Kan klassieke muziek de wereld redden? Als het afhangt van José Antonio Abreu (75) wel. Hij is de stichter van El Sistema, een netwerk van honderden jeugdorkesten in Venezuela dat kinderen met muziek uit de armoede en de criminaliteit wil halen. "Een kind dat een instrument leert te bespelen, is niet arm meer. Het wordt een kind dat zich ontwikkelt en op weg is om een burger te worden", luidt een van zijn mantra's. De kinderen krijgen geen individueel muziekonderwijs in El Sistema, ze leren een instrument te bespelen door met andere kinderen te musiceren in een orkest. Het orkest is een model voor een harmonieuze en humane maatschappij, vindt Abreu.
...

Kan klassieke muziek de wereld redden? Als het afhangt van José Antonio Abreu (75) wel. Hij is de stichter van El Sistema, een netwerk van honderden jeugdorkesten in Venezuela dat kinderen met muziek uit de armoede en de criminaliteit wil halen. "Een kind dat een instrument leert te bespelen, is niet arm meer. Het wordt een kind dat zich ontwikkelt en op weg is om een burger te worden", luidt een van zijn mantra's. De kinderen krijgen geen individueel muziekonderwijs in El Sistema, ze leren een instrument te bespelen door met andere kinderen te musiceren in een orkest. Het orkest is een model voor een harmonieuze en humane maatschappij, vindt Abreu. Simon Rattle, de chef-dirigent van de Berliner Philharmoniker, is een van de ferventste believers. "Toen ik Caracas bezocht, wist ik niet wat ik hoorde: drugsverslaafden, kindprostituees en straatboefjes die een viool of een klarinet kregen en Mahler speelden. El Sistema brengt hoop voor duizenden jonge levens die anders verloren zouden gaan door drugs en geweld", zei hij in The Guardian. Hij vindt dat Abreu de Nobelprijs voor de Vrede verdient. Rattle en andere klassieke sterren reizen geregeld naar Venezuela om er te musiceren met de jeugdorkesten van El Sistema. Het Venezolaanse muziekprogramma is hot. El Sistema is de belangrijkste gebeurtenis in de klassieke muziek van het nieuwe millennium, na de uitvinding van de iPod, schreef het prestigieuze Britse muziektijdschrift Gramophone. Het project kreeg navolging in meer dan vijftig landen, waaronder Brazilië, de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en Nederland. De orkesten van El Sistema reizen aanhoudend de wereld rond om de verdiensten van 'het mirakel van Venezuela' uit te dragen. Zondag en maandag is het Orquesta Sinfónica Simón Bolívar, het vlaggenschip van het project, te gast in Bozar, onder leiding van wonderboy Gustavo Dudamel (33). Abreu -- een pianist, dirigent en hoogleraar economie, die op zijn negentiende was verkozen tot parlementslid -- richtte het eerste jeugdorkest op in 1975. De symfonieorkesten in Venezuela werden bemand door buitenlanders, hij droomde van een orkest dat alleen bestond uit Venezolanen. De eerste repetitie in een garage in Caracas ging de legende in: er kwamen slechts elf jonge muzikanten op af. Een maand later waren er vijfenzeventig leden, vier maanden later gaf het orkest zijn eerste publieke concert. Al snel slaagde Abreu erin overheidsgeld binnen te halen voor zijn project. Daarmee opende hij muziekcentra (núcleo's) in andere steden van Venezuela -- vaak in leegstaande supermarkten, busstations, garages of openbare gebouwen. In 1989 werd hij minister van Cultuur onder de rechtse president Carlos Andrés Pérez. Een aanzienlijk deel van zijn budget bedeelde hij aan zijn eigen jeugdorkesten, schrijft de Britse universiteitsdocent Geoffrey Baker in een nieuw, kritisch boek over El Sistema. De regering-Pérez overleefde twee linkse couppogingen van luitenant-kolonel Hugo Chávez, maar ging ten onder in een schandaal over de verduistering van overheidsgeld. In 1999 kwam Abreu's politieke vijand Hugo Chávez door verkiezingen aan de macht. De nieuwe president zette dure sociale programma's in gang om het lot van de armste Venezolanen te verbeteren -- gefinancierd met oliedollars. Daar speelde