Onlangs zei topman Julien De Wilde van Bekaert dat we ons best voorbereiden op een Chinese tsoenami, zodat we maximaal kunnen gebruikmaken van Chinese investeringen in Europa. Dat is precies wat het project . be-hk Invest van de Belgische consul-generaal in Hongkong, Patrick Nijs, beoogt.
...

Onlangs zei topman Julien De Wilde van Bekaert dat we ons best voorbereiden op een Chinese tsoenami, zodat we maximaal kunnen gebruikmaken van Chinese investeringen in Europa. Dat is precies wat het project . be-hk Invest van de Belgische consul-generaal in Hongkong, Patrick Nijs, beoogt. Initiatieven die specifieke aandacht verdienen, zijn volgens Nijs: studenten aantrekken, een one-stop-shop-benadering en het aanbrengen van concrete projecten waarop Chinezen kunnen inpikken. Maar hoe dit concreet ingevuld moet worden, is nog niet duidelijk. Behalve, zegt men bij de Dienst Investeren in Vlaanderen (Flanders Investment & Trade), dat Chinese bedrijven met buitenlandse ambities attent zullen worden gemaakt op het dubbelbelastingverdrag tussen België en Hongkong. Oud-ambassadeur in Peking Johan Maricou noemt twee prioriteiten: "Eén: het systematisch inrichten van investeringsseminaries in China en voor Chinese delegaties die naar hier komen. Twee: een denkoefening doen om ervoor te zorgen dat buitenlandse investeerders niet worden afgeschrikt door de complexiteit van ons staatsbestel." China-kenner Chris Morel wees al veel vroeger op het belang van Chinese investeringen. Hij vindt één loket belangrijk "omdat Chinezen tijd nodig hebben om te beslissen, maar daarna moet het plots vlug vooruitgaan. We moeten beseffen dat de concurrentie in Europa om directe buitenlandse investeringen uit China zeer intens zal worden." Troeven die we moeten uitspelen, zijn volgens hem dat binnen een straal van 550 kilometer 60 % van de Europese koopkracht ligt en dat Brussel met zijn concentratie aan politieke en economische beslissers, lobbyisten of beleidsbepalers een gedroomde locatie is. "Chinezen waarderen ook onze open geest, vrij van politieke of monopolistische bijbedoelingen. Daarom zijn ze ook vragende partij voor bijvoorbeeld joint export met Vlaamse bedrijven. Dan kunnen ze samen in derde markten opereren. Waarbij ze kunnen leren van onze ervaring, kennis, referenties en relaties." De waardering voor onze open geest wordt aangescherpt door het China Europe Management Center (CEMC) in Antwerpen. Daar verblijven jaarlijks 150 tot 200 Chinese managers voor enkele weken om cursussen te volgen en tegelijk Vlaamse bedrijven bezoeken. "Er is een netwerk opgebouwd van 800 alumni met veel goodwill tegenover Vlaanderen en België. Dat moeten we koesteren. De interesse voor CEMC in Peking en Sjanghai neemt toe. Hopelijk plaatst de overheid daar de nodige financiële middelen tegenover." Chris Morel wijst op het Belgisch-Chinese KMO-Fonds van 100 miljoen euro, waardoor ook gezamenlijke R&D-projecten in de beide landen denkbaar zijn. Chinese bedrijven in België zijn: Cosco (zeevracht), China Southern (luchtvracht), BCM Technomic (hightech), EAN (e-commerce), Intersineu (import-export), Morelinks (trader in chemicaliën en farma), Kam Yuen (supermarkt), Bestar en Euro CBC (consultancy).