Op het kantoor van chief operations officer (COO) Marc Duyck prijkt een levensgrote affiche van Mao. Maar het is het volkskapitalisme, niet het communisme, dat hoog genoteerd staat in de agenda van de BIAC-topman. In de loop van volgend jaar wil het bedrijf naar de beurs.
...

Op het kantoor van chief operations officer (COO) Marc Duyck prijkt een levensgrote affiche van Mao. Maar het is het volkskapitalisme, niet het communisme, dat hoog genoteerd staat in de agenda van de BIAC-topman. In de loop van volgend jaar wil het bedrijf naar de beurs. De ietwat stroeve maar zelfs door zijn tegenstanders als competent omschreven Brabander is de gedoodverfde favoriet voor de opvolging van chief executive officer (CEO) Pierre Klees. Klees' mandaat liep officieel af na de algemene vergadering van mei 2001. Het werd inmiddels verlengd tot eind 2002, wanneer de nieuwe passagiersterminal Pier A en de beursgang een feit zullen zijn. Of hij zal worden opgevolgd door Duyck zal in niet geringe mate afhangen van Klees zelf. De 67-jarige Brusselaar is ontegensprekelijk hét gezicht van BIAC. Weinigen kunnen om zijn imposante gestalte heen. "Zijn ja is ja, zijn nee is nee," evalueert het personeel met bijbelse kwinkslag zijn beleid. "Wat niet van iedereen in het directiecomité kan worden gezegd."Klees is vastbesloten de touwtjes in handen te houden tot het moment van zijn vertrek. Op de raad van bestuur in december 2000 liet hij de raad goedkeuren dat zijn zoon mag kandideren voor de functie van verantwoordelijke voor de strategische planning. Of hij ze ook krijgt, valt nog te bezien. Een bestuurder: "BIAC moet geen familiebedrijf worden." Ook het aantrekken van Michel Allé als nieuwe financiële directeur, en volgens ingewijden als toekomstige CEO, draagt het stempel van Klees. Etienne DavignonToch is de nummer één niet de heerser van het BIAC-universum. Die titel komt toe aan burggraaf Etienne Davignon ( Steve voor de vrienden), de topman van de Generale Maatschappij en de officieuze woordvoerder van de privé-minderheidsaandeelhouders van BIAC. Marc Duyck doet het dagelijks beheer, maar Klees belt wekelijks vier tot vijf keer naar de zetel van de Generale aan de Brusselse Koningsstraat. "Wat Davignon wil, gebeurt. Laat Duyck maar praten. Zegt hij te veel, dan wordt hij teruggeroepen," weet een insider. Als BIAC een standpunt over nachtlawaai inneemt, dan passeert de tekst langs het bureau van de Generale-topman. Brengt Klees een heikel punt naar voor op de raad van bestuur, dan is een goed- of afkeurend tikje van de pijp van Steve voldoende om de gedelegeerd bestuurder aan te moedigen of in te tomen.Gevraagd om een reactie, maakt Davignon zich ervan af met een kwinkslag. "Ik ben een bescheiden man, zonder invloed," grapt hij. "Neen: ik ben lid van het strategisch comité en ik heb natuurlijk geholpen bij de overgang van BATC naar BIAC. Maar het is niet zo dat het vroegere BATC de lakens uitdeelt bij BIAC." Dat hij met die uitspraak de waarheid geweld aandoet, is een understatement. De oprichting van BIAC was slechts mogelijk nadat de overheid een boel toegevingen aan de aandeelhouders van BATC had gedaan. Met andere woorden: ze kregen een fiks rendement op hun investering van in totaal 300 miljoen per bedrijf. En de privé-aandeelhouders mochten de CEO voorstellen. Maar zelfs aan de almacht van goden komt een eind. De reële invloed van Davignon is verminderd sinds het aantreden van de paarse regering, luidt het. Medebestuurders als Willy Breesch ( KBC) of Luc Bertrand ( Ackermans & van Haaren) hebben weinig schroom om een afwijkende mening te formuleren. Pierre KleesDe band van Klees met Davignon dateert van ruim twee decennia geleden. De burgerlijk ingenieur van de ULB kwam in 1956 aan boord bij het engineeringbureau Acec. Toen in 1985 de Generale Maatschappij het Britse Westinghouse opvolgde als referentieaandeelhouder, zocht Davignon een nieuwe algemeen directeur. Klees was zijn man. Acht jaar later stond het water aan de lippen van BATC. De schulden swingden de pan uit