Hij werd clubkampioen van de Oostendse schaakkring en was een kei in 'Vier op een rij', maar verder reikte de 'sportcarrière' van Coucke niet. Een passie voor sport heeft hij wel. Van kleins af: als merckxist en als fan van AS, VG en later KV Oostende -- zijn ouders hadden een appartement in de 'koningin der badsteden'. Hij aarzelde dan ook niet wanneer voorzitter Eddy Vergeylen in 1993, na KVO's eerste promotie naar de hoogte klasse, dynamische ondernemers zocht. Al even snel profileerde Coucke zich samen met Peter Callant in het bestuur als 'de oppositie'. "Wij waren de ambetanteriken, die het gebrek aan gestructureerd beleid aankaartten", zegt Callant, CEO van het gelijknamige verzekeringskantoor. "Vooral Marc botste soms met de oude krokodillen van het bestuur", bevestigt toenmalig ondervoorzitter Philippe Develter. "Ze noemden hem smalend zepe zonder zepe, omdat de ph-neutrale zepen, onder meer van Bodysol (een merk van Omega Pharma, nvdr), toen opgang maakten. Toch kon Marc met zijn mondigheid zaken doordrukken. "Toen al zag je een ruwe diamant", zegt Vergeylen. Toch stapte Coucke uit het bestuur. De beursgang van Omega Pharma in 1998 was een ideaal moment om de relatie met KVO te herstellen. Co...

Hij werd clubkampioen van de Oostendse schaakkring en was een kei in 'Vier op een rij', maar verder reikte de 'sportcarrière' van Coucke niet. Een passie voor sport heeft hij wel. Van kleins af: als merckxist en als fan van AS, VG en later KV Oostende -- zijn ouders hadden een appartement in de 'koningin der badsteden'. Hij aarzelde dan ook niet wanneer voorzitter Eddy Vergeylen in 1993, na KVO's eerste promotie naar de hoogte klasse, dynamische ondernemers zocht. Al even snel profileerde Coucke zich samen met Peter Callant in het bestuur als 'de oppositie'. "Wij waren de ambetanteriken, die het gebrek aan gestructureerd beleid aankaartten", zegt Callant, CEO van het gelijknamige verzekeringskantoor. "Vooral Marc botste soms met de oude krokodillen van het bestuur", bevestigt toenmalig ondervoorzitter Philippe Develter. "Ze noemden hem smalend zepe zonder zepe, omdat de ph-neutrale zepen, onder meer van Bodysol (een merk van Omega Pharma, nvdr), toen opgang maakten. Toch kon Marc met zijn mondigheid zaken doordrukken. "Toen al zag je een ruwe diamant", zegt Vergeylen. Toch stapte Coucke uit het bestuur. De beursgang van Omega Pharma in 1998 was een ideaal moment om de relatie met KVO te herstellen. Coucke werd shirtsponsor met Nosik Pharma. "Als een van de eersten in België zetten wij een reclamewand met merken van Omega Pharma in de perszaal. Elke ref kreeg ook een pakketje Bodysol en alle spelers werden verplicht om Bodysol te gebruiken. Zag Marc een andere shampoo in de kleedkamer, dan goot hij die direct uit", lacht toenmalig verkoopdirecteur Filip Demyttenaere. "Elke thuismatch nodigden we ook apothekers, onze klanten, van over het hele land uit, zelfs fans van de tegenpartij", aldus Coucke. "Ik verwittigde hen wel: 'Op de tribune denk ik niet aan de relatie klant-leverancier, want dan roep en scheld ik.'' KVO verzeilde echter in degradatiewater, coach Dennis van Wijk kreeg zijn C4, waarop Vergeylen met een stunt uitpakte: Jean-Marie Pfaff als nieuwe trainer. Publicitair een voltreffer, maar sportief mislukte Pfaff. De kustploeg zakte naar tweede. Coucke tastte ook nog het volgende seizoen in tweede klasse (2000-2001) in zijn portefeuille, maar haakte na de degradatie naar derde af. Coucke zei het voetbal echter geen vaarwel, want nadat zijn CFO Sam Sabbe eind 2003 lid was geworden van de vzw Club Brugge, volgt hij zijn voorbeeld. Voor elke Europese match huurde Coucke een loge in het Jan