Hij is nog maar 32 jaar, maar in de VS is de Amerikaanse organisatiepsycholoog Adam Grant al een hype. Dat dankt hij aan een bijzonder eenvoudig, maar controversieel idee. Onder meer in zijn vorig jaar in het Nederlands verschenen boek Geven en nemen stelt hij de manier waarop we kijken naar succes, motivatie en werk ter discussie. Gepolst naar de reden voor succes, zullen de meeste mensen uitkomen bij een cocktail van hard werken, een snuifje geluk en een schep talent op een laagje passie. Dat volstaat niet meer. Het onderzoek de hoogleraar aan de Universiteit van Pennsylvania schuift een ontbrekend element naar voren: de indeling in gevers, nemers en matchers.
...

Hij is nog maar 32 jaar, maar in de VS is de Amerikaanse organisatiepsycholoog Adam Grant al een hype. Dat dankt hij aan een bijzonder eenvoudig, maar controversieel idee. Onder meer in zijn vorig jaar in het Nederlands verschenen boek Geven en nemen stelt hij de manier waarop we kijken naar succes, motivatie en werk ter discussie. Gepolst naar de reden voor succes, zullen de meeste mensen uitkomen bij een cocktail van hard werken, een snuifje geluk en een schep talent op een laagje passie. Dat volstaat niet meer. Het onderzoek de hoogleraar aan de Universiteit van Pennsylvania schuift een ontbrekend element naar voren: de indeling in gevers, nemers en matchers. Grants vertrekpunt is dat onze relaties met andere mensen veel meer dan vroeger cruciaal zijn om te slagen op het werk. Er wordt meer met projecten met tijdelijke teams gewerkt, onze economie wordt steeds meer een diensteneconomie waarbij relaties met klanten belangrijk zijn en er is de opkomst van de van interactie knetterende sociale netwerken zoals LinkedIn of Twitter. De manier waarop we omgaan met andere mensen is daarom vitaal om te slagen. Volgens Grant zijn er zijn drie grote stijlen in interactie. Nemers zijn mensen die vooral willen krijgen: een cadeautje, een schouderklopje, hulp bij een taak, het is nooit genoeg. Gevers daarentegen zijn mensen die spontaan hulp bieden of iets geven aan anderen zonder dat ze iets in ruil verwachten. De matchers hebben een mentaal weegschaaltje, waarmee ze geven en nemen tegen elkaar afwegen. Heeft iemand me al vaak geholpen, dan geef ik hem iets, anders niet, redeneren ze. Uit Grants onderzoek blijkt dat gevers ofwel hoge toppen scheren ofwel net heel laag vallen. Nemers en matchers kunnen uiteraard ook doorstoten tot de top, maar ze zijn verhoudingsgewijs sterker vertegenwoordigd in de middenmoot. Hoe zorg je dan dat je als gever slaagt in plaats van te mislukken op het werk? "Gevers die altijd maar geven, maar dat altijd op een naïeve manier doen, kunnen heel diep vallen in de organisatie", zegt Katleen De Stobbeleir, associate professor bij Vlerick Business School en gespecialiseerd in leiderschap. "Grant legt uit dat je op een strategische manier moet geven. Dat kun je doen door je ervan bewust te zijn dat er ook nemers en matchers rondlopen. Je moet er ook voor zorgen dat de anderen beseffen dat je iets hebt gegeven, zodat ze dat niet als vanzelfsprekend beschouwen en nog meer gaan vragen. Voor een gever is het daarom een goed idee een matcher in de buurt te hebben die hem erop wijst wanneer anderen misbruik maken van zijn vrijgevigheid. Opvallend bij de gevers is dat ze een pay it forward-manier van geven handhaven: ze hoeven niet terugbetaald te worden voor wat ze geven; ze verwachten wel dat de krijgende partij op haar beurt doorgeeft wat ze gekregen heeft. De ideeën van Grant vinden gretig aftrek bij verkopers, marketeers en ondernemers, maar ook bij topmanagers. De ondernemers van Silicon Valley bijvoorbeeld staan bekend om het pay it forward-principe: de kennis die ze als jonge ondernemer krijgen van een mentor geven ze later zelf door aan jongeren. "Google probeert dit principe zelfs in te voeren in het hele bedrijf. In de VS is er een hele golf organisaties die met zijn ideeën aan de slag gaat." En wat zou Grant zelf zijn? Een gever uiteraard, het typevoorbeeld van iemand die heel jong al aan de top staat. Grant staat erom bekend geregeld discussies te lanceren op LinkedIn, hij strooit kwistig met tweets en deelt zijn gegevens met iedereen. Wie hem mailt, krijgt vaak prompt advies. Zijn studenten geven keer op keer hoge scores wanneer ze zijn lessen beoordelen. Dat Grant een gever is, betekent uiteraard niet dat zijn succes er vanzelf is gekomen. Zo moest hij bijvoorbeeld zijn angst om voor publiek te spreken overwinnen. Het is overigens niet altijd even duidelijk wie een gever is en wie niet, zegt Katleen De Stobbeleir, die les kreeg van Adam Grant het jaar dat ze in de VS studeerde. "Het is niet omdat iemand geld geeft aan goede doelen dat het om een gever gaat. Nemers lijken vaak heel charmant." Grant ontwikkelde een test om te kijken of je een gever, nemer of matcher bent, maar hij heeft ook een volstrekt onwetenschappelijk trucje om vast te stellen welke stijl iemand hanteert. Een nemer staat graag in de belangstelling, terwijl dat voor een gever niet zoveel uitmaakt. "Je kunt bijvoorbeeld kijken naar de foto van de CEO in het jaarverslag of op de website", zegt De Stobbeleir. "Toen Didier Bellens nog CEO was van Belgacom stond er op de website een grote foto van hem, terwijl de rest van het managementcomité meer een schaduw op de achtergrond was. Dat zegt genoeg. De nieuwe CEO, Dominique Leroy, heeft gekozen voor een minder prominente plek. Ook bij Eric Van Zele, de CEO van Barco (en Trends Manager van het jaar 2012), is dat helemaal anders." Bij Barco staat de foto van Van Zele even groot als de die van de andere leden van de raad van bestuur en staat zijn foto niet bovenaan. BENNY DEBRUYNE