Vorige week publiceerde de Belgische telecomwaakhond BIPT een technisch notaatje waarin tussen de lijnen door werd uitgelegd wat Belgacom, als het zo uitkomt, als een bestelling beschouwt: namelijk een firm order, dat bovendien is betaald. Dat impliceert dat Belgacom het bewuste firm order (1) heeft ontvangen, (2) een factuur heeft uitgeschreven, (3) die factuur heeft verstuurd, (4) de betaling heeft ontvangen én (5) de betaling heeft geregistreerd. Heel wat anders dan de praktijken van Lernout & Hauspie.
...

Vorige week publiceerde de Belgische telecomwaakhond BIPT een technisch notaatje waarin tussen de lijnen door werd uitgelegd wat Belgacom, als het zo uitkomt, als een bestelling beschouwt: namelijk een firm order, dat bovendien is betaald. Dat impliceert dat Belgacom het bewuste firm order (1) heeft ontvangen, (2) een factuur heeft uitgeschreven, (3) die factuur heeft verstuurd, (4) de betaling heeft ontvangen én (5) de betaling heeft geregistreerd. Heel wat anders dan de praktijken van Lernout & Hauspie. Nu bleek Belgacom (zie blz. 52) deze definitie wel toevallig te hanteren als het ging om bestellingen voor de inrichting van zogenaamde collocatieruimtes. Dat zijn de plaatsen bij Belgacom waar concurrerende operatoren hun materiaal mogen neerzetten om klanten te bedienen op lokale abonneelijnen die van Belgacom worden gehuurd. Deze zogenaamde ontbundeling van de lokale toegang (het verhuren van de abonneelijn zonder de Belgacom-dienst die er gewoonlijk aan vasthangt) is sinds 1 januari wettelijk geregeld en betekent her en der de eerste echte concurrentie voor Belgacom. Geen wonder dat de nationale operator (zo stelt het BIPT in zijn nota) "wegens zijn werklast soms wat tijd nodig heeft om enerzijds die factuur te versturen en anderzijds de betaling ervan te registreren". Waardoor, uiteraard, er voor Belgacom helaas geen bestelling is en dus het inrichten van de collocatieruimtes en het begin van de concurrentie wordt uitgesteld, de alternatieve operatoren verder worden gemarginaliseerd en de prille internetdiensten-industrie verder verpietert.De afgelopen maanden heeft de ploeg van John Goossens trouwens ook al een door het BIPT gepropageerde vlotte vorm van 'gedwongen' toegang ( Bitstream of de verhuur aan concurrenten van digitale capaciteit op het Belgacom-netwerk) gewoon ingetrokken. Belgacom meent namelijk dat het juridisch niet kan worden verplicht om dat soort toegang te verschaffen. En het aanbod voor ontbundeling dat Belgacom zelf op zijn site publiceert, verschilt momenteel substantieel van wat het BIPT heeft geadviseerd. De regulator heeft nu beloofd deze toestand paragraaf per paragraaf te remediëren. Het boegeroep in deze hoeft niet naar de juridisch wakkere dominante speler te gaan, maar naar de wetgever die onvoldoende tegengewicht voor de vive monopolist heeft voorzien.Een splitsing van Belgacom in een netwerkoperator en een verkooporganisatie (in lijn met wat voorzitster Christine Vanderveeren van de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas ooit al tevergeefs voor Distrigas voorstelde, zie blz. 14), zou duidelijkheid en echte gelijke kansen kunnen scheppen. Voorlopig ligt de focus echter op de herstructurering van het BIPT, waarvoor het advocatenkantoor Jones Day en managementconsultant GartnerGroup een wetsontwerp moeten voorbereiden tegen de laatste ministerraad voor de vakantie en een voorstel van bedrijfsorganisatie tegen het einde van het jaar. Maar er is hoop. Het BIPT heeft in zijn nota van 15 mei bepaald dat een 'firm order' een vaste bestelling is als ze vergezeld gaat van een bewijs dat een voorschot van 20% is betaald, ook al heeft Belgacom nog geen factuur gestuurd.Bruno Leijnse