Vlaanderen telt 67 beschutte werkplaatsen. Er werken 20.500 mensen, van wie 17.000 een arbeidshandicap hebben. De werkplaatsen bieden aangepast werk en ondersteuning aan hun medewerkers, maar het zijn geen knuffelbedrijven: hier wordt met scherpe deadlines ingespeeld op de verwachtingen van de klanten. "Wij zijn goed in het opknippen van een opdracht in deeltaken. Onze teambegeleiders weten perfect wie waartoe in staat is", zegt Clement De Meersman, de nieuwe voorzitter van de Vlaamse Federatie van Beschutte Werkplaatsen (VLAB). "Zo kunnen we snel nieuwe kleine en grote opdrachten aanvatten. Onze kracht is dat we flexibel kunnen reageren op zeer specifieke vragen." De Meersman wil de sector van de beschutte werkplaatsen afhelpen van zijn stoffige imago. "Ik wil op mijn 63ste iets terugdoen voor de maatschappij."
...

Vlaanderen telt 67 beschutte werkplaatsen. Er werken 20.500 mensen, van wie 17.000 een arbeidshandicap hebben. De werkplaatsen bieden aangepast werk en ondersteuning aan hun medewerkers, maar het zijn geen knuffelbedrijven: hier wordt met scherpe deadlines ingespeeld op de verwachtingen van de klanten. "Wij zijn goed in het opknippen van een opdracht in deeltaken. Onze teambegeleiders weten perfect wie waartoe in staat is", zegt Clement De Meersman, de nieuwe voorzitter van de Vlaamse Federatie van Beschutte Werkplaatsen (VLAB). "Zo kunnen we snel nieuwe kleine en grote opdrachten aanvatten. Onze kracht is dat we flexibel kunnen reageren op zeer specifieke vragen." De Meersman wil de sector van de beschutte werkplaatsen afhelpen van zijn stoffige imago. "Ik wil op mijn 63ste iets terugdoen voor de maatschappij." De sector van de beschutte werkplaatsen haalde in 2012 een omzet van 310 miljoen euro. Dat is ruim 50 miljoen euro meer dan in het crisisjaar 2009. "We zijn uit het dal aan het klimmen", zegt De Meersman. "Net zoals de uitzendsector zijn wij een barometer voor de conjunctuur. Wij voelen de crisis als eerste. We zijn toeleveranciers en daarom zijn bedrijven eerst geneigd op onze diensten te besparen. Ze willen hun eigen personeel beschermen." Door de recessie is de aard van het werk licht veranderd. "We handelen meer korte opdrachten af in plaats van langetermijntaken, omdat die laatste vaak naar de lagelonenlanden gaan. Als een klein lot producten moet worden verpakt of aangepast, gebeurt dat bij ons. Het is niet rendabel dat in China te laten doen. Daarin ligt ons competitief voordeel." Het is voor een regulier bedrijf vaak financieel interessant om niet-kerntaken uit te besteden aan een beschutte werkplaats. Maar De Meersman zet de puntjes op de i: "Wij krijgen loonsubsidies, maar die dienen enkel als compensatie voor het lagere rendement van werknemers met een arbeidshandicap en hun behoefte aan extra begeleiding." Voor Clement De Meersman, die onder meer CEO van Deceuninck is geweest, is de VLAB een nieuwe stap. "Ik heb een carrière lang in het bedrijfsleven gewerkt. Daar stelden we eerst een businessplan op. Daarna zochten we uit hoe en met welke mensen we dat gingen uitvoeren. Hier werkt het andersom. We gaan uit van onze medewerkers en zoeken welk werk voor hen geschikt is, en welke opdrachten we dus kunnen aannemen." Daarmee wil de voorzitter niet gezegd hebben dat de mogelijkheden van zijn sector beperkt zijn, integendeel. "Wij denken niet vanuit een corebusiness. Daardoor zijn we complementair aan het reguliere bedrijfsleven. We nemen heel uiteenlopende opdrachten aan." De beschutte werkplaatsen handelen niet alleen verpakkingsopdrachten af, ze doen ook aan groenzorg voor gemeenten, ze werken voor de farmaceutische sector, ze doen aan houtbewerking en meubelmakerij, vervaardigen de informatieborden van De Lijn en recycleren de digiboxen van Telenet. Dat brede gamma van activiteiten is vaak zelfs in één werkplaats aan te treffen. De beschutte werkplaatsen maken ook onderlinge afspraken, om een gezamenlijk aanbod voor te stellen aan de klant. Op de ene plek wordt bijvoorbeeld gesneden, op de andere een meubel gemaakt. 