Elk jaar reikt het Britse vakblad Euromoney prijzen uit aan de beste private bankers overal in de wereld. In België is Bank Delen verkozen tot de beste vermogensbankier. Delen stoot Bank Degroof, de winnaar van vorig jaar, van de troon. Op de derde plaats in het algemeen klassement vinden we Petercam. De top vijf wordt aangevuld door twee grootbanken, Fortis en ING.
...

Elk jaar reikt het Britse vakblad Euromoney prijzen uit aan de beste private bankers overal in de wereld. In België is Bank Delen verkozen tot de beste vermogensbankier. Delen stoot Bank Degroof, de winnaar van vorig jaar, van de troon. Op de derde plaats in het algemeen klassement vinden we Petercam. De top vijf wordt aangevuld door twee grootbanken, Fortis en ING. Bank Delen, in 1936 gesticht door André Delen, behoort tot de beursgenoteerde groep Ackermans & van Haaren. Finaxis, de financiële poot binnen de groep, bezit alle aandelen van Bank Delen en van Bank van Breda. Finaxis wordt op zijn beurt voor 75 % gecontroleerd door Ackermans & van Haaren en voor 25 % door de familie Delen. Sinds 1998 is er een samenwerkingsakkoord met de Bank van Breda. Medische vrije beroepers die klant zijn bij de Bank van Breda en een belegbaar vermogen hebben van minstens 500.000 euro, komen bij Bank Delen in aanmerking voor vermogensbeheer. Bank Delen is voornamelijk actief in België, vanuit de hoofdzetel in Antwerpen en de kantoren in Brussel, Gent, Rumbeke en Luik. Eveneens heeft de bank een filiaal in Luxemburg, waar veertig à vijftig mensen werken, en in Zwitserland. De nettowinst van Bank Delen steeg in 2006 tot 30 miljoen euro tegenover 25,9 miljoen in 2005. Wat de troeven zijn van Bank Delen, legt gedelegeerd bestuurder Paul De Winter in vijf stappen uit. "Delen is sinds 1936 een familiale groep," legt De Winter uit. "In 1992 gingen we samen met de groep Ackermans & van Haaren. We konden het familiale karakter van de bank behouden en de familie Delen is een belangrijke rol blijven spelen in het bankgebeuren. We onderscheiden ons door het feit dat vier van de vijf directieleden dagelijks klanten ontmoeten en voelen wat er op het terrein leeft. We kunnen recht in de ogen van de klanten kijken wanneer we zeggen dat we hun portefeuille beheren op dezelfde manier als de onze. Dat is een troef die wordt gewaardeerd en die ervoor zorgt dat er plaats is voor zogenaamde kleinere spelers. 'Klein' moeten we wel nuanceren, want met een beheerd vermogen van meer dan 10 miljard euro tellen we mee op Europees niveau. De truc bestaat erin juist groot genoeg te zijn, maar aan de andere kant relatief klein om een persoonlijke relatie met de klant te waarborgen. Buitenlandse concurrentie maakt de markt professioneler en verhoogt de algemene service voor de klant. We hebben veel respect voor beheerders als UBS, want die hebben het heel goed gedaan. We moeten de concurrenten respecteren, maar we hebben er zeker geen schrik van. Een andere troef van een onafhankelijke speler is de continuïteit in de vertrouwensrelatie. We proberen ervoor te zorgen dat ons personeel betrokken is bij de familiale onderneming, dat er een goede sfeer is en dat onze beheerders een zekere anciënniteit hebben, zodat ze een relatie kunnen aangaan met de klanten. We zijn ook niet gebonden aan een product dat we zelf uitgeven, maar kiezen vrij uit het aanbod van de markt. Niet toevallig zijn het de drie onafhankelijke spelers ( nvdr - Bank Delen, Bank Degroof en Petercam) die stelselmatig goed scoren in de rangschikking van Euromoney." De Winter: "Op het einde van 2006 beheerden we een vermogen van 10,2 miljard euro. In de eerste drie maanden van 2007 was de aangroei aanzienlijk. Nu zitten we rond 11 miljard euro. Dat is voor een deel toe te schrijven aan onze verkiezing tot beste Belgische private bank. Ook onze relatief goede prestaties in de laatste twee jaar spelen een rol. We staan bekend als een voorzichtige, maar dynamische belegger. We zijn niet altijd de beheerder bij wie u het hoogste percentage in aandelen mag verwachten. U moet weten dat het beheerde vermogen voor 99 % komt van privécliënteel. Sinds 1992 kennen we een