" Een machtige Britse verzekeringsvloot steekt de zee over", luidde enkele maanden geleden de alarmerende titel van een opiniebijdrage in een krant. Het stuk was van de hand van Pedro Matthynssens, de CEO van de Antwerpse verzekeringsmakelaar Vanbreda Risk & Benefits. Matthynssens zag de bui hangen. Met de overname van Belgibo door de Britse groep Jardine Lloyd Thompson (JLT) zou hij er in zijn achtertuin een te duchten concurrent bij krijgen.
...

" Een machtige Britse verzekeringsvloot steekt de zee over", luidde enkele maanden geleden de alarmerende titel van een opiniebijdrage in een krant. Het stuk was van de hand van Pedro Matthynssens, de CEO van de Antwerpse verzekeringsmakelaar Vanbreda Risk & Benefits. Matthynssens zag de bui hangen. Met de overname van Belgibo door de Britse groep Jardine Lloyd Thompson (JLT) zou hij er in zijn achtertuin een te duchten concurrent bij krijgen. "We maken ons inderdaad op voor een forse sprong vooruit", zegt Pierre Derom, de CEO van JLT Belgibo. Voor het eerst sinds de overname legt hij de groeiplannen op tafel: "We realiseren een bruto commissieomzet van 10 miljoen euro. Ons strategisch plan mikt op een omzetverdubbeling tegen 2022. Nog dit najaar openen we een kantoor in Brussel." JLT Belgibo heeft een verleden in de maritieme sector (zie Van Boelwerf tot Exmar), maar breidde zijn activiteiten als gespecialiseerde industriële verzekeringsmakelaar de voorbije jaren uit naar andere sectoren. "We hebben een specifieke expertise in de maritieme sector, logistiek, krediet- en politieke risico's, luchtvaart, cargo, bouw, professionele diensten en employee benefits", zegt Derom. "De bedoeling is dat we ons cliënteel in die domeinen uitbouwen en tegelijk nieuwe niche-activiteiten ontwikkelen." De Belgische markt van bedrijfsverzekeringen groeit amper, zo'n 2 procent per jaar. Bovendien is de concurrentie hevig. Wie in zulke omstandigheden zijn omzet wil verdubbelen, moet marktaandeel afpakken van de concurrentie of overnames doen. "Het zal een combinatie van interne en externe groei zijn, met de klemtoon op het eerste", zegt Herman Kerremans, die als chief development officer van JLT Belgibo werd aangetrokken om de groeistrategie vorm te geven. "Met de expertise die JLT binnenbrengt, ontwikkelen we nieuwe producten, zoals kredietverzekeringen die één specifieke debiteur dekken. We willen ons profileren op cyberrisico's, het verzekeren van fusies en overnames en het evalueren van politieke risico's", stelt Kerremans. "En we willen ons concentreren op nieuwe, specifieke bedrijfssegmenten, zoals de financiëledienstverlening, biotechnologie, voeding, aannemers. We willen ook gespecialiseerde teams en mensen aantrekken. Maar we zullen niet alles doen. JLT Belgibo moet een gespecialiseerde adviseur blijven in verzekeringen, risico- en schadebeheer. Focus en specialisatie zijn belangrijk." Die niche-aanpak ligt in lijn met de strategie van de Britse moedermaatschappij. JLT is een gespecialiseerde groep in verzekeringsadvies en -makelarij, die zich het liefst laat omschrijven als een ' boutique' broker. De focus ligt op geselecteerde sectoren en klanten, en nicheproducten. De onderneming noteert op de beurs van Londen, realiseert een omzet van 1,35 miljard pond, is actief in 40 landen en stelt wereldwijd meer dan 10.000 mensen te werk. De voorbije jaren kende de JLT-groep een belangrijke expansie in de Verenigde Staten. "80 procent van de omzet wordt nog altijd vanuit het Verenigd Koninkrijk gerealiseerd", zegt Derom. "Maar de VS hebben fors aan belang gewonnen. De groepsstrategie is veranderd: in plaats van een Britse speler met internationale activiteiten wil JLT uitgroeien tot een globale speler die lokaal aanwezig is. Daarom doet de groep nu ook de stap naar continentaal Europa. Ze wil daar een zelfstandige business opbouwen." JLT is niet de enige Britse verzekeringsspeler die mogelijkheden ziet in continentaal Europa en daarbij kiest voor een Belgische uitvalsbasis. De verzekeringsmarkt Lloyd's of London koos Brussel als vestigingsplaats voor zijn nieuwe Europese verzekeringsfiliaal. De Amerikaanse verzekeraar Navigators kocht de specialist in scheepvaartverzekeringen BDM-Asco over van de holding Ackermans & van Haaren. De verzekeraars QBE en MS Amlin openden dochtermaatschappijen in ons land. Navigators (VS), QBE (Australië) en Amlin (Japan) zijn geen Britse ondernemingen, maar ze opereerden tot nu toe in de Europese Unie via hun Londense kantoren. Aan de basis van de verplaatsing van verzekeringsactiviteiten uit Londen ligt de dreiging van een harde brexit in 2019. "Verzekeraars hebben nu nog vanuit Londen toegang tot de EU-markt van 28 landen, goed voor een half miljard potentiële klanten", zegt James Kruger, vice president Insurance UK van Capgemini. "Ze kunnen grensoverschrijdend opereren zonder extra licenties of kosten. Als de banden tussen het Verenigd Koninkrijk en de EU verbroken worden, dreigen ze dat toegangsticket te verliezen." Kruger verwacht