De expo British Vision - Observatie en verbeelding in de Britse kunst, 1750-1950 biedt een overzicht van twee eeuwen Britse kunst. Niet alleen verzamelde het voortreffelijk gerenoveerde Gentse Museum voor Schone Kunsten zowat alle grote namen; aan de hand van schilderijen, tekeningen, prenten en de kruisbestuiving tussen fotografie en schilderkunst bracht het ook de diverse genres en stijlen op een overzichtelijke manier samen.
...

De expo British Vision - Observatie en verbeelding in de Britse kunst, 1750-1950 biedt een overzicht van twee eeuwen Britse kunst. Niet alleen verzamelde het voortreffelijk gerenoveerde Gentse Museum voor Schone Kunsten zowat alle grote namen; aan de hand van schilderijen, tekeningen, prenten en de kruisbestuiving tussen fotografie en schilderkunst bracht het ook de diverse genres en stijlen op een overzichtelijke manier samen. Robert Hoozee, directeur van het MSKGent, stelt in de inleiding van de kloeke catalogus dat Groot-Brittannië pas vanaf de doorbraak van de industriële revolutie (midden achttiende eeuw) een vooraanstaande rol begon te spelen in de westerse kunst. Er bestaat weliswaar een Britse gotiek, maar die was geïnspireerd op de Franse architectuur en beeldhouwkunst. Geïmmigreerde kunstenaars en ingevoerde kunstwerken spelen een niet onbelangrijke rol, maar pas vanaf 1750 kan je van een volbloed Britse traditie spreken. De tentoonstelling mikt op twee polen. Enerzijds is er de empirische houding of de observatie. Die vinden we terug in zowel stillevens als landschappen (er is zelfs een pastel van John Russell uit 1796 met een maanlandschap, geobserveerd door een telescoop - het pastel lijkt van ver op een foto). Anderzijds merk je een cultivering van de verbeelding en een neiging tot het visionaire. Voorbeelden uit die twee strekkingen vormen de rode draad doorheen de expositie. De verzameling werken is indrukwekkend. Zo is het bijzonder verrijkend om tussen de grootmeesters van het landschap - John Constable, J.M. William Turner en Thomas Gainsborough - een strak landschap van George Stubbs te ontdekken uit 1765 dat de desolate (stads)landschappen van Edward Hopper (1882-1967) voor de geest roept. British Vision zit trouwens vol verrassingen. Het werk van William Blake, William Hogarth en Aubrey Beardsley mocht uiteraard niet ontbreken. Maar wat dacht u van het originele handgeschreven en geïllustreerde exemplaar van Lewis Carrolls 'Alice's Adventures Under Ground'? De Britse humor uit zich in bijtend satirische prenten en etsen. Niet alleen het landschap is een bron van observatie en/of verbeelding, ook de Britse samenleving komt onder een kritische bril te liggen. Dit van 1750 tot het midden van de vorige eeuw, met 'A Rake's Progress' (1961-'63) van David Hockney als voorbeeld. De twee eeuwen Britse kunst sluiten af met enkele topwerken uit de vorige eeuw: een prachtige aquarel van Henry Moore en de opmerkelijke en eigenzinnige toetsen van onder meer Francis Bacon en Lucian Freud. British Vision: t/m 13 januari 2008, elke dag (behalve op maandag) van 10.00 uur tot 18.00 uur (op woensdag tot 21.00 uur) in het Museum voor Schone Kunsten, Citadelpark, Gent. Info: tel. 09 240 07 00, www.mskgent.be, www.britishvision.be Piet Goethals