Acht maart is internationale vrouwendag. Trends nam de gelegenheid te baat om uit te zoeken welke vrouw de meeste macht heeft in Vlaanderen. Uit onze enquête blijkt dat ABVV-voorzitter Mia De Vits zich de machtigste vrouw in Vlaanderen mag noemen (zie blz. 54).
...

Acht maart is internationale vrouwendag. Trends nam de gelegenheid te baat om uit te zoeken welke vrouw de meeste macht heeft in Vlaanderen. Uit onze enquête blijkt dat ABVV-voorzitter Mia De Vits zich de machtigste vrouw in Vlaanderen mag noemen (zie blz. 54). In vakbonden en werkgeversorganisaties bezetten vrouwen ongeveer 10 % van zowel de hogere managementfuncties als de bestuurszitjes. Maar het zijn de vakbonden die met een score van 19 % dit cijfer opkrikken ten opzichte van 6 % voor de werkgeversorganisaties. Niettemin krijgt Mia De Vits weinig gezelschap in de uiteindelijke machtsrangschikking. Ann Demeulemeester, algemeen secretaris van het ACW, haalde de top-25 bijvoorbeeld niet. Greta D'Hondt daarentegen, die geen formele functie bij het ACW meer uitvoert, kreeg meer macht toegeschreven (nummer 18). Klimmen op de hiërarchische ladder staat dus niet gelijk aan macht en invloed verwerven. Wie als vrouw macht wil vergaren, moet politiek bedrijven. Macht en invloed gaan hand in hand met politieke mandaten. Vier vrouwelijke ministers, met minister van Justitie Laurette Onkelinx ( PS, nummer 2) en minister van Economie Fientje Moerman ( VLD, nummer 3) op kop, bemannen de toptien. En ondanks de regionalisering in ons land blijken federale ministers machtiger dan hun regionale collega's, minister van Economie Patricia Ceysens (VLD, nummer 5) en minister van Onderwijs Marleen Vanderpoorten (VLD, nummer 6). Het ministerschap is trouwens een vrouwvriendelijk beroep: 26 % van de ministers op federaal, Vlaams en Brussels niveau zijn vrouw. Kijken we naar de rechterhanden van de ministers op de drie niveaus, dan vinden we 14 % vrouwelijke kabinetschefs en adjuncten terug. Twee van hen haalden de top-25: Geertje Smet (directeur kabinet Binnenlandse Zaken, nummer 20) en Laurence Bovy (directeur kabinet Sociale Zaken, nummer 21). Sommige mensen gruwelen ervan, anderen juichen het toe en nog anderen vinden het een noodzakelijk kwaad: positieve discriminatie. De overheid past het op sommige domeinen toe en legt bijvoorbeeld quota op in raden van bestuur. Wij telden in de onderzochte Belgische overheidsbedrijven en parastatalen 15 % vrouwen onder de directie- en bestuursleden. Marcia De Wachter ( Nationale Bank, nummer 9), Christine Vanderveeren ( Creg, nummer 13), Martine Durez ( De Post, nummer 14), Ingrid Lieten ( De Lijn, nummer 15) en Christine Claus ( PMV, nummer 24) duiken uit deze organisaties op. Maar waar het fout loopt, is de federale overheidsadministratie. Daar schopte slechts één vrouw, Monique de Knop (nummer 16), het tot voorzitter. In de Vlaamse overheidsadministratie is trouwens geen enkele vrouw tewerkgesteld als secretaris-generaal. De overheid heeft ook haar zegje in de gerechtelijke wereld, waaruit twee dames in onze toptien staan: Anne Spiritus-Dassesse (nummer 4) en Christine Dekkers (nummer 10). In de privé-sector doen juristen het slechter. In de twintig grootste advocatenkantoren in België vonden we slechts één dame die managing partner is: Hilde Laga van het kantoor Laga & Philippe. Laga raakte echter niet in de top-25. Vrouwen met belangrijke functies komen relatief vaak voor in NGO's (26 %), OCMW's (25 %) en ziekenhuizen (15 %). Maar slechts weinigen worden als machtig omschreven. Zo raakte Mieke Molemans (voorzitter 11.11.11) niet in de top-25 en sluit Monica Deconinck (voorzitter OCMW Antwerpen) de rij van de machtigste vrouwen. Opvallend is wel de intrede van vrouwen uit het ziekenhuiswezen in de top. Carine Boonen (algemeen directeur Caritas-Verbond der Verzorgingsinstellingen) en professor Katrien Kesteloot ( UZ Leuven) eindigen respectievelijk op nummer 11 en 22. Kesteloot is ook als professor zeer bekend. Professoren zijn trouwens vaak terug te vinden in allerlei bestuursraden, maar minder op de formele postjes in hun eigen sector. Er zijn in België geen vrouwelijke rectoren, slechts een kleine 6 % van de vrouwen draagt de titel decaan en in de bestuursraden en managementorganen zetelt 10 % vrouwen. Maar, relativeert een sectorspecialist: "In het academische milieu zou het misschien beter zijn macht te meten aan de actieve participatie van professoren aan nationale en internationale fora die een invloed hebben op wetenschap en maatschappij." Zonder dat we die oefening maakten, kwamen de professoren Lutgart Van den Berghe (nummer 7) en Rosette S'Jegers (nummer 19) toch in de top-25 terecht. Tien procent van de vrouwen is ook terug te vinden in de raden van bestuur en directiecomités van de voornaamste mediabedrijven in België. Niemand van hen haalde de top-25. Hun sector wordt vertegenwoordigd door Christina Von Wackerbarth (mediaconsulente en voormalig VRT-directeur, nummer 25) die door de specialisten naar voren werd geschoven. In de Bel20-bedrijven ten slotte vertegenwoordigen vrouwen een kleine 4 % van de directie- en bestuursleden. Ook in werkgeversorganisaties zijn ze mager vertegenwoordigd, zoals we al zeiden. Toch sijpelen relatief veel van hen door naar de top-25: Annemie Neyts ( Mobistar, nummer 8), Martine Reynaers ( VBO, nummer 12), Martine Decamps ( Dexia Bank, nummer 17) en Françoise Belfroid (VBO, nummer 23). Het gros van de vrouwen in de top-25 is trouwens politiek actief of zetelt in een organisatie die rechtstreekse banden heeft met de politiek. Ofwel wordt macht nog te veel geassocieerd met politiek, ofwel moeten alle vrouwen op zoek naar macht maar in de politiek. Maar dat ze dan ook de weg naar de Wetstraat 16 eens vinden. VOLGENDE WEEK: Deel 2 - De machtigste zakenvrouwen An Goovaerts Eric PompenIn de Bel20-bedrijven vertegenwoordigen vrouwen een kleine 4 % van de directie- en bestuursleden.Wie als vrouw macht wil vergaren, moet politiek bedrijven. Macht en invloed gaan hand in hand met politieke mandaten.