kreeg een twintigtal studenten de kans kleding te ontwerpen, geïnspireerd op de twaalf Dali-tekeningen. Creatieve vrijheid stond daarbij centraal. Met de collectie richt Scabal zich vooral naar de niche van avant-gardeliefhebbers. Wie vader Thissen kent, begrijpt dat hij in zijn leiding van Scabal beïnvloed werd door zijn voorliefde voor kunst en theater. "Ik vind ons werk ook artistiek, vergelijkbaar met dat van een schilder of beeldhouwer", stelt hij. Naast zijn creatieve input in collecties en marketingcampagnes, houdt hij zich als president van Scabal vooral bezig met de supervisie en de langetermijnvisie. Gregor Thissen, een jurist met een MBA op zak, leidt als CEO de organisatie op operationeel vlak en bedenkt de strategie. "Ik ben impulsief en emotioneel, mijn zoon is net het tegenovergestelde", zegt vader Thissen. "We zijn perfect in balans: ik ben de emotie, hij de ratio." Door Annick Claus/ Foto's Michel Wiegandt"We voelen ons comfortabel als familiebedrijf en bepalen zo zelf de langetermijnvisie zonder beïnvloed te worden door andere partijen" Gregor Thissen