Breydelstadion. "We nodigden telkens een BV uit -- Jacques Vermeire, Miss België, Sabine Appelmans,... -- en gingen met onze klanten na de match naar het café De Reisduif in Brugge, waar Marc als dj Vlaamse schlagers speelde", zegt Demyttenaere. "Zó leuk dat sommige klanten de match erop een hotel boekten. (lacht) Maar het échte hoofddoel was een netwerk uitbouwen." Die matchen op Club waren echter spielerei, want Coucke verlegde zijn focus naar zijn andere passie: de koers. "Al in 2000 vroeg Patrick Lefevere me of ik cosponsor wilde worden, maar het wielrennen baadde na de Tour van 1998 nog in een dopingsfeer, te gevoelig voor een bedrijf als het onze. Bovendien was het sponsorbedrag nog te groot." Twee jaar later liep Coucke Frans De Cock, toenmalig CEO van Unilin, tegen het lijf. Die lichtte hem in over een nieuw wielerteam, met Quick-Step als hoofdsponsor en Lefevere als manager. Coucke hapte toen wel toe. De sportieve successen plus de uitgekiende marketingstrategie en Couckes flamboyante persoonlijkheid zetten het merk Davitamon in de spotlights. En dat was niet naar de zin van De Cock. Wanneer hij en Lefevere Coucke vroegen om het sponsorbedrag op te trekken, weigerde die. Bovendien wou Coucke, met Lotto, een eigen wielerproject starten. Een boze Lefevere verbrak midden 2004 de samenwerking, waarop Coucke een schadeclaim van 7,5 miljoen euro indiende. Quick-Step koppelde zich daarop aan Innergetic, Coucke bond zich aan de Nationale Loterij. Marketing director Marc Frederix: "Indrukwekkend hoe Marc zijn dossier persoonlijk op onze raad van bestuur presenteerde. Geen hol gepraat, maar een sterk marketingplan." Een project van vier jaar dat bij een dochterfirma van Omega Pharma, Belgian Cycling Company, ondergebracht werd en waarvoor het farmabedrijf per seizoen 3,2 miljoen euro uittrok. Begin 2005 stelde Marc Coucke zijn nieuwste telg voor: met dames in bodypaint en schlagerzangeres Laura Lynn. Coucke wierp zich, naast sportief manager Marc Sergeant, op als hét gezicht van het team. "Wij hebben drie merken: Davitamon, Lotto én Marc Coucke", liet Frederix zich vaak ontvallen. Coucke voerde ook de onderhandelingen met de renners, stond de pers te woord en moeide zich met álles. Voor Coucke was een zege of verlies een middel om het échte doel te halen: de omzet opkrikken. "De dag van de koers ben ik een grote supporter en dat is superleuk", zei hij. "Maar nadien tellen voornamelijk de centen. Ik ben geen mecenas. Élke euro moet return opleveren, alleen dan blijft het duren." In 2011 -- Coucke had de ploegnaam intussen al veranderd van Davitamon naar Predictor, Silence en Omega Pharma (-Lotto) -- was dat meer dan ooit het geval. Dankzij het wonderseizoen van Philippe Gilbert stond zijn team zelfs op één in het eindklassement van de WorldTour. Maar genieten was er dan niet meer bij. De Nationale Loterij wilde een meer Belgische koers varen en blies het huwelijk op. Coucke moest op zoek naar een nieuwe partner en belandde bij Lefevere. Bij Omega Pharma QuickStep bleef Coucke wel veel meer op de achtergrond. Ter compensatie richtte hij in augustus 2013 zijn pijlen weer op KV Oostende. Hij kocht 60 procent van de aandelen van voorzitter en vriend Yves Lejaeghere en breidde dat via zijn vennootschappen Mylecke Management, Art & Invest en Alychlo uit naar 99 procent. Naast zijn eigen inbreng van naar verluidt 2,5 miljoen euro verdubbelde hij het budget via "superplezante" sponsor- en businessavonden, onder meer in zijn kasteel in Merelbeke, tot 8,5 miljoen euro. Het weireldploegsje KVO draaide al snel meer dan ooit. Met de zingende, feestende en tweetende Coucke als gedroomd uithangbord. JONAS CRETEUR