De Fransman Raphaël Jacquelin zal 16 oktober 2005 niet licht vergeten. Die dag pakte hij met de Open van Madrid zijn eerste overwinning in de Europese Tour. Op het korte terrein van de Club de Campo streek hij meteen een winstpremie van 166.660 euro op. De overwinning loodste hem de Europese top-100 binnen. Daarmee is Jacquelin al de zevende Fransman in die top. Onze landgenoot Nicolas Colsaerts prijkt op 102.
...

De Fransman Raphaël Jacquelin zal 16 oktober 2005 niet licht vergeten. Die dag pakte hij met de Open van Madrid zijn eerste overwinning in de Europese Tour. Op het korte terrein van de Club de Campo streek hij meteen een winstpremie van 166.660 euro op. De overwinning loodste hem de Europese top-100 binnen. Daarmee is Jacquelin al de zevende Fransman in die top. Onze landgenoot Nicolas Colsaerts prijkt op 102. In Madrid sloeg Jacquelin de eerste drie dagen telkens een 64, waarna hij afrondde met een 69: min 23, drie slagen beter dan de Schot Paul Lawrie. Jacquelin werd door zijn landgenoten dan ook getrakteerd op een waar champagnebad. Hij glundert: "De overwinning komt op het perfecte moment, mijn echtgenote is zwanger van ons tweede kind."Jacquelin (31) komt uit Lyon. Tien jaar geleden begon hij zijn profcarrière in de Challenge Tour. In 1998 promoveerde hij naar de grote Tour. De Fransman oogt heel Latijns, maar traint verbeten. Hij slijt eindeloze uren op de practice en is geen prater. De klank van een club die de bal raakt, is het liefste wat hij hoort. In zijn club, het Maison-Blanche (zo'n tien kilometer van de Zwitserse grens, ten oosten van Lyon) heeft een uitstekende reputatie. Daar polijstte hij zijn techniek, want hij was het een beetje beu om altijd zijn vrienden van de Franse ploeg te zien winnen. Jacquelin voelde dat hij goed bezig was: telkens hij een ereplaats veroverde, wist hij dat hij zijn allerbeste niveau niet had gehaald. Kenners van het Franse circuit voorspelden het al langer: Jacquelin is niet alleen technisch sterk, hij is ook moeilijk uit zijn lood te slaan. Zijn enige zwakke plek is dat hij niet altijd de nodige feeling heeft om doeltreffend te putten. Na de Open van Madrid schoof hij naar de 35ste plaats in de Europese Orde van Verdienste, die wordt aangevoerd door Colin Montgomerie. En die droomt nu al hardop van een achtste overwinning in dat klassement. In de wereld staat Jacquelin nu op 86. "Natuurlijk ambieer ik een plaats in de top 50, zodat ik kan deelnemen aan de majors." Jacquelin plant graag alles zeer zorgvuldig. En dat valt ook te merken aan zijn manier van spelen: hij heeft een hekel aan risico's. Zijn swing is zeer beheerst, en hij mikt altijd netjes op het midden van de fairways en greens. Van Jacquelin moet je geen slagen van 300 meter verwachten. Je ziet hem ook nooit meteen voor de vlag gaan. Dat levert resultaat op: sinds zijn debuut in de grote Europese Tour verdween hij er niet uit, wat uitzonderlijk is. En hij eindigt al vier jaar in de top 30. Toen hij nog voetbalde, dacht hij ook altijd eerst aan verdedigen. Broze knieën stuurden hem naar de golfbaan, waar hij al snel bekend stond als een speler met het doorzettingsvermogen van een buldog. Hij werkt keihard aan zijn fysieke conditie, let op zijn voeding en volgt ook mentale training. Wie geen genie is, moet zich op een andere manier wapenen. John Baete