De auteur is hoofdeconoom van Petercam Vermogensbeheer.
...

De auteur is hoofdeconoom van Petercam Vermogensbeheer. Reacties: visienoels@trends.be erst een quizvraag. Welke dag in 2001 heeft waarschijnlijk de wereldeconomie fundamenteel gewijzigd voor de volgende decennia? Een tip: het was de elfde van de maand. Neen, niet 11 september. Het is 11 december 2001. Toen trad China toe tot de Wereldhandelsorganisatie (WHO). En de economische reus ontwaakte... China was lang een in zichzelf gekeerde natie. Een ingeslapen supermacht ook, want lang geleden was het Hemelse Rijk een onderschatte economische en militaire meerdere van Europa. Begin vijftiende eeuw had China op zijn minst zeven grote zeereizen ondernomen, niet om te veroveren of te plunderen, zoals de Europeanen, maar omdat de keizer nieuwsgierig was. De Chinese vloten waren veel indrukwekkender dan de Portugese of Spaanse. De schepen waren de grootste die de wereld ooit had gezien (*). De grootste waren 120 meter lang en 50 meter breed (vergelijk dat met de 25 meter lange Santa Maria van Columbus). De eerste expeditie bestond uit 317 vaartuigen met 28.000 manschappen. Ze had troepenschepen, paardenschepen, snelle interventieschepen en watertankers die meer dan een maand drankvoorraad bijhielden. Maar toen de expedities de keizer ervan overtuigden dat er geen beschavingen verder stonden dan de Chinese, en de meegebrachte giraffen en struisvogels hem begonnen te vervelen, bouwde hij de vloot af. Later werden alle schepen vernietigd en in 1500 stond de doodstraf op het bezit van een schip met twee masten. Vanaf 1551 mocht men de zee niet op met meer dan een mast. China werd een in zichzelf gekeerde natie. In de tweede helft van de twintigste eeuw ontwaakte de reus. En op 11 december 2001 trad het land met 1,3 miljard inwoners toe tot de WHO. Dat dit een kantelmoment is, wordt duidelijk op een grafiek: het blijkt het begin van stijgende transport- en grondstoffenprijzen. China heeft de logistieke orde van de wereldeconomie gewijzigd: het zuigt grondstoffen van over heel de wereld aan, laat zijn goedkope arbeid die omvormen tot allerlei goederen, die dan opnieuw in heel de wereld worden geleverd. China heeft zelfs geen Lieven Bauwens nodig gehad. Die Gentenaar stal in 1798 de textielmachine Mull Jenny in Engeland om de Vlaamse industrie te lanceren. Hij kreeg er een standbeeld voor. China hoeft niet te stelen, het Westen heeft zich gehaast om er zelf de modernste machines en fabrieken neer te planten. In de vijftiende eeuw ging de keizer tevergeefs op zoek naar meer gevorderde culturen. In de eenentwintigste eeuw boden de meest gevorderde economieën hun beste technologie zelf aan. Vooruitgang noemen we dat. Duurdere olie en andere grondstoffen. China is op korte tijd een belangrijke economische macht geworden. Het heeft in vele opzichten Japan voorbijgestoken, de Aziatische rivaal. Dat wordt nog het duidelijkst in de Amerikaanse handelscijfers. In de jaren tachtig was Japan het zwarte schaap voor de VS, omdat het voor meer dan een derde instond voor het Amerikaanse handelstekort. Vandaag is China de belangrijkste begunstigde van de onstilbare Amerikaanse consumptiehonger. China neemt dan ook de rol over van geliefkoosde Amerikaanse schietschijf. Er gaat geen dag voorbij of de VS vraagt China zijn munt te herwaarderen, duurder te maken tegenover de dollar, waarmee het al meer dan tien jaar verbonden is. De VS gelooft daarmee zijn problemen te kunnen oplossen - een grote vergissing. Als de renmimbi (ook wel yuan genoemd) herwaardeert, zal dat niet het competitieve voordeel van China substantieel wijzigen. Maar het zal wel de koopkracht van de Chinezen verhogen. Meer dan de helft van de stijging van de wereldvraag naar olie komt door China. Omdat zijn vraag sterk stijgt, heeft het een lang bestaand evenwicht verstoord. Met een sterkere yuan zal China olie en andere grondstoffen duurder maken. Westerse economie verarmt. Als China vandaag een te duchten economische supermacht is, dan is het vooral omdat de VS het land de economische wapens heeft geleverd: een lage rente waarmee het een investeringsboom heeft kunnen financieren, de modernste technologiefabrieken en een gegarandeerde afname door een schuldverslaafde Amerikaanse consument. Europa moet leren uit die Amerikaanse vergissingen. Productie naar China verhuizen enkel omwille van het kostenvoordeel is een kortetermijnstrategie. Het verarmt de westerse economie, het geeft te eenvoudig de economische macht uit handen. China heeft de VS nu zelfs financieel in zijn greep, want het is samen met Japan de belangrijkste houder van Amerikaans schuldpapier. In de vijftiende eeuw gaven de Chinezen goud in ruil voor giraffen en struisvogels. De Europeanen namen de Chinese technologie mee en werden rijk. Nu doet China de beste deal. Onze politici spelen de rol van struisvogel: ze blijven ons voorhouden hoe rijk we zijn, terwijl de economische verarming binnen enkele generaties een zware tol zal eisen. (*) David Landes, The Wealth and Poverty of Nations, 1999.Geert Noels