De auteur is directeur van VKW Denktank.
...

De auteur is directeur van VKW Denktank. Onder de westerse bondgenoten wierp de Franse president Jacques Chirac zich de voorbije jaren op als dé antagonist van de Amerikaanse president George W. Bush. Maar terwijl Bush zijn tweede ambtstermijn aansnijdt, doen zich rond de figuur van zijn Franse tegenvoeter weinig verheffende ontwikkelingen voor. Tijdens zijn achttien jaar als burgemeester van Parijs (1977-1995) toonde Chirac zich immers niet vies van financieel en fiscaal ge-sjoemel. Bekend zijn de verhalen over merkwaardige financieringen van verkiezingscampagnes en zeer luxueuze privé-reisjes. Het Franse gerecht, zo weet heel Parijs, beschikt over spijkerharde bewijzen dat Chirac in die tijd zich schuldig heeft gemaakt aan fraude en corruptie. Maar zolang de man de presidentstitel draagt, geniet hij van immuniteit. In 2007 loopt zijn tweede ambtstermijn als Frans president ten einde. Chirac zal dan 74 jaar oud zijn en mag zich aan een veroordeling verwachten, wellicht zelfs met gevangenisstraf. Dat onprettige vooruitzicht vormt de voornaamste reden waarom de Franse president overweegt om voor een unicum te gaan: een derde ambtstermijn als president van Frankrijk. Maar zelfs de zelfingenomen Chirac beseft ook wel dat hij stilaan een meerderheid van de Fransen de strot uitkomt, niet het minst omdat hij - zoals het Britse kwaliteitsblad The Economist onlangs nog aantoonde - nu al tien jaar dezelfde straffe beloftes doet zonder dat er ook maar iets wezenlijks verandert. Bovendien dient zich met partijgenoot Nicholas Sarkozy, het nieuwe enfant terrible van de Franse politiek, een presidentskandidaat aan van wie de Fransen wél geloven dat hij voor verandering kan zorgen. Om een zware interne strijd binnen de Franse rechterzijde te voorkomen en meteen ook Chirac een oude dag vol kommer en kwel te besparen, heeft de politieke vriendenkring van Chirac nu een nieuw initiatief gelanceerd: "Waarom maken we Franse presidenten geen senator voor het leven?" Meteen zou Chirac, net zoals alle toekomstige presidenten, immuniteit voor het leven genieten. Hoewel de goedkeuring van die regeling niet simpel zal zijn - er is een grondwetswijziging voor nodig - is het voorstel tekenend voor de figuur van de Franse president en zijn omgeving. Niet alleen geeft het blijk van een schaamteloos Berlusconi-achtig misprijzen voor de elementaire democratische rechten en plichten, het sluit ook naadloos aan bij de hypocriete houding die Chirac de voorbije jaren aannam tegenover het beleid van George W. Bush. De Amerikaanse president en zijn onmiddellijke omgeving begingen zware fouten tijdens de oorlog in Irak. En ook de aanpak van het terrorisme kan je allesbehalve een succesnummer noemen. Maar de oppositie van Chirac en de Franse regering tegen Bush is van een onverteerbaar wansmakelijk allooi. Hangt de Franse afkeer voor de Amerikanen samen met de teloorgang van la grandeur de la France? De Fransen aanvaarden blijkbaar niet dat de Amerikanen hun land als een tweederangsnatie behandelen, hoewel onze zuiderburen - in een wereld met pakweg de VS, China, India, Rusland, Japan en het herenigde Duitsland - dat wel degelijk zijn. Meer nog had de oppositie van Frankrijk tegen de oorlog in Irak te maken met zakelijke belangen en financieel gewin. Dat blijkt overduidelijk uit het fameuze Duelfer-rapport. Dat citeert onder meer Tariq Aziz - ten tijde van Saddam Hoessein de Irakese minister van Buitenlandse Zaken - over de wijze waarop Franse bedrijven massaal geld verdienden aan het omstreden olie-voor-voedsel-programma van de Verenigde Naties. Franse diplomaten en toppolitici - onder meer de gewezen minister Charles Pasqua - namen volgens het Duelfer-rapport actief deel aan het opzetten van winstgevende circuits. Spilfiguur in dat alles was Patrick Maugein, voorzitter van de oliefirma Soco en een intimus par excellence van Chirac. De enige groep die dicht in de buurt van de Fransen kwam als het op het plunderen van het voedsel-voor-olie-programma aankomt, was de Russische zakenmaffia. Mooi gezelschap, monsieur le président! Johan Van Overtveldt