D eath, Debt or Divorce. Als een integrale collectie op een veiling opduikt, is dat meestal het gevolg van de 'wet van de 3 D's'. Karsten Klingbeil (86) is niet in een scheiding verwikkeld en heeft geen schulden, hij is terminaal ziek. De Zweedse bouwondernemer annex kunstenaar annex filantroop moest al een amputatie ondergaan en is gekluisterd aan zijn rolstoel. Veel plezier heeft hij op zijn oude dag niet meer aan zijn gigantische verzameling van 600 harnassen, wapentuig en militaria.
...

D eath, Debt or Divorce. Als een integrale collectie op een veiling opduikt, is dat meestal het gevolg van de 'wet van de 3 D's'. Karsten Klingbeil (86) is niet in een scheiding verwikkeld en heeft geen schulden, hij is terminaal ziek. De Zweedse bouwondernemer annex kunstenaar annex filantroop moest al een amputatie ondergaan en is gekluisterd aan zijn rolstoel. Veel plezier heeft hij op zijn oude dag niet meer aan zijn gigantische verzameling van 600 harnassen, wapentuig en militaria. Dus besliste hij na vijftig jaar intensief verzamelen om zijn integrale collectie te verkopen. Klein probleem: hij wou er - naar verluidt - 50 miljoen euro voor. Musea hapten niet toe, omdat ze al veel gelijkaardige stukken in hun vaste collectie hadden. Maar vooral omdat van Klingbeils verzameling maar ongeveer voor een derde echt authentiek is. "Een deel zijn stukken die samengesteld zijn uit onderdelen van verschillende tijdsvakken. En de rest is vals of gemaakt in de negentiende eeuw als replica", vertelt een goedgeplaatste anonieme verzamelaar. "De kwantiteit van de Klingbeil-collectie is uitzonderlijk, niet de kwaliteit. De realiteit is dat de Zweed veel geld maar weinig vakkennis had. Hij vertrouwde de handelaars blindelings, maar die verkochten hem jaren replica's tegen de prijs van echte stukken. De veilingcataloog van Bergé moet confronterend zijn voor Klingbeil: veel van zijn te duur betaalde objecten blijken maar een fractie waard in de schattingen. Het verhaal legt een vuil mechanisme in de kunstwereld bloot: als je veel geld hebt, ben je een wandelende portemonnee voor malafide handelaars. Een niche uitkiezen en veel studeren, is de enige remedie tegen zo'n bedrog." Aan musea kon Klingbeil zijn collectie niet slijten, dus kwamen de veilinghuizen bij hem langs. Alle besprekingen sprongen af omdat de verzamelaar per se alles in zijn geheel wou verkopen, terwijl de meeste veilinghuizen enkel de topstukken wilden. Tot het veilinghuis Bergé hem voorstelde om zijn harnassencollectie én een collectie opgezette krabben en kreeften samen te veilen. "De twee verzamelingen vullen elkaar perfect aan: zowel mensen als dieren beschermen zichzelf met pantsers. Die invalshoek vond meneer Klingbeil erg interessant", zegt Frédéric Chambre, vicevoorzitter van het veilinghuis. In Bergés voordeel speelde ook dat het geregeld volledige collecties veilt. Bij zulke veilingen zijn de prijzen vaak hoger, vooral als de vorige eigenaar bekend of gerenommeerd was. Alleen: hier is die provenance wat problematisch, want Klingbeil kocht niet gericht, maar vooral veel. Bijkomend probleem: Bergé heeft geen ervaring in de zeer specifieke branche van antieke harnassen en wapentuig. "De collectie wordt gedeeltelijk geveild bij ons en gedeeltelijk bij Hermann Historica in München, een veilinghuis dat gespecialiseerd is in militaria", zegt Chambre. Nicholas McCullough, expert bij Hermann Historica: "Meneer Klingbeil wou de collectie integraal verkopen. We hebben ze verdeeld over twee veilingen. Bij Bergé komen de eerder decoratieve stukken onder de hamer, bij ons de academische stukken." Chambre: "Er zijn twee types verzamelaars van harnassen en militaria: enerzijds collectioneurs op academisch niveau, die authentieke stukken met een goeie provenance willen. En anderzijds mensen die een harnas of wapen zien als een decoratieobject. Die laatste groep zal eerder grijpen naar de negentiende-eeuwse kopieën of gerestaureerde stukken uit de collectie. Trouwens, er is niks mis met zo'n victoriaanse kopie 'in de stijl van de vijftiende of zestiende eeuw'. Zo'n object heeft ook een waarde, al is het maar voor het handwerk." Het probleem is dat zelfs die replica's erg hoge schattingen krijgen in de cataloog, terwijl hun reële marktwaarde helemaal niet zo hoog ligt. Ook voor de topstukken zijn de schattingen nogal optimistisch. "Wellicht schrikt die hoge instelprijs al het grootste deel van de potentiële kopers af. Wereldwijd zijn er maar een 3000-tal verzamelaars", aldus de verzamelaar. Een van de belangrijkste stukken is een prachtig zestiende-eeuws harnas uit het beroemde atelier van siersmid Pompeo della Cesa. Klingbeil kocht het in 1983 op de fameuze Hever Castle-veiling voor 50.600 pond nu wordt het geschat op 250.000 euro. De Klingbeil-veiling wordt vaak in één adem vernoemd met de Hever Castle-collectie in 1983. Terecht? "Absoluut, er komt maar zelden een collectie van dit niveau op de markt", vindt Frédéric Chambre (Bergé). "Nonsens", vindt de verzamelaar. "De Klingbeil-collectie is een van de meest tricky veilingen ooit. Klingbeil probeert al vijftien jaar om ze te verkopen. De verzameling is zelfs niet meer compleet, als ik de cataloog vergelijk met de recentste foto's van zijn verzameling." Opvallend is dat Bergé de avond voor de veiling op 12 december ook drie thematische lezingen rond harnassen en pantsers bij insecten organiseert. Wellicht om de veiling wat meer gewicht én academische allure te geven. Een van de sprekers is Tobias Capwell, sinds 2006 de curator van de harnas- en wapenafdeling in de Wallace Collection. Dat is de privéverzameling van sir Richard Wallace, die sinds 1897 aan Groot-Brittannië is geschonken. Capwell is perfect gecast voor de lezing: hij doet een frisse wind waaien in de ietwat stoffige wereld van harnassen en militaria. Met tal van glamoureuze publicaties over de Wallace Collection brengt hij de antiquiteiten weer tot leven. Capwell doet zelfs mee aan hedendaagse steekspelen om beter te begrijpen hoe wapens en harnassen indertijd gebruikt werden. "Mocht ik meneer Capwell zijn, ik had me niet laten verleiden voor een conferentie over de Klingbeil-veiling", aldus de verzamelaar. "De lezing geeft de veiling een zekere academische luister die ze misschien niet verdient." Het steekspel kan beginnen. De Karsten Klingbeil-veiling vindt plaats op 13 december bij veilinghuis Pierre Bergé & Associés in Brussel. Deel 2 wordt in juni 2012 bij Hermann Historica in München geveild. De lezingenreeks met Tobias Capwell (Wallace Collection), Pierre Terjanian (Philadelphia Museum of Art) en Gilbert Lachaume (expert entomologie) is op 12 december van 17 u. 30 tot 19 u. 30. www.pba-auctions.com THIJS DEMEULEMEESTER"De kwantiteit van de Klingbeil-collectie is uitzonderlijk, niet de kwaliteit"