Promotie van de creativiteit op het gebied van eigentijdse wooncultuur', zo luidde de aankondiging bij de eerste editie van Interieur. Een slogan die nu hier en daar een meewarige glimlach opwekt, maar die wel de houding tegenover design anno 1968 goed weergeeft.
...

Promotie van de creativiteit op het gebied van eigentijdse wooncultuur', zo luidde de aankondiging bij de eerste editie van Interieur. Een slogan die nu hier en daar een meewarige glimlach opwekt, maar die wel de houding tegenover design anno 1968 goed weergeeft. "De organisatoren van Interieur repten toen doelbewust niet over design," vertelt Dieter Van Den Storm, freelancejournalist en projectcoördinator van Interieur 2006. "Design had een elitair imago. De tijdgeest was helemaal anders. Nu is design overal, van de iPod en het nieuwe parfumflesje van Armani tot de nieuwe communicatiestijl van de NMBS. Dat is ongetwijfeld de grootste evolutie in die periode: design zie je overal. Voor de affiche van deze editie hebben we een soort behangpapier ontworpen, waar een persoonlijke toets in zit: een knipoog naar de allereerste affiche."Interieur heeft sinds 1968 een mooie traditie opgebouwd. Op het lijstje eregasten van de Kortrijkse interieur- en designbiënnale prijken ronkende namen als Verner Panton, Alessandro Mendini, Andrea Branzi, Jean Nouvel, Jasper Morrison en Philippe Starck. Namen die anno 2006 in geen enkele designencyclopedie ontbreken. Speciaal voor de jubileumeditie werd een selectie gemaakt van voorwerpen die door hun materiaalgebruik en vormgeving het best de tijdgeest weergeven. Daarbij onder meer Boby van Joe Colombo (1970), Proust van Alessandro Mendini (1978), Carlton van Ettore Sottsass (1982), Juicy Salif van Philippe Starck (1990), Knotted Chair van Marcel Wanders (1996), .03 van Maarten Van Severen (1998) en Primary Pouf van Arne Quinze (2000). Een bonte maar indrukwekkende verzameling designmeubelen. Van Den Storm: "De verscheidenheid is inderdaad enorm. Je hebt de opkomst van plastic in de jaren zeventig, de kleuren uit de jaren tachtig, de strakheid van de jaren negentig en de nieuwe materialen in het nieuwe millennium. Het was allemaal aanwezig op Interieur. Juist door de mix van vernieuwing en verjonging enerzijds en het aanspreken van het grote publiek anderzijds heeft Interieur een eigen plaats ver- overd tussen de andere internationale meubelbeurzen." De biënnale heeft door de jaren heen een internationaal kwaliteitslabel veroverd, vindt Van Den Storm. "De eregasten die uitgenodigd werden, zijn namen die nu nog altijd klinken. Interieur legt de vinger op de pols van het internationale design. De concurrentie uit het buitenland is groot, maar toch vindt de beurs door haar eigenheid weerklank. Dat is voor een deel ook te danken aan de goede reputatie van het Belgische design."Het Belgische design scoorde de voorbije jaren internationaal inderdaad heel goed. Maarten Van Severen, Xavier Lust, Dark, Quinze & Milan (Arne Quinze), Casimir, Alain Berteau, Vincent Van Duysen: het zijn allemaal namen die in designkringen klinken als een klok. De Belgen hebben in Kortrijk een reputatie hoog te houden, bevestigt Van Den Storm. "Ik verwacht nogal wat van de Belgische inbreng. Heel wat van onze ontwerpers hebben de voorbije jaren een vernieuwende wind laten waaien in de designwereld. Op Interieur komen onze landgenoten met heel veel scoops aanzetten."Het Oost-Vlaamse verlichtingsbedrijf Dark komt bijvoorbeeld met veel nieuwigheden, waaronder Oblivion van Arne Quinze. Alain Berteau is dit najaar alomtegenwoordig. Hij brengt een resem nieuwe producten uit voor verschillende producenten. Zijn Future Bathroom (2006) voor Van Marcke zal bestaan uit mobiele badkamereenheden, ideaal om op geregelde basis het interieur van de badkamer aan te passen. Hij presenteert ook Cover Sool, een nieuw ontwerp voor het Nederlandse Montis. "Het Belgische design is vooral Vlaams design, maar Berteau zou in de ontwerpwereld de brug kunnen slaan tussen Vlaanderen en Wallonië. Ik geloof sowieso dat er zoiets bestaat als Belgisch design. Bij ons zit er altijd wel een surrealistisch element, een scherp kantje aan. Dat is typisch Belgisch," aldus Van Den Storm. Naast de nieuwigheden van Dark en Berteau is het ook uitkijken naar de ruimte die Vincent Van Duysen maakte voor Carrières du Hainaut, met blauwe steen uit Henegouwen als belangrijkste materiaal. Nog een Belgische blikvanger: Bart Lens die voor Obumex een keuken maakte. Wat zijn de belangrijkste tendensen op de komende Interieurbeurs? Van Den Storm aarzelt als we hem de vraag voor de voeten werpen. Omdat hij een slechte trendspotter is, bekent hij, maar ook om een andere reden. "We leven in een tijd waarin verschillende stijlen naast elkaar bestaan. De enige trend is dat er geen trends zijn. Design en interieur zijn persoonlijk. De slogan van deze biënnale luidt niet voor niets Designed for you." Toch valt één ding op: minimalisme heeft zijn tijd helemaal gehad. Barokke krullen, weelderige detaillering en dessins keren terug. "Is dat een reactie op het minimalisme? Misschien. Het mag allemaal knusser en gezelliger. Of die trend zich doorzet, is de vraag, maar op Interieur worden onder de noemer My Deco Design wel 25 objecten tentoongesteld die de opkomst van die 'nieuwe barok' perfect illustreren. Elke ontwerper heeft zijn eigen manier om die barokke elementen te verwerken. Marcel Wanders doet het bijvoorbeeld duidelijk met een knipoog. Er bestaat ook nog niet echt een naam voor: is het een hedendaagse versie van barok of rococo, is het new flamboyance, baroquissima of new antiques?" Interieur, Kortrijk Xpo, Doorniksesteenweg 216, 8500 Kortrijk, van 13 tot 22 oktober 2006, www.interieur.be. Dominique Soenens