Tilburg.
...

Tilburg.De Benelux ligt braak voor toponderwijs in de managementwetenschappen, beweert Philippe Naert, decaan van Tilburg Institute for Advanced Studies in Management (Tias) én decaan van de faculteit economie van de Katholieke Universiteit Brabant (KUB). De KUB heeft 10.000 studenten (0,05% Belgen) en de tweede grootste faculteit economie van Nederland. "Om het in voetbaltermen te stellen, de Europese eredivisie telt drie MBA-scholen: Insead, London Business School en IMD in Lausanne. Daarop volgt de eerste divisie. Daarin zitten Iese van Barcelona, Bocconi in Milaan, Rotterdam School of Management en HEC-ISA in Jouy-en-Jonas. Noord-Amerika heeft dertig MBA-scholen in de top, Europa slechts drie. Aan de bovenkant van de markt is er ruimte," aldus een gedreven Naert. Tias bekokstoofde een ambitieus plan om door te dringen in de eerste divisie met Ufsia (Antwerpen), Purdue University (VS) en de Universiteit van Budapest. Daarbij hoort pro-actief denken over de vraag naar managementtalent in de Benelux. Philippe Naert: "Ik reageer op de verweving in België en Nederland van Interbrew, ING, Fortis, om slechts de groten te noemen. Het is niet zo dat we omwille van dezelfde taal meteen samenspannen, we hebben het moeilijk met elkaar. De vraag naar managers die efficiënt werken in België en Nederland groeit. Trouwens, voor de hele noordkant van Europa zijn er kansen om een managementopleiding uit te bouwen met de internationale dimensie en uitstraling van de drie Europese topscholen." Tias en IPO (van Ufsia) zullen op de korte termijn fuseren en dingen naar het marktleiderschap in de Benelux. Een eerste rit voor het duo dat mono wordt. Nieuwe internationale Executive MBAOnder zijn raam fietsen docenten en studenten op hoge Gazelles. Een zomeronweer dreigt boven de Noord-Brabantse zandgrond. Philippe Naert stapte de KUB binnen in de lente van '96. Tias was dan de eerste prioriteit. Hij zit in een corner office met een zicht zoals in Fontainebleau op de vroegere koninklijke wouden. In Tilburg hangt het gebladerte van de Warandebossen. De KUB is lieftallig, zonder de banaliteit van de graffiti. Tias had een aantal opleidingen in honderd halve dagen voor Masters; een functionele bijspijkering in Marketing, Financiën, Overheidsbeleid enzovoort, met een omzet van 6 miljoen gulden (109 miljoen frank). Het College van Bestuur van de KUB zag naast de twee traditionele academische taken - het wetenschappelijk onderwijs en het fundamenteel onderzoek -, twee nieuwe taken - vervolgonderwijs en contractonderzoek. Tias won daardoor aan strategisch belang. Philippe Naert: "De herdefiniëring van Tias huwt een aantal academische trends." (zie kader: Trends in MBA). Veel universiteitenhalen de neus op voor de in-company-trend, want hij ruikt naar dienstbaarheid aan het kapitaal? Philippe Naert lacht: "Ach, hoe soixante-huitard klinkt dat verwijt. Ik zie twee redenen om ja te zeggen. De markt vraagt het, dus moet je reageren, én, je krijgt een uitstekend inzicht in de interne keuken van de onderneming waarvoor je doceert. De accurate cijfers, de goede problemenschets geven meer maatschappelijke en academische relevantie dan het fietsen in de theorie." De vraag naar in-company-opleidingen stijgt: "Ik beschik niet over bewijscijfers, maar combineer mijn intuïtie en de reële vraag. Het rendement van de open opleidingen is té laag, zeggen veel ondernemingen. Als je twee kaderleden naar een cursus van twee jaar stuurt, dan heb je na tien jaar tien mensen geactiveerd. Dat levert geen change op. In-company is doelmatiger voor niet-vrijblijvende oplossingen. Ik ben niet uit op het snelle geld. De academische fundamenten zijn eigen aan Tias en een belangrijk actief. Ik sta vijandig tegenover het goeroedom à la Tom Peters, want dat berokkent het vak zeer veel schade." Tias wilde de internationale reikwijdte ontwikkelen. 