Populieren, wilgen, duindoorn, riet, lisdodde en grassen, aangevuld met micro-organismen. De technologie waarmee het jonge bio2clean de vervuiling op de Carcoke-site in Zeebrugge wil aanpakken, is behoorlijk groen. De sanering maakt deel uit van Resana, een Europees demoproject waarin zes bedrijven uit België en Nederland, de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij OVAM en het kennisbedrijf Deltares milieuvriendelijke saneringsmethodes uittesten.
...

Populieren, wilgen, duindoorn, riet, lisdodde en grassen, aangevuld met micro-organismen. De technologie waarmee het jonge bio2clean de vervuiling op de Carcoke-site in Zeebrugge wil aanpakken, is behoorlijk groen. De sanering maakt deel uit van Resana, een Europees demoproject waarin zes bedrijven uit België en Nederland, de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij OVAM en het kennisbedrijf Deltares milieuvriendelijke saneringsmethodes uittesten. Voor bio2clean moet het project een verder bewijs leveren van de deugdelijkheid van zijn technologie. Die is ontwikkeld door professor Jaco Vangronsveld, directeur van het Centrum voor Milieukunde (CMK) van de Universiteit Hasselt. Die kwam op het idee bacteriën die plantengroei bevorderen, te kruisen met bacteriën die verontreinigende stoffen kunnen afbreken. De eerste grote veldtest met fytoremediatie, zoals de techniek heet, vond in 1999 plaats bij Ford Genk, dat een tolueen- en benzeenvervuiling wilde wegwerken. Na vier jaar bleken de planten een groot deel van de vervuiling te hebben weggewerkt. Bij de voormalige autobouwer was Dirk Dubin een van de grote pleitbezorgers voor de nieuwe aanpak. De Hasseltse industrieel ingenieur chemie werkte er op de milieudienst, als verantwoordelijke voor waterbehandeling en bodemsaneringen, en was er de bezieler van het milieuzorgsysteem ISO 14001. "Ik zag dadelijk de mogelijkheden. Fytoremediatie heeft een kleine ecologische voetafdruk en is een pak goedkoper. Je hoeft geen grond af te graven en te laten reinigen, of machines jarenlang water te laten oppompen en zuiveren." Dubin richtte bio2clean in 2015 op als een spin-off van CMK, samen met Mario Clemmens, een geoloog en gewezen bodemsaneringsdeskundige die sinds 2005 een milieuconsultancybureau runt. Bio2clean focust op de sanering van organische verontreiniging, door bijvoorbeeld olie, het oplosmiddel tetrachlooretheen (TCE) en de oliederivaten benzeen, tolueen, ethylbenzeen en xyleen (BTEX). "Een klassieke bodemsanering is duur en heeft een grote impact op de omgeving", weet Dubin. "Met de juiste mix van planten en micro-organismen kan je de vervuiling wegwerken en vermijden dat ze in het grondwater terechtkomt." Toch blijkt uit de jaarrekeningen van bio2clean dat het niet eenvoudig is de markt te overtuigen. "Bodemsaneringsdeskundigen moeten bij een sanering de mogelijke oplossingen voorstellen. Hoewel we vaak veel goedkoper zijn, vinden velen het niet vanzelfsprekend een minder bekende techniek als fytoremediatie naar voren te schuiven."