Renault is vandaag verplicht te doen wat de staat-aandeelhouder het steeds verhinderde te doen. De Franse staat is onbekwaam om een bedrijfsparticipatie op een efficiënte manier te beheren. Dat wordt eens te meer bewezen met Thomson en Renault. Het gevaar bestaat natuurlijk dat Louis Schweitzer wordt vervangen door een andere hoge functionaris, nu een deel van rechts daarin de kans ziet om zich te ontdoen van een van de laatste socialistische toplui op post. Renault heeft thans echter een meerderheid van privé-aandeelhouders die er niet het minste belang bij hebben om deze PDG af te voeren.
...

Renault is vandaag verplicht te doen wat de staat-aandeelhouder het steeds verhinderde te doen. De Franse staat is onbekwaam om een bedrijfsparticipatie op een efficiënte manier te beheren. Dat wordt eens te meer bewezen met Thomson en Renault. Het gevaar bestaat natuurlijk dat Louis Schweitzer wordt vervangen door een andere hoge functionaris, nu een deel van rechts daarin de kans ziet om zich te ontdoen van een van de laatste socialistische toplui op post. Renault heeft thans echter een meerderheid van privé-aandeelhouders die er niet het minste belang bij hebben om deze PDG af te voeren. (Elie Cohen, directeur van het Franse Centre National de Recherches Scientifiques, in Le Nouvel Economiste van 28 maart)De kwestie is natuurlijk dat de arbeidskosten te hoog zijn in de meeste landen van continentaal Europa. Hoe kan een consensus totstandkomen om ze te verminderen ? Het antwoord ligt in een diep intellectueel en politiek falen. Geconfronteerd met de hoogste werkloosheid sinds decennia, heeft de regering van bondskanselier Kohl zich teruggetrokken in doodlopende steegjes die kostenverhogend werken in plaats van het tegendeel : arbeidsherverdeling, arbeidsduurverkorting en zelfs beperkingen op overuren. Het was een meelijwekkend antwoord. Maar het weerspiegelt de prioriteiten. De beleidsmakers hebben zoveel van hun politiek kapitaal geïnvesteerd in onpopulaire fiscale maatregelen om tegemoet te komen aan de Europese eenheidsmunt dat er niets overblijft voor jobs. Maar de riem aanhalen in het macro-economische vlak op een ongelegen moment in de business-cyclus is iets geheel anders dan de pijnlijke, structurele, micro-economische hervormingen die noodzakelijk zijn om jobs te creëren. Op dit vlak kunnen de regeringen meer doen. Ze kiezen echter voor passiviteit. (Commentaar van The Economist, 5 april)Ik begrijp heel goed dat een onderneming die voor een marktaandeel moet vechten, en in het algemeen bedrijven die het moeilijk hebben, vaak geen keuze hebben. Toch kunnen we er niet omheen : corruptie ondermijnt samenwerking tussen zakenpartners en leidt uiteindelijk tot grote inefficiënties en kapitaalvernietiging. (Dr. A. Heeneman, voormalig Group Controller van de Koninklijke Shell in FEM van 29 maart)De komende maand publiceren Henrik Svensmark en Eigil Friis-Christensen, twee Deense natuurkundigen die bij het meteorologisch instituut in Kopenhagen werken, in het wetenschappelijk tijdschrift Journal of Atmospheric and Solar-Terrestrial Physics sterke aanwijzingen dat de temperatuur op aarde bovenal wordt bepaald door mysterieuze magnetische verschijnselen in de zon. De ontdekking van de Denen staat haaks op de zogenoemde broeikastheorie volgens welke kooldioxyde (CO2) en enkele andere gassen (methaan en waterdamp) als een deken om de aarde heen liggen en het klimaat verstoord wordt door de acitiviteiten van de mens. (...) De mens kan weer opgelucht ademhalen zonder zich schuldig te hoeven voelen. (Simon Rozendaal in Elsevier