12 procent van de activiteiten bestaat uit diensten buiten de beschutte werkplaats bij de opdrachtgever zelf. De Meersman: "We komen met een hele groep die samenwerkt en we bereiden de taak tot in de details voor. Zo moeten onze klanten niet telkens nieuwe mensen inwerken." De beschutte werkplaatsen kunnen die veelheid aan diensten alleen aanbieden door hun medewerkers goed te begeleiden. De meesten van hen hebben een verstandelijke beperking. "We kijken heel goed naar de competenties van onze mensen en zorgen voor voldoende ondersteuning en opleiding. Hier moet je echt op de maat van je personeel denken. Waartoe is elke individuele medewerker in staat? Waar liggen zijn grenzen? Wat maakt van hem een tevreden medewerker? Die vragen stellen we permanent", stelt Clement De Meersman. De voorzitter merkt dat sommige bedrijven nog wantrouwig staan tegenover zijn sector. "Ze zijn bang van het woord 'arbeidshandicap', maar onze mensen zijn heel goed in het uitvoeren van repetitief en nauwgezet werk. Ze zijn ook enorm gemotiveerd. De vele organisaties waarmee we samenwerken, zien hoe flexibel we zijn en dat we kwaliteit leveren. Zodra we er een voet binnen hebben, lopen de zaken." Spreek je de woorden 'beschutte werkplaats' en 'sociale economie' uit, dan valt al gauw de term 'doorstroming'. Politici en vertegenwoordigers van werkgeversorganisaties willen dat medewerkers die werken in de sociale economie en goed functioneren, worden opgenomen in de reguliere economie. Francis Devisch, de directeur van VLAB, zit al lang in het vak. Hij heeft dat pleidooi vaak gehoord. "Ik begrijp die bezorgdheid. Wij bieden onze mensen voldoende ontwikkelingskansen en we werken sterk aan hun competenties. Medewerkers die kunnen doorstromen naar de gewone arbeidsmarkt, moedigen we daar zeker toe aan, maar dat aantal is beperkter dan velen denken. Het gaat niet alleen om het uitvoeren van taken. Ook de omkadering, de begeleiding en de samenwerking met andere mensen zijn belangrijke factoren. Onze medewerkers zijn daar heel gevoelig voor. Ze voelen zich snel slecht in een omgeving die voor hen bevreemdend is." Clement De Meersman vult aan: "Maar dat is ook zo in de reguliere economie. Medewerkers die van bedrijf veranderen om tegen een beter loon elders te gaan werken, komen vaak ook van een kale kermis thuis, omdat ze in die andere bedrijfscultuur niet aarden. Zo eenvoudig ligt het allemaal niet." De sector van de beschutte werkplaatsen is in volle verandering (zie kader Maatwerk voor het Maatwerkdecreet). Met de goedkeuring van het Maatwerkdecreet in de zomer van 2013 werd de basis gelegd om de beschutte werkplaatsen, samen met de sociale werkplaatsen en de invoegbedrijven, onder te brengen onder één werkvorm: de maatwerkbedrijven. Daardoor kunnen personen met een handicap terecht in de sociale werkplaatsen, en kunnen mensen die lange tijd geen baan hebben gevonden in een regulier bedrijf door sociale problemen, ook terecht in de beschutte werkplaatsen. "Het zal een wat andere benadering vergen, maar wij hebben dat proces ondersteund", stelt Francis Devisch. "Het is belangrijk dat er een goed uitvoeringsbesluit komt met voldoende garanties voor de werkgelegenheid van beide doelgroepen. Hopelijk slaagt de huidige Vlaamse regering daar nog in. Dan is het aan de volgende federale regering om de ongelijkheid in de loonkostensubsidies weg te werken, want ook dat is cruciaal om tot één werkvorm te komen." De VLAB stelt dat het nog meer mensen aan een baan kan helpen. "Heel wat beschutte werkplaatsen hebben een wachtlijst, maar de overheid beperkt het aantal werknemers vanwege de subsidies", stelt Devisch. "Dat is een politieke keuze, maar we zijn dan wel vragende partij om mee te dingen bij aanbestedingen van de overheid. De Vlaamse overheid haalt haar eigen werkgelegenheidsquotum van 3 procent voor personen met een handicap niet. Dan is het misschien een idee ons via subsidies de kans te geven zulke mensen aan te werven." Is dat niet een beetje zoals schone lucht kopen omdat je te veel CO2 produceert? "Euh ja, dat zou kunnen, maar het kan maar helpen", glimlacht de VLAB-directeur." De onderhandelingen tussen de VLAB en het kabinet van Vlaams minister van Sociale Economie Freya Van den Bossche (s.pa) lopen nog. JOHAN DE CROMBeschutte werkplaatsen zijn geen knuffelbedrijven. Hier wordt met scherpe deadlines ingespeeld op de verwachtingen van de klanten. "Wij denken niet vanuit een corebusiness. Daardoor zijn we complementair aan het reguliere bedrijfsleven"