Het verhaal van Skoda begon in 1895 op twee wielen. De technisch geschoolde Vaclav Laurin begon samen met zijn vriend, de boekhandelaar Vaclav Klement, fietsen te bouwen. Een paar jaar later produceerden ze onder de merknaam L&K ook al motorfietsen, en in 1905 rolde hun eerste auto van de band. In 1925, na de vorming van de republiek Tsjecho-Slowakije, fuseerde L&K met Skoda, dat onder meer trams, bussen en vliegtuigmotoren bouwde. Maar de belangrijkste mijlpaal in de geschiedenis van het m...

Het verhaal van Skoda begon in 1895 op twee wielen. De technisch geschoolde Vaclav Laurin begon samen met zijn vriend, de boekhandelaar Vaclav Klement, fietsen te bouwen. Een paar jaar later produceerden ze onder de merknaam L&K ook al motorfietsen, en in 1905 rolde hun eerste auto van de band. In 1925, na de vorming van de republiek Tsjecho-Slowakije, fuseerde L&K met Skoda, dat onder meer trams, bussen en vliegtuigmotoren bouwde. Maar de belangrijkste mijlpaal in de geschiedenis van het merk is de komst van de Volkswagen-groep, die in 1991 een eerste positie van 30 procent van de aandelen kocht. Intussen is Skoda een volwaardig onderdeel van de grote Volkswagen-familie. Ook in het collectieve geheugen: niemand denkt nog aan dat banale, puffende autootje dat in de jaren zeventig en tachtig amechtig in het straatbeeld opdook. Meer zelfs: de reputatie dat je met een Skoda veel waar voor weinig geld kreeg, die het merk onder de vleugels van Volkswagen deed groeien als kool, is deels weggesmolten. Een Skoda koop je niet meer omdat hij veel goedkoper is dan een Volkswagen, maar omdat hij kwaliteit uitstraalt, en omdat hij er soms zelfs hip uitziet. Het interieur neigt in de duurdere afwerkingsniveaus zelfs naar luxueus. In de Octavia betastten we duurdere materialen dan in de recente T-Roc van Volkswagen. De consument zal nog altijd iets meer betalen voor een VW Passat. Maar het verschil is niet zo groot meer als vijftien jaar geleden. De nieuwe Octavia Combi, een break, illustreert dat perfect: reken maar op minstens 30.000 euro. De turbodiesel van 150 paarden kost zelfs 34.665 euro. De Belgische importeur stuurde ons voor de eerste kennismaking op weg met de turbodiesel van 115 paarden, een 2 litermotor die wel al kennen van andere modellen in de Volkswagen-groep en die bekendstaat om zijn efficiëntie. Dat resulteert in een auto die, rekening houdend met zijn omvang, bangelijk zuinig uit de hoek komt. We hielden het gemiddelde verbruik zonder enige inspanning onder 5 liter, en met respect voor de geldende maximale snelheid op de autoweg zelfs minder dan 4 liter. Dit model is geknipt voor een bedrijfswagen die ruimte moet bieden en die elke dag grote afstanden moet afmalen.