Abreu op in: hij verkondigde dat El Sistema niet was bedoeld om professionele muzikanten op te leiden, het was een sociaal project om kinderen te redden. Chávez begreep dat de jeugdorkesten de weldaden van zijn Bolivariaanse revolutie konden uitdragen tot in het buitenland. De linkse president en de rechtse politicus vonden elkaar. Tussen 2000 en 2007 steeg het budget van El Sistema elk jaar met bijna een kwart. Abreu had een enorme meevaller: hij ontdekte een wereldster. Gustavo Dudamel was zestien toen Abreu hem het jeugdorkest in Barquisimeto hoorde dirigeren. Hij nam hem onder zijn hoede als zijn persoonlijke pupil en bracht hem naar Caracas. Op zijn achttiende werd Dudamel dirigent van het Orquesta Sinfónica de la Juventud de Venezuela Simón Bolívar (nu Orquesta Sinfónica Simón Bolívar). Stilaan raakte zijn naam ook bekend in het buitenland. In 2004 won hij de Gustav Mahler Conducting Competition in Bamberg. In 2007 dirigeerde hij het jeugdorkest van Venezuela op de Proms in Londen. De beelden van de jonge muzikanten in hesjes met de kleuren van Venezuela gingen viraal op het internet. El Sistema werd een wereldwijde sensatie. Daarna ging het heel snel. Dudamel werd chef-dirigent van de Göteborgs Symfoniker en de Los Angeles Philharmonic, kreeg uitnodigingen van toporkesten uit de hele wereld en ondertekende een contract met het prestigieuze label Deutsche Grammophon. De wereld van de klassieke muziek raakte in de ban van 'Dudamania'. Recensenten noemden hem "de nieuwe Leonard Bernstein" en "het antwoord van de klassieke muziek op Elvis en Michael Jackson". Time nam hem op in de lijst van de invloedrijkste honderd personen ter wereld. Ook de reclame ontdekte de jonge glamourdirigent: hij werd een van de gezichten van Rolex. Tientallen bekende en minder bekende musici reisden naar Venezuela om te concerteren met de orkesten van El Sistema. De buitenlandse vips zagen enorme orkesten -- soms met 650 kinderen -- die uit het hoofd klassieke meesterwerken speelden. De emoties namen vaak de overhand op het kritische oordeel. Venezuela -- een land met een van de hoogte misdaadcijfers ter wereld -- slaagde erin kinderen uit achterstandsbuurten met muziek van de straat te houden en hen een toekomst te geven, daar twijfelden weinigen aan. Bovendien leek El Sistema de hele klassieke muziek op haar kop te zetten. "De klassieke muziek heeft honderden jaren mensen uitgesloten. Wij veranderen dat. Wij zeggen: iedereen kan klassieke muziek spelen", verkondigde Abreu. Hij werd vergeleken met Gandhi, Nelson Mandela en Moeder Teresa. De buitenlandse bezoekers spreken vaak geen Spaans en blijven maar kort -- niet lang genoeg om zich een grondig oordeel te kunnen vormen, stelt Baker. Bovendien krijgen ze alleen de modelcentra te zien, waar de meest getalenteerde kinderen worden samengebracht en de meeste middelen naartoe gaan. De prestatiedruk is er enorm. De provinciale en de nationale orkesten repeteren vijf à zes keer per week, vaak urenlang. Repetities van tien uur per dag in de schoolvakanties zijn geen uitzondering. Het is de bedoeling dat de kinderen een diploma halen, maar daar is weinig tijd voor. De jonge muzikanten in de betere orkesten worden betaald. Veel van die tieners verdienen meer dan hun leraars en hun ouders. De núcleo's aan de onderkant van de piramide hebben het moeilijk. Er zijn vaak geen instrumenten beschikbaar, er is een gebrek aan lokalen, en als er al leraars zijn, worden ze soms maandenlang niet betaald. Ook de núcleo's in de achterstandsbuurten -- een minderheid, schrijft Baker -- zitten in dat sukkelstraatje. El Sistema gaat niet actief op zoek naar kinderen uit de armste gezinnen, hoewel het programma in theorie voor hen is opgezet. Negen op de tien kinderen komen uit de middenklasse, schat Baker. Het aantal kinderen dat afvalt, is enorm. Kinderen uit de barrio's, die vaak leermoeilijkheden hebben, haken het meest af of worden weggestuurd. Er is geen psychologische