De politieke leiders zijn er voorlopig niet in geslaagd bij de publieke opinie voldoende steun los te weken voor het EMU-project. Een van de hoofdoorzaken hiervan is dat de overheden de noodzakelijke, maar pijnlijke sanering van de overheidsfinanciën, de flexibilisering van de arbeidsmarkt en de hervorming van de welvaartsstaat koppelden aan het Verdrag van Maastricht. In plaats van de verantwoordelijkheid op de rug van Maastricht te schuiven, zouden de politici beter beklemtonen dat die hervormingen een absolute must zijn ook zonder EMU-project om Europa competitiever te maken in een snel veranderende wereldeconomie.
...

De politieke leiders zijn er voorlopig niet in geslaagd bij de publieke opinie voldoende steun los te weken voor het EMU-project. Een van de hoofdoorzaken hiervan is dat de overheden de noodzakelijke, maar pijnlijke sanering van de overheidsfinanciën, de flexibilisering van de arbeidsmarkt en de hervorming van de welvaartsstaat koppelden aan het Verdrag van Maastricht. In plaats van de verantwoordelijkheid op de rug van Maastricht te schuiven, zouden de politici beter beklemtonen dat die hervormingen een absolute must zijn ook zonder EMU-project om Europa competitiever te maken in een snel veranderende wereldeconomie. ( Hans Tietmeyer, voorzitter van de Bundesbank in de Herald Tribune van 20 januari) Een Europa dat zijn burgers geen directe invloed toestaat, is een Europa dat beter niet tot stand kan komen. En politici die zeggen dat zo'n volksoordeel niet kan omdat zij dat recht al hebben weggegeven bij het Verdrag van Maastricht, zonder het volk te raadplegen, moeten in de categorie superhypocrieten worden ingedeeld. De vorming van een Europese Monetaire Unie zou de bekroning moeten zijn van een proces van eenwording-van-onderaf, en niet zoals nu een opgelegd juk. De EMU draagt alle kenmerken van een monetair strafkamp. Wie de wereld niet beschouwt als een slagveld waarop een klein aantal economische machtsblokken elkaar op leven en dood bestrijden, maar als een bonte verzameling van landen, volkeren en culturen, die met behoud van eigenheid en eigenwaarde willen streven naar een vreedzaam samenleven, die zal tot een volstrekt andere vorm van Europese eenwording komen. In zo'n wereldbeschouwing is er respect voor de sociale en culturele verworvenheden van anderen en zullen die niet worden opgeofferd aan een niets-ontziende concurrentiestrijd en een vaag ideaal over een gelijkgeschakeld 'Europa'. ( Commentaar in de Volkskrant van 25 januari) Dit is de val van Maastricht : indien we de stabiliteitscriteria strikt toepasten, zouden we een mini-Europa hebben waarin misschien alleen de Luxemburgers in euro's zouden kunnen betalen met een gerust geweten. ( Gerhard Schröder, sociaal-democratisch gouverneur van Niedersachsen en wellicht uitdager van kanselier Helmut Kohl in 1998, in Newsweek van 3 februari) Kruideniers houden van mensen. Omdat je met levensmiddelen bezig bent, moet je opgewekt zijn en niet te veel aan de dood denken of aan erotiek. De diepe tevredenheid uit mijn jeugd heeft mij nooit verlaten. ( Albert Heijn in Het Financieele Dagblad van 27 januari '97) De voorgestelde belastingverlaging in Duitsland is verdedigbaar en welkom. Maar ook verre van perfect. Het is belangrijk te onthouden dat de belastingdruk bepaald wordt door de behoefte om een gegeven niveau van overheidsuitgaven te financieren. Zolang de overheidsuitgaven in verhouding tot het binnenlands product dicht bij 50 % aanleunen, is een niettemin wenselijke belastinghervorming een beetje zoals het herschikken van de dekstoelen op de fiscale Titanic. ( Commentaar in de Financial Times van 24 januari) Moet Europa zijn fiscale tarieven harmoniseren ? Harmonisatie zou een resultante kunnen zijn van een tendens naar een federaal Europa, van een politieke cultuuromslag die in geen velden of wegen is te bekennen. Lidstaten die een bepaalde belastingdruk kiezen, doen dat om te investeren in de kwaliteit van de samenleving, de zichtbare en onzichtbare infrastructuur. Burgers en bedrijven krijgen daar wat voor terug : voorzieningen, goed geschoolde arbeidskrachten en wegen zonder gaten. Fiscaliteit speelt anders gezegd, een rol bij de vestigingsfactoren, maar het is niet de enige factor. ( S.P. van der Vaart in Het Financieele Dagblad van 25 januari '97) Japan staat aan de vooravond van de grote doorbraak als financieel centrum. Dit kan vreemd lijken op een ogenblik dat de yen op zijn laagste koers zit in vier jaar en de Japanse financiële instellingen aan de grond zitten. Maar deze problemen zullen resulteren in langetermijnvoordelen. De Japanners weten dat het oude systeem niet langer werkt. Er zal een nieuwe financiële sector ontstaan met een totaal geliberaliseerde wisselmarkt, met een gewijzigd belastingsysteem dat een inwaartse en uitwaartse kapitaalstroom toelaat. De veranderingen zullen het mechanisme op gang brengen waardoor Japans industriële kracht en spaarsurplus worden omgezet in financiële macht. Niet alleen Japanse spaarders zullen hier voordeel uit halen, ook de Aziatische buurlanden. Hun vraag tot nauwere aansluiting bij de yen zal het veranderingsproces trouwens stimuleren. ( Commentaar van Philip Bowring in de International Herald Tribune van 27 januari) In de economie is alles technologiegedreven. Een van de belangrijkste uitdagingen van Europa is om jonge mensen de mogelijkheden te geven om ideeën te formuleren en jobs te creëren. We hebben meer Steve Jobs, meer Bill Gates nodig in Europa. ( Jean-Claude Trichet, gouverneur van de Franse centrale bank, in de Herald Tribune van 22 januari) De transportvergoeding van Brits gas voor Gasunie zal hoger uitpakken dan voor haar concurrent Energie Zuid-Nederland, die van meet af aan, toen het aanbod van Brits gas bekend werd, een overeenkomst met ons voor doorvoer naar Nederland heeft gesloten. Wie zich vanaf een projectfase tegenover ons op lange termijn engageert in een transito-overeenkomst, geniet andere en betere voorwaarden dan wie ons eerst het risico laat nemen in de hoop later als het ware op vrijblijvende basis een goedkoop ticketje te kunnen bekomen. ( W. Peeraer, secretaris-generaal van Distrigasin NRC Handelsblad van 23 januari) De overheidsrol in de economie bestaat erin de concurrentie af te dwingen, de inflatie te bedwingen, een concurrentiële wisselkoers te behouden en een voortdurende groei van de vraag te verzekeren. Het is niet de taak van de overheid om industrieën te leiden, sommige activiteiten te promoten ten koste van andere, of aan mensen te vertellen hoe ze moeten werken en betaald worden. ( Commentaar in The Times, 27 januari 1997) Uit The Times Magazine, 25 januari 1997.