dat de meeste verzekeraars en makelaars die nu vanuit Londen opereren, in de Europese Unie een hub zullen creëren om toegang te hebben tot de eengemaakte markt. Via dat EU-filiaal kunnen ze dan verzekeringen blijven onderschrijven in de resterende 27 landen van de Unie. De eigenlijke business zou volgens Kruger grotendeels in Londen blijven. Maar hoe dan ook zullen ze meer middelen moeten vrijmaken voor hun Europese activiteiten. De nieuwe EU-filialen moeten immers voldoen aan de Solvency II-regels, wat een voldoende graad van kapitalisatie vergt. Behalve in het reserveren van kapitaal moet er ook geïnvesteerd worden in infrastructuur (vooral kantoren en IT) en mensen. De Europese toezichthouder Eiopa heeft al laten verstaan dat hij geen lege dozen of brievenbusvennootschappen zal aanvaarden. Die extra kosten willen de Britse spelers recupereren door meer inkomsten te genereren in Europa, bevestigt Vincent Vandendael, de Belg die chief commercial officer van Lloyd's is en die het Brusselse kantoor gaat leiden. Op 1 januari 2019 start de Londense verzekeringsmarkt in Brussel een eigen Europese verzekeringsmaatschappij op, met een kapitaal van 136 miljoen euro en 40 medewerkers. "Lloyd's realiseert nu 4 miljard pond in de 27 landen van Europa die na de brexit de EU zullen uitmaken", vertelt Vandendael. "Dat komt neer op 14 procent van de groepsomzet. Vanaf eind maart 2019 dreigen we in een situatie te komen dat we geen licentie meer hebben om verzekeringscontracten in de Europese Unie te onderschrijven. Daarom richten we in Brussel een verzekeringsmaatschappij op. Zij zal instaan voor alle nieuwe contracten in de EU-27 en bij hernieuwing de bestaande portefeuilles overnemen. Die contracten worden dan herverzekerd bij de syndicaten van Lloyd's in Londen." Wat oorspronkelijk een defensieve zet was - Lloyd's dat zijn business in Europa verdedigt en de toegang tot de eengemaakte Europese markt wil veiligstellen - werd al snel een commerciële kans. "Als we dan toch fors investeren in Europa, kunnen we evengoed de markt ontwikkelen", zegt Vandendael. "Vooral omdat er groeipotentieel is. In de EU vertegenwoordigt de premie-omzet van verzekeringen 1 procent van het bbp. In de VS is dat het dubbele. Lloyd's heeft altijd het gevoel gehad onder zijn gewicht te boksen in de Europese Unie. Daar willen we nu iets aan doen." Vandendael staaft zijn geloof in de Europese verzekeringsmarkt door te verwijzen naar de economische groei die veel landen in de EU neerzetten. "Economische groei, investeringen, infrastructuurprojecten, ... dat betekent meer verzekeringen. Daarnaast zien wij groeimogelijkheden in nieuwe types van risico's, zoals cyber en privacy. Op basis van de Amerikaanse cijfers denken we dat cyberverzekeringen en -services in de EU kunnen uitgroeien tot een markt van 2 miljard euro. Lloyd's biedt daarin een breed pallet oplossingen, via meer dan 70 syndicaten." Dat Lloyd's dichter bij zijn Europese klanten wil zitten, is dus geen toeval. "Wellicht hadden wij zonder brexit geen eigen Europese verzekeringsmaatschappij opgericht", geeft Vandendael toe. "Maar we hadden al lokale Europese entiteiten die van Lloyd's een onderschrijvingsbevoegdheid kregen. Dat samenwerkingsmodel zullen we uitbreiden, omdat we geloven in verdere groei." Ook voor JLT was de overname van Belgibo in eerste instantie een defensieve zet, vanuit een bezorgdheid de verzekeringscontracten in continentaal Europa te behouden en te beschermen, zegt Pierre Derom: "Dankzij de Europese paspoortrechten deed JLT al heel wat zaken voor Europese klanten vanuit Londen. Een harde brexit zou 20 tot 30 procent van die contracten in gevaar brengen. Daarom besliste JLT een hub in de EU te vestigen. Omdat ze al een hele tijd met ons samenwerkten, kozen de Britten er uiteindelijk voor Belgibo over te nemen." Ook JLT ziet Europa als een nieuwe groeimarkt, waarin de verzekeringsmakelaar denkt zijn specifieke sectorkennis als een concurrentieel voordeel te kunnen uitspelen. "Stapsgewijs breidt JLT zijn voetafdruk in Europa uit", zegt Kerremans. "De groep was al aanwezig in Scandinavië, en er waren ook acquisities van nichemakelaars in Nederland, in Frankrijk en begin dit jaar in Duitsland." In België wil JLT Belgibo voor een nieuwe dynamiek op de makelaarsmarkt zorgen, zegt Kerremans: "Niet door een prijzenoorlog te ontketenen. Maar door te focussen op onze knowhow en toegevoegde waarde, en door in te zetten op data-analyse. We profileren ons als een uitdager van de grote internationale makelaars, zoals Aon en Marsh, maar we mikken ook op lokale bedrijven die klant zijn bij de middelgrote brokers. We denken dat we zowel grote als kleine bedrijven een aantrekkelijk aanbod kunnen doen. De vraag naar gespecialiseerd advies is groot." JLT Belgibo moet ook het speerpunt worden voor groei in Luxemburg. Op termijn moet ook daar een kantoor komen, bevestigt Derom. "Maar eerst willen we aanwezig zijn in heel België. Ook met Nederland willen we nauw samenwerken."