door uit de hand gelopen investeringen in de nieuwe passagiersterminal op Zaventem. Het budget van 7 miljard frank werd drie keer overschreden. Opnieuw kwam Davignon bij Klees uit. "Hij is een doorbijter, laat het hoofd nooit hangen," verklaarde hij zijn keuze. Klees kon de nodige referenties voorleggen op het vlak van grote infrastructuurwerken: hij ontwierp de kerncentrales van Doel en leidde bij Acec het HSL-project (de lijn voor de hogesnelheidstrein).Of dat de man geschikt maakt om een luchthavenuitbater te leiden, is een andere vraag. "Klees kent geen bal van luchtvaart, hij is een kernfysicus," analyseert een goedgeplaatste waarnemer schamper. "Hij heeft zelfs nooit een poging gedaan om de werking van de luchtvaart - die met veel internationale akkoorden en reglementen samenhangt - te doorgronden. Hij denkt, net als COO Marc Duyck, dat een luchthaven gewoon als een privé-bedrijf wordt gerund."De toegevoegde waarde van Klees zit in het lobbywerk. De man met het onafscheidelijke vlinderdasje heeft een imposant relatienetwerk, met vertakkingen tot in het koninklijk paleis. Opmerkelijk voor iemand die staat geboekstaafd als de nummer één van de loge van het Grootoosten. Via die tentakels beheerst Klees socialistische en liberale politici. Tegelijk is de vrijmetselaar de copain van PSC'er Etienne Davignon. Politiek ongebonden dus. Marc DuyckDat is evenzeer het geval voor Marc Duyck. De man krijgt soms een CVP-etiket opgekleefd, maar is ideologisch eerder een Angelsaksisch getinte aanhanger van de vrije markt.De licentiaat economie van de Antwerpse universiteit Ufsia startte zijn loopbaan bij de auditfirma Arthur Andersen en belandde halfweg de jaren tachtig als financieel directeur bij het elektronicabedrijf Merlin Gerin. Daar leerde Duyck Guy Warlop kennen. Het duo stapte in 1989 naar BATC, na koppensnellend werk van Korn Ferry. Duyck begon als financieel directeur, wat hem in 1993 in een zwaar conflict met Pierre Klees bracht. Die begreep niet waarom alleen Warlop moest opstappen, terwijl Duyck als financieel directeur minstens medeverantwoordelijk was voor de zware financiële kater. Maar vandaag lijkt de weg naar het hoogste schavotje open te liggen. Van de twee andere oudgedienden in het directiecomité - André Gravet en Michel De Rouck - heeft Duyck weinig te vrezen. Michel De RouckCommercieel directeur Michel De Rouck wordt omschreven als een echte verkoper. Bij BIAC is hij de directeur met de langste staat van dienst in de luchtvaart: eerst een decennium bij goederenafhandelaar Aviapartner, sinds 1994 bij BATC. Toch geldt hij als een lichtgewicht binnen het directiecomité: "Hanteert Duyck de stuurknuppel, dan speelt hij gewoon in op de nieuwe marsrichting." André GravetMajoor-generaal André Gravet is dan weer vriend aan huis bij Pierre Klees. De CEO leerde de beroepsmilitair kennen toen hij zelf onder de wapens stond. Gravet was de bevelhebber van Klees. Blijkbaar maakte hij een goede beurt, want Klees wou dat de artilleriegeneraal de bouwwerken aan pier B zou leiden. Sindsdien leidt hij aviation affairs: de benutting en het onderhoud van de landingsbanen en alles wat met de vliegbewegingen te maken heeft.In 1993 kwam Gravet naar BATC, maar de meningen over diens capaciteiten zijn verdeeld. Volgens sommigen straalt de ex-militair gezag uit en houdt hij zijn troepen goed in het gareel. Anderen zijn minder lovend. "Een vriendelijke man, maar zijn toegevoegde waarde is nul. De charge van de lichte brigade," snuift een werknemer. "De man met de dossierkennis is Frans Machtelinckx, de vice-president aviation affairs. Maar dat is een man van de oude Regie der Luchtwegen, dus uitgesloten voor een post in het directiecomité." De tweedeling tussen de 600 ex-RLW'ers en de 150 vroegere BATC'ers weegt zwaar op de sociale verhoudingen in het bedrijf. Bij de drie vakbonden ( ACLVB, ACOD, CVCC) heeft men het onbehaaglijke gevoel dat minstens op managementniveau statutairen systematisch in de hoek worden gedrumd. Jan François (CVCC): "BIAC is een puur voorbeeld