Bourn End, Buckinghamshire (Engeland).
...

Bourn End, Buckinghamshire (Engeland)."Maak je geen zorgen over dingen waarop je toch geen vat hebt." Met dit credo ontkracht Michael Averill, gedelegeerd bestuurder van Shanks & McEwan, meteen de geruchten alsof achter de overname van de Sita-dochters in België een Frans complot schuilt. Volgens sceptici zal de Britse milieugroep binnenkort door Compagnie Générale des Eaux (CGE) worden ingepalmd. Dit vermoeden wordt bevestigd door het feit dat het Franse management van Sita België - Michel Savonet, Patrick Léonard en Philippe Marcus - op post blijft. Alleen Bart en Peter Sobry, die op 31 december 1997 als bestuurder ontslag namen, verdwijnen uit de top. Averill weerlegt: "Wij zijn een onafhankelijke, beursgenoteerde groep. Bij mijn weten bezit CGE geen enkel aandeel. Sinds de Franse nutsreus vorig jaar het Britse Leigh overnam, is hij één van onze belangrijkste concurrenten op de lokale markt. Natuurlijk kan elke holding een vijandig overnamebod op een publieke onderneming plaatsen tegen een onweerstaanbare prijs. Het is evenwel de vraag of de Europese Commissie zo'n operatie zou goedkeuren. Ze heeft toch ook de fusie van de Belgische afvalbelangen van Suez en Lyonnaise des Eaux verhinderd?" Ook het bod van de Nationale Portefeuillemaatschappij ( NPM) en de Seghers-groep op Sita werd omwille van belangenvermenging niet weerhouden. Albert Fère, baas van de NPM, is immers de grootste aandeelhouder van Suez/Lyonnaise en partner van CGE in Electrafina. Als geïntegreerd afvalbedrijfmet een volledige waaier van diensten wil Shanks & McEwan een Europese rol gaan spelen. Michael Averill: "Gemiddeld groeien we 20% per jaar, onze financiële resultaten ogen aantrekkelijk. Het moet dan ook mogelijk zijn onze ambitie via acquisities te realiseren. Aangezien op de Britse markt de koek bijna volledig is verdeeld, is de Sita-overname een geschenk uit de hemel. Daarenboven is de prijs - 4,1 miljard frank voor een groep met een jaaromzet van 3,5 miljard frank en een brutowinst van 488 miljoen frank - bijzonder gunstig. Wij hebben relatief minder betaald voor de tweede plaats op de Belgische markt dan Watco, die vorig jaar 2,7 miljard frank Lancashire Waste Services (omzet van 1,7 miljard frank) veil had om een kleine positie op het Britse eiland te verwerven." Gedecentraliseerde structuurTegen alle verwachtingen in kocht Shanks & McEwan eind vorige maand de vier Belgische afvalbedrijven van Sita (dochter van Suez/Lyonnaise des Eaux): Page, Sobry, Fusiman en Vancoppenolle. Voor het Britse afvalbedrijf is dit de vijfde overname op enkele maanden tijd. Sinds december 1997 behoren ook Safewaste uit Nottingham, Robinsons uit Liverpool, MRJ Waste en Pembrokeshire Environmental uit Wales (totale investering van 488 miljoen frank) tot de groep. De overname van Sita België wordt voor 37,5% gefinancierd door de uitgifte van 15 miljoen nieuwe aandelen (tegen een prijs van 104 frank per stuk). Het resterende bedrag - 2,5 miljard frank - komt uit eigen middelen en bijkomende leningen. Shanks & McEwan beschiktover een uitstekende reputatie in Groot-Brittannië (zie kader: Schapen op de stortplaats). Ontstaan uit een fusie tussen een Schotse aannemer en een Schots studiebureau in het midden van de negentiende eeuw, groeide de groep uit tot het vierde grootste afvalverwerkingsbedrijf op het eiland. Vandaag realiseren de 1095 werknemers een geconsolideerde omzet van 8,78 miljard frank (zie cijfertabel). Het Department of Trade and Industry schat de totale afvalmarkt in Groot-Brittannië op zo'n 210 miljard frank. De Franse nutsgroepen domineren de topdrie: Onyx/Wistech (dochter van Compagnie Générale des Eaux), Biffa (dochter van Severn Trent) en Sita/Nem (dochter van Suez/Lyonnaise des Eaux) met een omzet van respectievelijk 11, 10,6 en 9,8 miljard frank (cijfers 1996/1997). Geen enkele firma bezit meer dan 6% van de markt. Omdat de milieuwetgeving lange tijd achter bleef op die van het