Nog jaren, allicht decennia, zullen economen en analisten hun tanden zetten in de vele vragen die blijven over het hoe en het waarom van de moeder van alle financiële crisissen die sinds de zomer van 2007 heel ons financieel-economisch systeem ontreddert. Waar voor een grote meerderheid van de onderzoekers nauwelijks enige twijfel over bestaat, is over de schuld van de Amerikaanse centrale bank, de Federal Reserve Board (Fed). Onder het voorzitterschap van Alan Greenspan voerde de Fed, zo klinkt de consensus, in de periode 2002-2006 een te expansief monetair beleid door te lang de rentevoeten op een veel te laag peil te houden. Deze easy money-politiek voedde de speculatie en de schuldvorming en droeg in belangrijke mate bij tot de vorming van de gigantische zeepbel op de Amerikaa...

Nog jaren, allicht decennia, zullen economen en analisten hun tanden zetten in de vele vragen die blijven over het hoe en het waarom van de moeder van alle financiële crisissen die sinds de zomer van 2007 heel ons financieel-economisch systeem ontreddert. Waar voor een grote meerderheid van de onderzoekers nauwelijks enige twijfel over bestaat, is over de schuld van de Amerikaanse centrale bank, de Federal Reserve Board (Fed). Onder het voorzitterschap van Alan Greenspan voerde de Fed, zo klinkt de consensus, in de periode 2002-2006 een te expansief monetair beleid door te lang de rentevoeten op een veel te laag peil te houden. Deze easy money-politiek voedde de speculatie en de schuldvorming en droeg in belangrijke mate bij tot de vorming van de gigantische zeepbel op de Amerikaanse huizenmarkt. Het uiteenspatten van die zeepbel maakte deze crisis tot een megacrisis. Niemand minder dan Ben Bernanke komt nu met materiaal dat stevige vraagtekens doet rijzen over dat standaardverhaal. Bernanke is uiteraard zéér betrokken partij. Van augustus 2002 tot juni 2005 was de gewezen professor economie van Princeton bestuurder bij de Fed. In die hoedanigheid toonde hij zich een toegewijd steunpunt voor het beleid van Greenspan. Op 1 februari 2006 volgde hij Greenspan op als voorzitter. Enkele weken geleden werd Bernanke in die functie herbenoemd voor een tweede ambtstermijn. Tijdens de jaarvergadering van de American Economic Association op 3 januari in Atlanta, kwam Bernanke op de proppen met een opvallende analyse (*). Bijgaande grafiek geeft de essentie weer van Bernanke's bevindingen. De blauwe lijn op de grafiek is de evolutie van de beleidsrente van de Fed in het eerste decennium van de 21ste eeuw. Onmiddellijk opvallend daarbij is de zeer lage rente in de periode 2001-2005. De rode lijn geeft aan wat de beleidsrente van de Fed had moeten zijn indien de Fed haar beleid had afgestemd op een klassieke Taylor-regel. De monetaire econoom John Taylor legde het verband tussen het niveau van de beleidsrente en de stand van zaken in de economie, de evolutie van de economische groei en de inflatie. De rode lijn ligt over heel de lijn, en zeker in de periode 2002-2006, beduidend boven de blauwe lijn zodat de conclusie van een onverantwoord expansief monetair beleid van de Fed voor de hand ligt. Case closed? Als het aan Bernanke ligt: no. De essentie van het betoog van Bernanke klinkt dat beleidsmakers vooruitziend moeten zijn en dat betekent dat je in de Taylor-regel niet de actuele situatie van groei en inflatie moet relateren aan de gewenste situatie (bijvoorbeeld 2,5 procent groei en 1,5 procent inflatie). Bernanke argumenteert dat met de verwachte waarden voor groei en inflatie in de Taylor-regel moet worden geschoven. De verwachtingen op het moment dat beslissingen over de rentestand genomen moeten worden. De groene lijn is het resultaat van deze oefening. Vergelijk je de blauwe en de groene lijnen, dan blijft er een overexpansief geurtje kleven aan het beleid van de Fed in de periode 2002-2006, maar de omvang van de extravagantie valt veel kleiner uit. Bernanke maakt een valabel punt als hij stelt dat beleidsmakers zich bij voorkeur moeten baseren op de verwachtingen voor de objectieven van hun beleid, de maximale groei bij lage inflatie. Uit de verslagen van het Federal Open MarketCommittee, het orgaan binnen de Fed waar de rentebeslissingen vallen, blijkt inderdaad dat de discussie zich vaak op die verwachtingen concentreert. Ook al is het niet echt duidelijk waar de cijfers over die verwachte waarden vandaan komen, de argumentatie van Bernanke, geeft weer een ander perspectief aan de discussie over het beleid van de Fed. Tegelijk concludeert Bernanke dat de zeepbel in de huizenmarkt veel te maken had met kaduke regulering. Aangezien de Fed ook daar een belangrijke rol had moeten spelen, mag de vermanende vinger in de richting van de Amerikaanse centrale bank dus overeind blijven. Johan Van Overtveldt DE AUTEUR IS ALGEMEEN DIRECTEUR VAN HET ONDERNEMERSPLATFORM VKW. (*) DE PAPER