37% van de studenten komt van onder de Nederlandse rivieren, dus uit Zeeland, Noord-Brabant en Limburg. Philippe Naert: "Tias zocht een partnerschap met een Amerikaanse Executive MBA voor een dubbeldiploma. Purdue University van Lafayette in Indiana, 40.000 studenten, had er oren naar. Ik onderhield jarenlange contacten met Frank Bass, een specialist van de mathematische marketing. Vier van mijn ex-Ufsia-studenten behaalden hun doctoraatsdiploma aan Purdue. Karel Cool van Insead, Mike Hanssen van University of California in LA, Wilfried Van Honacker, hoofd van de marketing van de Universiteit van Hongkong en Patrick Duparcq, een expert in informatie- en communicatietechnologie." Patrick Duparcq wordt een spil van het nieuwe Executive MBA van Tias. Hij woont aan Lake Shore Drive in Chicago en netwerkt per pc met daarop een cameraatje met Philippe Naert in Tilburg. Tias werkt niet alleen aan een Executive MBA, ook de drie overige activiteiten werden hertimmerd: de Master-Opleidingen, de certificates-programma's en het in-company-onderwijs. Ramon O'Callaghan, een Spanjaard van Ierse afkomst (Harvard, Iese, Nijenrode), zal het Executive MBA leiden. Een internationale Raad van Advies wordt daarvoor samengesteld, een aantal prominente Vlaamse ondernemers is aangezocht. De omzet over '95 van Tias was 6 miljoen gulden, in '99 wordt 15,5 miljoen gulden (282 miljoen frank) verwacht. De BelgenMet Purdue was het internationale luik deels oké, maar het nabije België leverde geen klandizie op. Een kwalijke traditie. Voor de nieuwe Executive MBA werd geadverteerd in The Economist: voor elke dertig vragen uit Nederland kwam er één uit België. Einde '96 schoven Carl Reyns, rector van Ufsia, en Philippe Naert aan voor het lekkers van DeNeuze Neuze. De IPO Managementschool van Ufsia heeft een gestuite groei met 65 miljoen frank omzet; de concurrent Vlerick haalt het viervoudige. De vraag in De Neuze Neuze was: willen we samen - Tias en IPO - een business-school der Lage Landen opbouwen? Het bestuur van Ufsia en het College van Bestuur van KUB vergaderden nadien viermaal. Philippe Naert: "Een haalbaarheidsstudie is klaar in de herfst, dan volgt groen licht voor een intense verweving, want na drie à vier jaar willen we samen Europees sterk staan. Het huwelijk is gebaseerd op veel overeenstemmingen: de christelijke achtergrond, de sterke faculteit economie en recht van de beide universiteiten, het ontbreken van de zuivere wetenschappen, de persoonlijke banden." IPO kanin deze fase nooit meer zelfstandig groeien naar de omvang van de Vlerick School voor Management, meent Philippe Naert: "Samen willen we over vier jaar naar een omzet van 600 à 700 miljoen frank, Insead boekt 2 miljard frank. Driehonderd miljoen frank omzet blijft petieterig." De vroeg gestorven minister van Onderwijs Daniël Coens (CVP) en Philippe Naert brainstormden ooit twee dagen op Insead over een Vlaamse MBA-school: "Ik zei hem, ik doe het met een budget van 1 miljard frank, jij de helft en privé-partners de helft. Voor een grote Vlaamse MBA-school moet je buiten de bestaande structuren treden of het lukt nooit." Leuven doceert samen met Louvain-la-Neuve in het Lovanium Institute of Management, maar buiten de dochter in Sint-Petersburg is de activiteit beperkt. Philippe Naert: "Meer concurrentie in België is nodig om de kwaliteit op te drijven. Ik ben niet goed van de Belgische inteelt, een ex-student van Gent wordt assistent, dan docent en vervolgens professor in Gent. De KUB-regel is Amerikaans, waar je afstudeert en doctoreert, kan je niet meteen benoemd worden. Het verschijnsel van de Academic Pilgrims is zwakker dan men denkt." In Zuid-Nederland wordt Tias de enige MBA-school. Nederland telt vandaag twee grote scholen die voltijds een MBA aanbieden, de Rotterdam School of Management en Nijenrode (met ook nog een Executive MBA in combinatie met de University of Rochester). De Executive MBA van het nieuwe kwartet start in januari '99 en de doceerlocaties zijn Tilburg, Antwerpen, Purdue en Budapest. Het cursusgeld voor een management-opleiding in Nederland is tweemaal hoger dan in België. Echter, het Management Centre Europe in Brussel tekent 1,6 miljard frank omzet op, waarvan 70% uit België. De prijzen van MCE zijn tweemaal hoger dan de Nederlandse (zie tabel: Prijs?). De bezige bij vindt geen tijd meer voor het wetenschappelijke werk. Zuchtend zegt Philippe Naert: "Ik ben nu meer een academisch manager, het wetenschappelijke werk moet ik verwaarlozen, ik hoop toch nog steeds om een repliek op Richard d'Aveni en zijn Hyper Competition te schrijven, maar ik ben zo opgeslorpt door de nieuwe taak." FRANS CROLS