Ik werd op het werk gepest en ben ontslagen, hoewel ik klacht had ingediend bij de politie. Omdat mijn werkgever niet van mijn klacht wist, zou ik geen bescherming genieten tegen ontslag. Klopt dat?

De wet van 4 augustus 1996 over het welzijn van de werknemers zegt uitdrukkelijk dat een werknemer die rechtstreeks klacht heeft ingediend bij de politie, het parket of de sociale inspectie, dezelfde bescherming geniet als een werknemer die klacht heeft ingediend bij de preventieadviseur.
...

De wet van 4 augustus 1996 over het welzijn van de werknemers zegt uitdrukkelijk dat een werknemer die rechtstreeks klacht heeft ingediend bij de politie, het parket of de sociale inspectie, dezelfde bescherming geniet als een werknemer die klacht heeft ingediend bij de preventieadviseur. Het artikel zegt dat de bescherming geldt "vanaf het ogenblik waarop de klacht werd ingediend". Uiteraard moet de werkgever van de klacht op de hoogte worden gebracht, hetzij door de preventieadviseur, hetzij door de instelling die de klacht in ontvangst neemt (als de klacht werd ingediend bij de politie, het parket of de sociale inspectie), maar die mededeling is geen voorwaarde om de bescherming te laten ingaan. De rechtspraak heeft dit al talloze keren bevestigd. Als iemand klacht neerlegt en nadien wordt ontslagen, rijst het vermoeden dat beide zaken verband houden met elkaar. Maar dit vermoeden is weerlegbaar. De werkgever mag bewijzen dat het ontslag gerechtvaardigd is om redenen die niets met de klacht te maken hebben. Sommigen verdedigen inderdaad het standpunt dat, als de werkgever geen weet had van de klacht, het ontslag er sowieso geen verband mee kan houden en er dus wel andere redenen moeten zijn. Het Arbeidshof van Brussel trad deze stelling echter niet bij in zijn arrest van 21 september 2011. In die zaak was er sprake van een klacht waarvan de werkgever niet op de hoogte was gebracht. Het hof oordeelde: - dat de bescherming inging vanaf het ogenblik dat de klacht werd ingediend; - dat het feit dat de werkgever niet op de hoogte werd gebracht van de klacht niet volstond om aan te tonen dat er geen verband was met het ontslag. Volgens het Hof zou zo'n standpunt namelijk aanleiding geven tot een restrictieve interpretatie van de bescherming. De werknemer zou dan enkel beschermd zijn tegen ontslag als vergelding. Dat strookt niet met de echte draagwijdte van de wettelijke bescherming, namelijk dat het verboden is om een werknemer te ontslaan voor de feiten waarvan sprake in de klacht. De wet verplicht diegene die de klacht in ontvangst neemt om aan de werkgever mee te delen dat er klacht werd ingediend en dat de betrokkene bescherming geniet vanaf het ogenblik waarop de klacht werd ingediend. Als de politie, het parket of de sociale inspectie de werkgever niet meteen op de hoogte brengt, is de Belgische staat verantwoordelijk.Hebt u een vraag voor onze experts? Stuur een e-mail naar expert@trends.be.Christophe Delmarcelle, advocaat bij Bird & Bird