De jongste tijd komen er steeds meer barsten in de heilige huisjes over de gevolgen van het migratiebeleid van de jongste decennia. Al is er recentelijk zeker een wat andere aanpak op het terrein merkbaar, dan nog brengt deze late ommekeer geen oplossing voor de maatschappelijke problemen. Die beperken zich niet tot randfenomenen, maar ze zitten in toenemende mate genesteld in alle geledingen van onze samenleving.
...

De jongste tijd komen er steeds meer barsten in de heilige huisjes over de gevolgen van het migratiebeleid van de jongste decennia. Al is er recentelijk zeker een wat andere aanpak op het terrein merkbaar, dan nog brengt deze late ommekeer geen oplossing voor de maatschappelijke problemen. Die beperken zich niet tot randfenomenen, maar ze zitten in toenemende mate genesteld in alle geledingen van onze samenleving. Gedurende tientallen jaren zorgde een ongecontroleerde en nauwelijks aangestuurde migratie voor de instroom van massa's gelukszoekers uit doorgaans armere landen. Zij zochten hier meer welstand voor zichzelf en voor hun families. Onze overheid zette de deuren wagenwijd open. Deze mensen kwamen niet terecht in de villawijken van Lasne of Sint-Martens-Latem, maar in de armere wijken van onze grootsteden. Daar botsten zij op een bevolking die nauwelijks was voorbereid op migratiestromen uit andere culturen, van andere religies en met compleet andere tradities en gewoonten. Onze politiek correcte elite en media -- niet gehinderd door een overdreven kennis van de reële, penibele situatie ter plaatse -- vonden lange tijd geen ander antwoord dan de simpele, morele veroordeling van racisme. Als gevolg verzeilden hele bevolkingsgroepen, autochtonen en allochtonen, in het isolement van ieder zijn apartheid. De roep, vooral in Vlaanderen, naar een ander migratiebeleid -- meer selectief en meer afgestemd op de economische noden -- werd in één beweging mee in de kiem gesmoord. Ondertussen zijn de geesten gerijpt omdat de gevolgen niet meer te overzien zijn, niet alleen in de Brusselse chaos, maar zowat overal. Ook in het onderwijs en in de vorming en werving van medewerkers voor onze ondernemingen. Onze migranten, zelfs van de derde generatie, zijn sterk ondervertegenwoordigd in de hogescholen en aan de universiteiten. Velen verlaten de school zonder diploma en sluiten zich aan bij het leger van laaggeschoolde werklozen. Werkloosheidscijfers van meer dan 30 procent zijn bij deze jonge populaties niet ongewoon. Veel bedrijfsleiders beseffen nu pas ten volle de ernst van de situatie. In de loop der jaren hebben de meeste bedrijven sterk geïnvesteerd in automatisering, ook als antwoord op de alsmaar hogere loonkosten. Fysieke arbeid voor lager geschoolden werd sterk afgebouwd. De focus ligt daardoor op de aanwerving van hoger geschoolden die de toenemende complexiteit van de automatische installaties kunnen beheren en op die manier de productiviteit enigszins op peil houden. Het is een bijzonder precair evenwicht tussen competitiviteit en hoog overheidsbeslag op arbeid ter financiering van de sterk toenemende noden van de sociale zekerheid. Deze balans wordt nu grondig verstoord. Heel wat jongeren beschikken niet over de gewenste kwalificaties om die vacatures in te vullen. Daarbij komt in vele gevallen nog een gebrekkige kennis van het Nederlands en een andere invulling van attitudes en werkethiek. Dat zorgt voor spanningen en onbegrip op de werkvloer en legt een hypotheek op de efficiëntie van onze ondernemingen. Zeker is er geregeld ook sprake van favoritisme, van achteruitstelling en van discriminatie. Bedrijven kiezen nog te veel voor de klassieke, bekende profielen. Zeker zijn er vandaag ook mooie voorbeelden van goede integratie, ook in de bedrijven. Maar al bij al blijven het toch veeleer uitzonderingen dan de regel. Vandaag worden we tegelijk geconfronteerd met massa's laaggeschoolde werklozen en met een nijpend tekort aan degelijk geschoold en gemotiveerd personeel. Deze spreidstand en buitengewone uitdaging komt boven op de economische crisis en boven op onze al tanende concurrentiekracht. De extra kosten maken vele ondernemers moedeloos. Meer en meer worden we geconfronteerd met de gevolgen van een rampzalig overheidsbeleid. Het geloof in een maakbare, multiculturele samenleving heeft in de praktijk ferme deuken gekregen. Maar we kunnen de klok niet terugdraaien. We moeten leren leven en omgaan met de situatie op het terrein. Net daarom is het zo schrijnend dat een echte beleidsmatige aanpak grotendeels ontbreekt. Onze samenleving, al onze burgers en al onze bedrijven verdienen beter. De auteur is expert in bestuur van vennootschappen en gasthoogleraar aan de KU Leuven. JOHN DEJAEGERHet geloof in een maakbare, multiculturele samenleving heeft in de praktijk ferme deuken gekregen.