constante groei. Discretionair beheer ( nvdr - beheer waarbij de klant de bevoegdheid over zijn vermogen overdraagt aan de bank) is goed voor 75 % van onze totale deposito's. Onze interne groei is goed voor 60 %, de externe voor 40 %. De externe groei is het resultaat van een hele reeks overnames sinds 1992. De overnameprooien worden natuurlijk steeds beperkter. Ons relatieve marktaandeel in private banking in België bedraagt zo'n 6 à 7 %. Op de totale markt van het spaarwezen is dat misschien maar 0,5 tot 1 %. Er is dus nog ruimte voor ons in België. Vroeger beheerden we een klein deel van het vermogen van onze klanten: het gedeelte dat ze in aandelen wilden beleggen. We zijn geëvolueerd tot een beheerder die het hele vermogen beheert." De Winter: "Onze doorsneeklant is iemand die te weinig tijd heeft om zijn vermogen adequaat te beheren, die op twee oren wil slapen en wil dat zijn portefeuille wordt beheerd door iemand die dat op een gewetensvolle manier en in volle transparantie doet, met zeer degelijke resultaten. Onze klanten weten dat ze beter kunnen doen dan een spaarboekje of een obligatie, maar willen het zelf niet proberen. Klanten die bij ons voor 100 % in aandelen beleggen, maken slechts 10 à 15 % van het cliënteel uit. Mensen die alleen in obligaties beleggen vertegenwoordigen 5 %, en 60 à 70 % zit tussen 35 en 50 % in aandelen. We hameren trouwens op een transparant vermogen. We doen geen discretionair beheer voor mensen die stukken in hun koffer bewaren. We hameren op bruikbaar kapitaal. We hebben dan ook relatief veel dossiers overgehouden aan de eerste fiscale amnestie, de eenmalige bevrijdende aangifte. Wat de instapdrempel betreft, is onze filosofie dat die er eigenlijk niet is. We hebben nooit een klant geweigerd op basis van het bedrag, wel op basis van de manier van werken. We leggen sterk het accent op discretionair vermogensbeheer. De bank neemt de verantwoordelijkheid van het dagelijkse beheer van de portefeuille en geeft heel gedetailleerde feedback. We hebben nu meer dan 4000 klanten die hun portefeuille opvolgen via Delenonline.be, een site die alleen kan worden geraadpleegd door mensen die in beheer zijn. Als het toevertrouwde bedrag te klein is, werken we sowieso onder discretionair beheer, zodat we efficiënt kunnen werken. Onze kleinere klanten mogen niet van ons verwachten dat we ze gaan opbellen met de tip van de dag of over een nieuwe beursintroductie. Voor adviserend vermogensbeheer ( nvdr - waarbij de bank alleen advies geeft) vragen we wel een minimumbedrag. We stellen vast dat nieuwe klanten steeds met grotere bedragen, tussen 800.000 en 1 miljoen euro, bij ons aankloppen." De Winter: "Als u zegt: 'Ik wil 10 % rendement en geen risico's nemen', antwoord ik dat we dat niet kunnen halen. We zullen er alles aan doen om de klant te laten inzien dat een rendement van 10 % niet realistisch is. Tijdens de vier laatste beursjaren (2003- 2006) hebben we voor veel klanten dat rendement gehaald, maar dat was dan omdat de marktsituatie meezat. Ik zou dat rendement niet durven te extrapoleren. Het is niet onze strategie klanten binnen te halen door fantastische rendementen voor te spiegelen. We bieden liever een gebalanceerde portefeuille aan: 50 % aandelen en 50 % obligaties of cash. Op die manier kunnen we met een grote mate van waarschijnlijkheid een rendement van 5 à 6 % vooruitschuiven voor de langere termijn. We waarschuwen klanten ook voor wonderbeleggingen waar gegarandeerde rendementen van 6,5 à 7 % worden beloofd, zwart op wit."De Winter: "De klant krijgt dagelijks borderellen met de afrekening van zijn verrichtingen. Hij krijgt maandelijkse en driemaandelijkse overzichten met rendementen. Dat lijkt evident, maar ik zie regelmatig portefeuillestaten van andere banken, met talloze bladzijden waar de klanten zijn weg niet in vindt. Voor dat alles kunnen we rekenen op een heel performant informaticasysteem. Dat is de verdienste geweest van Jacques Delen. We hebben onze eigen informatica ontwikkeld met tien à twaalf personen. Omdat we alles zelf ontwerpen, is alles soepel en gebruiksvriendelijk." Jo Van Ingelgem