Belgen spelen met vuur in Canada

Op 28 juli weten de Vlaamse vuurwerkmakers van Hendrickx & Lefeber of ze op het festival van Montreal in de prijzen vallen. Zo’n Gouden Jupiter is natuurlijk mooi, maar het is de bedrijfsleiders in Canada vooral om de internationele contacten te doen.

Het vuurwerkbedrijf Hendrickx & Lefeber ligt in hartje Deurne. Het bedrijfspand ligt verscholen achter bomen die nog door de voorouders van wijlen Eugène Hendrickx werden geplant, toen het bedrijf er zich op het eind van de negentiende eeuw kwam vestigen. Het familiebedrijf is nu in handen van Guy Hendrickx, broer van Eugène, en Marc Lefeber, het eerste niet-familielid dat de onderneming in 2000 vergezelde. “We dragen misschien niet de titel van beste vuurwerkmaker, maar we zijn zeker het oudste vuurwerkbedrijf in België,” zegt Lefeber. “We bezitten documenten uit 1788, die bewijzen dat we al meer dan tweehonderd jaar actief zijn.”

Hendrickx is een gevestigde naam, niet alleen in ons land; maar ook ver daarbuiten. Zo oogstte Eugène Hendrickx, die het bedrijf van zijn ouders overnam, veel bijval met zijn vuurwerkspektakel bij de opening van de Kennedytunnel in 1969.

De Belgische vuurwerksector telt een handvol spelers, maar de meeste vuurwerkbedrijven richten zich uitsluitend op de binnenlandse markt. Hendrickx & Lefeber wil opnieuw een toonaangevende internationale rol spelen, zoals het geval was in de jaren zeventig. “Na de dood van Eugène, twee jaar geleden, dacht iedereen dat we ermee gestopt waren,” zegt Marc Lefeber. “Jaren daarvoor had de familie Hendrickx immers meermaals gezegd dat ze geen opvolger had. Nu moeten we tonen dat we er nog altijd staan, maar dat is niet altijd gemakkelijk.”

Met de deelname aan het vuurwerkfestival in Montreal – een van de grootste festivals en eigenlijk het officieuze ‘WK vuurwerk’ – hoopt het familiebedrijf de naamsbekendheid op te vijzelen. Gedurende een maand hebben acht verschillende landen hun kunnen getoond. Het is de eerste keer in achttien jaar dat Hendrickx & Lefeber deelneemt. “De bedrijven worden geselecteerd op basis van hun palmares,” zegt Lefeber. “De organisatoren hebben ons eerder al gevraagd om mee te doen, maar nu pas achten we de tijd rijp.” De voorbereidingen voor de dertig minuten durende show namen ongeveer een jaar in beslag. Lefeber bouwde zijn show op rond Disney. “Veel mensen kennen de muziek, en het spreekt een breed publiek aan.” De Antwerpse vuurwerkmaker houdt vooral de olympische gedachte voor ogen. “Met de deelname willen we ons opnieuw op de wereldkaart plaatsen. Wie goed presteert tijdens zo’n vuurwerkfestival, krijgt meestal een paar interessante orders binnen.” In die opdracht is het vuurwerkbedrijf alvast geslaagd. Na de show mocht Lefeber al een contract ondertekenen voor een vuurwerkspektakel in Zuid-Korea.

De grote knal van New York

De internationale opdrachten moeten de omzet opnieuw doen stijgen. De voorbije jaren schommelde die tussen de 370.000 en de 500.000 euro. De twee belangrijkste activiteiten van Hendrickx & Lefeber zijn feestvuurwerk en militaire bestellingen. “Twee jaar geleden hebben we het bedrijf opgesplitst,” zegt Lefeber. “De pyrotechnieken voor legerdoeleinden – de kanonschoten bij de geboorte van prinses Elisabeth waren ons werk – hebben we naar Nederland overgeheveld. Het vuurwerk willen we in België behouden.”