vasteland, kwam de Britse concentratiegolf in de afvalbusiness pas laat op gang. Zo nam Onyx/Wistech in 1997 Leigh (omzet van 7 miljard frank) over. Vorige maand kocht Sita alle niet-Amerikaanse belangen van BFI (goed voor 5,9 miljard frank in Groot-Brittannië). De gedecentraliseerde groep telt drie operationele afdelingen: Rechem International (verbranding van industrieel afval), S&ME Northern en S&ME Southern Waste Services. Jaarlijks verwerken zij 6 miljoen ton afval, geografisch verspreid over het hele eiland. Het afvalbedrijf bezit twee verbrandingsinstallaties, vier behandelingscentra voor chemisch afval, vier recyclagecentra, veertien stortplaatsen, 23 overslagstations en 300 vuilniswagens. Storten primeertIn vergelijking met het Europees gemiddelde (58%) verdwijnt nog altijd 70% van het Brits huishoudelijk en industrieel afval (totaal van 183 miljoen ton) op stortplaatsen. Twee jaar geleden was dit zelfs nog 89%. Sinds 1 oktober 1996 moet evenwel op elke ton gestort afval een heffing worden betaald van 427 frank. Tussen haakjes: in België bedragen die stortheffingen gemiddeld 2177 frank per ton. Ook worden de milieunormen strenger en staat de implementatie van de Europese verpakkingsrichtlijn op stapel. Zo bepaalt de Environmental Protection Act dat tegen de eeuwwisseling 25% van het huishoudelijk afval moet worden gerecupereerd. Hierdoor stijgt geleidelijk het aandeel van recyclage en verbranding. Behalve voor zijn enorme stortreserves (met 120 miljoen kubieke meter, de grootste voorraad op het eiland) staat Shanks & McEwan bekend als pionier in de recuperatie van metaangas. Uit zijn stortplaatsen haalt het bedrijf jaarlijks niet minder dan 33 megawatt elektriciteit, goed voor een totale inkomstenbron van 660 miljoen frank. Tegen het einde van dit jaar zal deze capaciteit oplopen tot 39 megawatt, wat neerkomt op een totale energievoorziening voor een stad van 39.000 huishoudens. Totale investering: 900 miljoen frank.Daarnaast verbrandtShanks & McEwan meer dan de helft van het gevaarlijk afval in Groot-Brittannië. De capaciteit van zijn twee installaties bedraagt zo'n 70.000 ton per jaar. Op de site in Fawley, vlakbij Southampton, wordt sinds januari 1997 ook het beendermeel vernietigd van koeien die meer dan dertig maanden oud zijn en potentieel drager van het BSE-virus.Shanks & McEwan exploiteert ook over vier recyclagecentra: in London, Glasgow, Peterborough en Milton Keynes. Binnenkort komt er ook zo'n centrum in Elstow (Bedford). Tegen de herfst van dit jaar zullen zij in het totaal 40.000 ton papier, blik, glas, plastic en drankkartons per jaar recycleren. De totale capaciteit bedraagt zo'n 100.000 ton. Daarnaast beschikt de groep over een recuperatie-eenheid voor bouw- en sloopafval (80.000 ton) in Nottingham. Averill: "Hoewel storten onvermijdelijk blijft, zijn wij niet getrouwd met stortplaatsen. Daarom kiezen wij voor de toekomst en investeren in nieuwe technologie."Belgische bandenVoor het Britse afvalbedrijf wordt België de uitvalsbasis op het Europese continent. Michael Averill is trouwens niet aan zijn proefstuk toe in België. Zo lag hij samen met Ronny Ansoms, algemeen directeur van Indaver (dochter van de Vlaamse Milieuholding) uit Antwerpen, aan de basis van Eurits, de Europese belangenorganisatie van industrieel-afvalverwerkers. Averill gelooftdat de Europese afvalmarkt zal worden overheerst door Franse bedrijven. "Vijf jaar geleden trachtten de Amerikaanse afvalreuzen - BFI en Waste Management - met grof geschut de Britse markt in te palmen. Kijk waar ze nu staan. Dat zegt genoeg. Wel moeten de controlerende overheid en de uitvoerende organen duidelijk gescheiden blijven. Anders loopt de vrije mededinging gevaar. Gelukkig zorgt de Europese Commissie daarvoor." Op de vraag of hij hiermee zijn collega/concurrent Indaver bedoelt - dat zich als semi-overheidsbedrijf op de markt van het huishoudelijk afval begeeft - geeft de topman van Shanks & McEwan wijselijk geen antwoord. ERIC POMPEN