van fusiekannibalisme: de knowhow van ex-RLW'ers wordt uitgezogen en vervolgens worden ze opzijgeschoven." Een typevoorbeeld daarvan is Charles Van Begin. Hij begon in oktober 1998 met riante bevoegdheden: verantwoordelijk voor infrastructuur, toegang tot de luchthaven en diensten (onderhoud van gebouwen, verdeling van brandstof enzovoort). Maar begin vorig jaar werd de laatste RLW-vertegenwoordiger zonder pardon uit het directiecomité weggebonjourd. Sindsdien mag Van Begin zich waarmaken op speciale projecten, zoals de kandidatuurstellingen voor het beheer van de luchthaven van Deurne en Oostende. Jos LibertVolgens een aantal betrokkenen is Duyck de sterke man achter die anti-RLW-politiek, met de stilzwijgende instemming van Klees en Davignon. Het beperkt de speelruimte van de nieuwe personeelsdirecteur, Jos Libert, om een beter sociaal klimaat te scheppen. De 52-jarige socioloog vergaarde sinds 1972 ervaring bij BP, PetroFina, Continental Foods, Jacobs-Suchard en Belgacom, en kwam op 1 juli vorig jaar aan boord. "Zijn belangrijkste wapenfeit tot nu toe is dat hij er nog altijd is," luidt de cynische reactie van de vakbonden. Voor de opvolging van de vroegere nummer twee, Eric Kirsch, die HRM onder zijn bevoegdheden telde, werd aanvankelijk gekeken in de richting van Dirk Knegtel, een SP'er die bij De Post bevoegd is voor de relaties met de vakbonden. Maar Klees, nochtans voorzitter van De Post, kwam op de proppen met een eigen kandidaat. Jean Delbelle, ex- Caterpillar, hield het echter amper drie maanden uit. Waardoor Lucien Roelants, een BATC'er, redder in nood moest spelen en met de bonden de moeilijke discussie over het nieuwe eenheidsstatuut moest voeren. Eric KirschOp sociaal vlak is er sinds september 1999 weinig veranderd. Toen wierp de voormalige gedelegeerd bestuurder van de Regie der Luchtwegen, Eric Kirsch, de handdoek in de ring. Kirsch dacht Pierre Klees te gaan opvolgen, maar dat was buiten Davignon gerekend.Kirsch werd een eigengereid optreden verweten: te veel ambtenaar, te weinig commercieel ingesteld. Het was algemeen geweten dat de voorzitter van de Generale Maatschappij het niet zag zitten dat een ambtenaar CEO van de luchthavenuitbater zou worden. "Dat ik of wij als privé-aandeelhouders een veto hebben uitgesproken, klopt niet," reageert Davignon. "De kwestie van de opvolging van Klees is gewoon nooit ter sprake gekomen op de raad. Kirsch heeft moeilijk zijn weg gevonden in de overstap van de publieke naar de privé-sector." Hoe dan ook werd met het vertrek van Kirsch de belangrijkste tegenstrever van Marc Duyck voor de toppositie knock-out geslagen.Michel AlléToch kan Marc Duyck zich nog niet helemaal klaarmaken om zich in de zetel van Klees neer te ploffen. Met nieuwkomer Michel Allé (51) duikt zware concurrentie op. Allé is net als Klees professor aan de ULB. Allicht geen toeval, want de kandidatuur van Allé werd volgens enkele bestuurders uit de hoge hoed getoverd, nadat die van Jean-Louis Mazy was afgeschoten. Mazy was door een bevriende headhunter als beste keus gepresenteerd. De gewezen adjunct-kabinetschef van Guy Coëme (PS) werd in 1996 door het Hof van Cassatie veroordeeld in de Uniop-affaire - een uitspraak die door het Europees Hof van de Rechten van de Mens in Straatsburg in juni 2000 als onrechtvaardig werd bestempeld. Toch werd Mazy's benoeming bij BIAC als te gortig beschouwd. Dus kwam Allé op de proppen, zonder headhunter ditmaal. Allé kan mooie adelbrieven voorleggen: adviseur voor Wetenschapsbeleid bij premier Wilfried Martens (CVP) tussen 1979 en 1986, voorzitter van de Solvay Business School en tot 1 januari de tweede man bij holding Cobepa. Dat alles gecombineerd met een rist bestuurszitjes, onder meer bij het radiocommunicatiebedrijf SAIT-RadioHolland. Het leverde Allé dadelijk een zitje in het directiecomité van Biac op. Dat hij de financiële verantwoordelijkheid overneemt van Duyck - een strategische positie met het oog op de beursgang - is volgens insiders een teken aan de wand.LUC HUYSMANS WOLFGANG RIEPL