begeleiding, muzikale prestaties hebben voorrang. Dat El Sistema massaal kinderen uit de goot haalt, is een illusie. In een interview met BBC Radio 3 gaf Eduardo Mendez, de CEO van El Sistema, vorige maand toe dat er geen cijfers zijn die aantonen dat het sociale programma werkt. "Maar we zijn ermee bezig", voegde hij eraan toe. "De jongeren die doordringen tot de beste orkesten, komen doorgaans niet uit achtergestelde buurten", bevestigt de Canadese dirigent Jonathan Govias, een kenner van El Sistema, die vaak in Venezuela heeft gewerkt. Ook Dudamel komt uit een middenklassengezin. Er zijn wel cijfers over het aantal kinderen dat El Sistema in Venezuela bereikt. Maar die roepen vragen op. Op BBC Radio 3 had Mendez het over 415 núcleo's met 623.000 kinderen. Op de website van El Sistema is de ene keer sprake van 285 núcleo's met 350.000 kinderen (elders loopt dat cijfer op tot 400.000), de andere keer van 371 núcleo's met 500.000 kinderen. Baker citeert een anonieme ex-functionaris van El Sistema die vermoedt dat er wellicht niet meer dan 100.000 kinderen zijn. Sinds 2008 hebben de Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank (IDB) en de Latijns-Amerikaanse Ontwikkelingsbank (CAF) ruim 500 miljoen dollar ter beschikking gesteld aan El Sistema. Die middelen kwamen niet ten goede aan de basisnúcleo's, de prioriteit ging naar geldverslindende buitenlandse tournees en imposante concertgebouwen, stelt Baker vast. Zo moet volgend jaar in Barquisimeto de Sala Dudamel opengaan, een concertgebouw dat is ontworpen door Frank Gehry, de sterarchitect van het Museo Guggenheim in Bilbao. "In Venezuela laten we geen cijfers zien, we zetten paradeprojecten op om fondsen te werven", verklaarde Bolivia Bottome, een gewezen hoge functionaris van El Sistema, op een seminar in de Verenigde Staten. Die uitspraak vindt Baker typerend: volgens hem is El Sistema een mediacircus, een spektakelmachine die alleen maar zichzelf wil bestendigen. Baker: "Als El Sistema een rijkelijk bedeeld paralleluniversum creëert voor zijn topleerlingen, met seminars in vijfsterrenhotels en masterclasses door de beste musici ter wereld, terwijl één onopgeleide leraar in een gevaarlijke buurt in Caracas het hoofd moet bieden aan tachtig moeilijke kinderen, lijkt het dat muzikale resultaten belangrijker zijn dan de sociale actie." El Sistema staat boven de politiek, houdt Abreu vol. Maar ook die bewering is lastig vol te houden. Toen Hugo Chávez in januari 2013 door een kankerbehandeling de eed als herverkozen president niet kon afleggen en de oppositie nieuwe verkiezingen eiste, dirigeerde Dudamel in Caracas de Negende symfonie van Beethoven om hem een goed herstel te wensen. Abreu betuigde publiekelijk zijn steun aan Chávez. Het is maar één voorbeeld van de sterke verwevenheid van zijn organisatie met de Venezolaanse machthebbers. Sinds Nicolás Maduro in maart 2013 de macht overnam, wordt in het land hevig geprotesteerd tegen de extreme onveiligheid, de economische malaise en het autoritaire optreden van de regering. Daarbij vielen tientallen doden. Op de Dag van de Jeugd in februari vorig jaar kwamen bij straatrellen drie betogers om. Die avond gaf Dudamel een galaconcert in Caracas. Op de sociale media kreeg hij daar striemende kritiek voor. Gabriela Montero, een ander product van El Sistema, vergeleek het project met het orkest van de Titanic, omdat de top de regering blindelings blijft steunen. Er breken nog moeilijkere tijden aan voor Venezuela. De inflatie in het land was eind augustus opgelopen tot 63 procent -- het hoogste inflatiecijfer ter wereld. Door de val van de olieprijs staat Venezuela aan de rand van het bankroet. President Maduro kondigde onlangs aan dat hij een vijfde van de overheidsuitgaven schrapt. De sociale programma's blijven gespaard. www.bozar.be WIM VER ELST"Een kind dat een instrument leert te bespelen, is niet arm meer" Dat El Sistema massaal kinderen uit de goot haalt, is een illusie.