De jaarlijkse politieke hoogmis van paars zit er weer op. De beleidsverklaring van premier Guy Verhofstadt (VLD) is een feit. Opdracht volbracht, zo luidt de boodschap. Na een marathonzitting van vijftien uren kon de regeringsploeg dinsdag een overschotje van 0,3 % op het bruto binnenlands product (bbp) voor het begrotingsjaar van 2007 bekendmaken. Goed voor 900 miljoen euro.
...

De jaarlijkse politieke hoogmis van paars zit er weer op. De beleidsverklaring van premier Guy Verhofstadt (VLD) is een feit. Opdracht volbracht, zo luidt de boodschap. Na een marathonzitting van vijftien uren kon de regeringsploeg dinsdag een overschotje van 0,3 % op het bruto binnenlands product (bbp) voor het begrotingsjaar van 2007 bekendmaken. Goed voor 900 miljoen euro. René Magritte, de paus van de Belgische surrealisten, zei het al: "Elk taalgebruik is bedrog." Die uitspraak geldt des te meer voor de budgettaire hocus pocus die Verhofstadt I en II ons nu al zeven jaar lang opdissen. Dat de begroting voor even zoveel keren op rij in evenwicht is, is een knullige façade van erg veel dichtgeplamuurde gaten. De voorbije weken kon u in de kranten over de meest uiteenlopende bedragen lezen die de regering bij elkaar moest schrapen om het budget van 2006 in balans te krijgen. Van 350 miljoen euro tot bijna 5 miljard euro. Hebt u iets van draconische besparingen in het beleidsplan gevoeld? Er waren verontrustende flaters en procedurefouten. Zo misrekende de belastingadministratie zich in 883,6 miljoen euro aan fiscale ontvangsten. En de Raad van State schrapte de vastgoedconstructie die de overheid met Cofinimmo wou opzetten: adieu 593 miljoen euro. Vraagt deze regering u nu om de buikriem harder aan te halen? Neen, ze boert zonder blikken of blozen verder. Eenmalige maatregelen - nu opnieuw goed voor 1,3 miljard euro - zijn een bijna structurele bron van inkomsten geworden. Rode cijfers worden in de begroting zwart gekleurd door uitgaven van later in te boeken als courante inkomsten van nu. De geplande verkoop van tachtig overheidsgebouwen, waarop minister van Financiën Didier Reynders (MR) zo aasde, kon zonder enige inspraak van het parlement. Net zoals de vijftig panden die de voorbije jaren al werden versjacherd. De wijze waarop die aan de man werden gebracht, roept pertinente vragen op in het vastgoedwereldje (zie blz. 42). Eurostat maakte al bedenkingen bij de verkoop van achterstallige belastingschulden aan beleggers. Ook dat is teren op de toekomst: geld wordt geleend, met onzekere belastingvorderingen als onderpand. Die operatie bracht de regering 500 miljoen euro in het laatje voor de begroting van 2005. De Europese statistische dienst wil trouwens dat een andere operatie uit die periode, de overname door de regering van 7,4 miljard euro aan NMBS-schuld, effectief als een uitgave wordt geboekt. Daarover zwijgt de ploeg van Verhofstadt II momenteel in alle talen. Het huidige paarse beleid dwingt de regering die tussen 2007 en 2011 aan de macht zal zijn, in een bijna verstikkend keurslijf. Het begrotingsoverschot van 0,3 % in 2007 dat ze nastreeft, is pietluttig. De Hoge Raad voor Financiën adviseerde al drie jaar geleden een saldo van 0,7 % tegen 2007 en 1,5 % tegen 2010. Alleen zo'n streng beleid kan de staatsschuld tegen 2012 of uiterlijk 2013-2015 terugbrengen tot 60 % van het bbp. Wat ons zou toelaten om de kosten van de vergrijzing te financieren met besparingen op de rentelasten (dankzij de daling van de schuld). Nu bedraagt die Belgische staatsschuld nog meer dan 90 %, een loodzware erfenis. Boontje komt om zijn loontje. De hold-up op het pensioenfonds van Belgacom, waarmee de regering 5 miljard euro in handen kreeg om de begroting van 2003 en 2004 op te smukken, zal vanaf volgend jaar gaan doorwegen op het budget. De sluipende enronitis waaraan deze overheid zich schuldig heeft gemaakt, begint zijn tol te eisen. Hebben de regeringen Verhofstadt I en II zeven jaar lang een begroting in evenwicht kunnen houden en voor 2007 zelfs een klein overschot kunnen realiseren? De surrealistische dimensie hiervan zal spoedig duidelijk worden. En plein soleil, zoals Magritte zei. Piet Depuydt hoofdredacteur