De grote opdrachten zijn goede reclame voor het bedrijf, maar het zijn vooral de kleinere opdrachten en de militaire bestellingen die geld in het laatje brengen. “We zijn niet alleen het bedrijf van de grote feestelijkheden,” aldus Lefeber. “We nemen ook graag kleinere bestellingen aan. Daar bestaan wel eens misverstanden over. Veel mensen denken dat vuurwerk onbetaalbaar is, terwijl je met een redelijk budget al voor een vuurwerkspektakel op een trouwfeest kan zorgen.”

Onverwachte gebeurtenissen, zoals de aanslagen op New York en Washington van 11 september 2001, beïnvloeden onmiddellijk de omzet van het bedrijf. “We zijn heel wat opdrachten kwijtgespeeld in de nasleep van de aanslagen. Zo hebben Indiase diamantairs uit Antwerpen hun nieuwjaarsvuurwerk afgelast.” Lefeber hoopt de omzet op vijf jaar tijd te verdubbelen. Dit jaar verwacht hij een stijging van de omzet met 75%.

Er kruipt ook veel geld en tijd in de voorbereidingen voor de verhuis naar Hemiksem, die in oktober van dit jaar gepland is. Marc Lefeber: “We zitten al sinds 1890 in Deurne. Het gemeentebestuur heeft huizen rondom ons bedrijf laten bouwen, en nu moeten we natuurlijk weg. Deze beslissing werd vijf jaar geleden al genomen, en níét na de ramp in Enschede, zoals velen denken.”

Veiligheid is voor het vuurwerkbedrijf prioriteit, en het is voor de bedrijfsleiding een lijdensweg om alle vergunningen rond te krijgen. “Veilig werken en in orde zijn met de wetgeving kost veel geld,” zucht Lefeber. “Deze maand hadden we alle vergunningen, maar door een procedurefout werd onze milieuvergunning op het laatste ogenblik ingetrokken. Het is nu wachten tot we een nieuwe krijgen”. In Hemiksem komen elf bunkers. In één ervan wordt het kruit opgeslagen. “Veiliger kan niet,” aldus Lefeber. “Nu leggen we nog het kruit tussen de bommen. Jammer dat uitgerekend de bunker die de veiligheid moet waarborgen het struikelblok is.”

Horizontaal vuurwerk

Door het seizoensgebonden karakter van het vuurwerkbedrijf en de automatisering, doet het familiebedrijf steeds meer een beroep op freelancers – meestal elektriciens of mensen die iets van techniek kennen. “Vast personeel het hele jaar aan het werk zetten, is niet rendabel,” zegt Lefeber. “Zelf vuurwerk maken, doen we al jaren niet meer. We kopen het aan.”

In de sector zijn een aantal cowboys actief die een graantje willen meepikken. “Die bedrijven zijn meestal niet in orde met de wetgeving en verkopen het vuurwerk voor de helft van de prijs,” zegt Lefeber. “Na enkele jaren verdwijnen ze wel, maar intussen hebben ze wel de markt verstoord.”

Toch heeft een van die cowboys Hendrickx & Lefeber ongewild veel gratis reclame bezorgd. De Fransman Pierre-Alain Hubert kreeg destijds de opdracht om het openingsweekend van Antwerpen ’93 met vuurwerk in te zetten. Zijn beruchte ‘horizontaal vuurwerk’ werd een flop. De toeschouwers op de eerste rijen konden het schouwspel bewonderen, maar de duizenden anderen bleven op hun honger zitten. “Jammer dat het toen zo afgelopen is,” zegt Lefeber. “We hadden het stadsbestuur vooraf gewaarschuwd, maar ze hebben niet geluisterd.” Het incident bezorgde het Antwerpse vuurwerkbedrijf nadien veel werk, maar de sector had toch een ferme knauw gekregen.

Intussen is Lefeber volop bezig met de heropbouw van het vuurwerkbedrijf. Dit jaar nog vertrekt hij naar Italië en Japan. “Een mooie show is goed voor de zaken. Het gaat telkens om vrij grote budgetten, onze omzet kan er alleen maar door groeien”.

Melanie De Vrieze [{ssquf}]

De grote vuurwerkopdrachten zijn goede reclame, maar het zijn vooral de kleinere opdrachten en de militaire bestellingen die geld in het laatje brengen.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content