van 29 maart 1979) Vanuit Duits oogpunt (is de creatie van de EMU) van groot belang voor de verzekering van investeringen in Duitsland, eigenlijk investeringen in de mark-zone. Twee derden van de problemen die Duitsland inzake de investeringen ondervindt, hangen samen met wisselkoersverschillen. De sinds decennia stijgende mark maakt alles duurder : goederen, diensten en lonen. Vroeger werd deze situatie gecompenseerd door een hoge inflatie buiten Duitsland. Maar sinds het begin van de jaren negentig is dit niet meer zo. Duitsland is niet meer de wereldmeester in stabiliteit. In heel Europa bereikt de inflatie een historisch dieptepunt. Het gevolg : elke opwaardering van de mark leidt automatisch tot een aantasting van het Duitse concurrentievermogen. (...) Een op drie Duitse, en één op twee Belgische arbeidsplaatsen wordt getroffen door wisselkoersbewegingen. (Stefan Collignon, directeur van de Vereniging voor de Europese Moneitaire Unie, in WirtschaftsWoche van 3 april jl.)Brussel geeft de Belgische regering toestemming om deze (Maribel)steun voortaan aan àlle werknemers uit te keren. Dat schijnt de concurrentie met het buitenland dan niet scheef te trekken. En dit is geen belgenmop. (Columnist Jan Werts in Nieuwsblad Transport van 29 maart)De enige tragedie in het kanselierschap van Helmut Kohl is dat hij geen uitgesproken opvolger heeft. Er is een kroonprins : Wolfgang Schäuble, de zeer bekwame leider van de CDU/CSU-fractie in de Bondsdag. Alleen, Wolfgang Schäuble is gekluisterd aan een rolstoel sinds hij neergeschoten werd in een moordpoging in 1990. Het is onzeker of de Duitsers voor hem zouden stemmen als bondskanselier. Zonder onvoorziene omstandigheden heeft de beslissing van Kohl om zich opnieuw kandidaat te stellen de opvolgingsvraag uitgesteld tot na de verkiezingen van volgend jaar. De cruciale vraag is nu of hij voldoende steun zal vinden voor een overwinning in 1998. (...) Zijn kandidatuur maakt mogelijk dat hij een nieuwe primeur aan zijn al lange palmares kan toevoegen. Hij kan, als het fout loopt volgend jaar, de eerste kanselier zijn die uit zijn functie weggestemd wordt. (Peter Norman in de Financial Times van 5 en 6 april)Het onverwachte vijandige overnamebod van Krupp-baas Gerhard Cromme op rivaal Thyssen maakte de weg vrij voor een fusie die de kosten zal verlagen en Duitsland opnieuw competitief zal maken in staal. Renault-baas Louis Schweitzer probeert Frankrijks grootste autoproducent wereldwijd competitief te maken tegen 2000. En Air France-topman Christian Blanc drukt de hoge lonen van de piloten om zijn bedrijf op hetzelfde competitieve niveau te brengen als zijn VS-rivalen. Vele Europese managers staan op het punt te kiezen tussen het bankroet en radicale remedies. Velen hebben opgegeven en hun jobs producerende investeringen gezonden naar de goedkopere VS, Oost-Europa en Azië. Degenen die hun productie niet kunnen delokaliseren of gewoon willen vechten, strijden om hun thuisbasis competitiever te maken. Ze zijn de Europese versie van de Amerikaanse ondernemers- cowboy : mensen met visie om stoutmoedige herstructureringsplannen te ontwerpen, de confrontatie aan te gaan met vijandige tegenstanders, en gedoemde bedrijven te redden. Het is te laat voor Europa om te praten over consensus. Als werknemers en regeringen iets willen redden van hun ineenschrompelend sociaal model, zullen ze vastberadener de wereldwijde concurrentie in het gezicht moeten zien en de industrie als een partner behandelen, en niet als vijand.(Commentaar in Business Week van 7 april)Uit The Economist, 5 april.