De kracht van het Rijnlandse model is juist de mogelijkheid voor het management om in overleg met stabiele aandeelhouders en met stabiele andere stakeholders (afnemers, werknemers, overheid) een perspectief op de lange termijn te ontwikkelen. Zo'n perspectief is van groot belang om zich efficiënt te kunnen aanpassen aan nieuwe technologieën, en vooral ook om technologische vernieuwingen te kunnen initiëren. Het gevolg is minder vernietiging van sociaal en fysiek kapitaal dan in Engeland en Amerika.
...

De kracht van het Rijnlandse model is juist de mogelijkheid voor het management om in overleg met stabiele aandeelhouders en met stabiele andere stakeholders (afnemers, werknemers, overheid) een perspectief op de lange termijn te ontwikkelen. Zo'n perspectief is van groot belang om zich efficiënt te kunnen aanpassen aan nieuwe technologieën, en vooral ook om technologische vernieuwingen te kunnen initiëren. Het gevolg is minder vernietiging van sociaal en fysiek kapitaal dan in Engeland en Amerika. (John Groenewegen, onderzoeker van Erasmus Universiteit Rotterdam, in NRC Handelsblad van 13 juni)Het BNP van Duitsland daalt voor het tweede opeenvolgende kwartaal, wat volgens sommige definities een recessie is ; de inflatie bedraagt slechts 1,7 %. Men is dus geneigd te pleiten voor een verlaging van de intrestvoeten. Onderhuids is de economie echter al aan het opflakkeren. De werkloosheid daalde in mei, terwijl de industriële productie en het vertrouwen van de zakenwereld opveren. Dit alles betekent dat de Duitse intresten niet naar beneden moeten ; vorige dalingen hebben nu reeds hun effect. Hetzelfde geldt voor Groot-Brittannië, waar de regering vorige week onverwacht en onverstandig de intrestvoeten verlaagde, ondanks recente vooruitzichten van de Bank of England dat de inflatie over de volgende twee jaar de 2,5 % veeleer wel dan niet zal overstijgen. (Commentaar van The Economist, 15 juni)Bedrijfsmanagers beseffen zeer goed dat hun salaris vandaag te hoog is om erover te zwijgen. Tegelijkertijd zijn er heel weinig CEO's die niet in alle ernst beweren dat zij die bezoldiging verdiend hebben. Hun probleem is meestal om met overtuiging uit te leggen wat zij daarvoor precies hebben moeten doen. Dit blijkt niet gemakkelijk te zijn. Bedrijfsmanagers zijn geen lid van het selecte clubje steratleten of Hollywoodgezichten, wiens optreden zichtbaar is voor Jan en alleman. De meesteCEO's lijken veeleer op teammanagers van een baseballploeg. (Mr. Kristol, van het American Enterprise Institute, in The Wall Street Journal Europe van 17 juni)In een gezonde en dynamische economie is er uiteindelijk geen tegenstelling tussen productiviteitsgroei en werkgelegenheidsgroei. Een lage productiviteitsgroei is niet alleen slecht voor de koopkrachtgroei van de burgers, maar op den duur wel degelijk ook voor de werkgelegenheidsgroei zelf. Dat is al eenvoudig te zien op het microniveau van de ondernemingen. De meest in werkgelegenheid groeiende ondernemingen zijn over het algemeen ook de meest productieve en innovatieve ondernemingen. Die kunnen immers concurreren en weten mensen steeds in te zetten voor nieuwe activiteiten. (J.C. Blankert, voorzitter van de Nederlandse werkgeversorganisatie VNO-NCW, in De Volkskrant van 13 juni)De beste hoop op verbetering van het lot van de armen in ontwikkelingslanden ligt in economische groei die voortvloeit uit legaal ondernemerschap en die taak wordt beter niet overgelaten aan oppressieve regimes die de kunst van listige marketingtechnieken hebben geleerd om westerse donoren gerust te stellen, terwijl ze voortgaan met het pluimen van hun eigen bevolking. Het IMF moet dus een ondubbelzinnige boodschap uitsturen : corrupte landen zullen niet meer vertroeteld worden, noch zal hulp ter beschikking gesteld worden die de door de corruptie aangerichte schade voldoende compenseert om buitenlandse investeerders niet af te schrikken waardoor feitelijk een oneindige spiraal in stand wordt gehouden van plunderaars die plunderaars voortbrengen. (Mansoor Ijaz, voorzitter van Investment Management, New York, in The Wall Street Journal van 13 juni)Corruptie bestaat tot in de hoogste instanties, ook in landen waar je het nooit zou vermoeden. Dat is het gevaar van onze democratie : er zijn al landen waar regeringen en economieën volledig beheerst worden door de maffia. En dat is niet alleen zo in derdewereldlanden. Ook in Europa zien we gerespecteerde politieke en commerciële instituten die betrokken zijn geraakt in financiële schandalen. (Raymond Kendall, secretaris-generaal van Interpol, op het Fortune-Wereldforum in Barcelona, 12 juni)Het is nog altijd in het belang van Groot-Brittannië lid te blijven van de Europese Unie, al was het maar om het machtsevenwicht in Europa niet te verstoren. Flirten met een toekomst buiten de EU zou echter onze invloed wel eens kunnen vergroten. Frankrijk wil Groot-Brittannië om de Europese defensielast te dragen en om een tegengewicht te vormen voor Duitsland. Italië ziet in Groot-Brittannië nog steeds een bondgenoot om de Frans-Duitse as in evenwicht te houden. En de noordelijke EU-lidstaten waarderen niet alleen onze geldelijke bijdragen, maar ook onze invloed om te evolueren naar meer liberale economieën. Al deze staten zijn misschien meer geneigd om de Britse argumenten te aanvaarden, als ze denken dat Groot-Brittannië hen wel eens alleen zou kunnen laten. (Commentaar in The Times, 14 juni)De gelijkschakeling van de levensvoorwaarden tussen Oost- en West-Duitsland zal de komende twintig jaar gerealiseerd worden. De vraag is hoe dit zal gebeuren. De operatie kan zo duur worden dat de Duitse economie op de knieën wordt gedwongen. (Econoom Hans-Werner Sinn van het Münchense Center for Economic Studies in Der Spiegel van 17 juni)6 juni 1996 was een treurige gedenkdag voor de Bond van Belastingbetalers. Wat de Duitse burger vanaf die dag tot het einde van het jaar verdient, mag hij behouden. Dit jaar werkten de Duitsers 5 maanden en 5 dagen uitsluitend voor de fiscus. (Redacteur Hans-Pieter Canibol in Focus van 17 juni)De Engelstaligen hebben Québec mee gemaakt, we hebben ze nodig. Ik ben bereid onmiddellijk (na de afscheiding) met hen rond de tafel te gaan zitten om de nodige garanties die ze zouden vragen op papier te zetten. We moeten er zeker van zijn dat, wat er ook gebeurt, de Engelstaligen zich hier kunnen thuisvoelen als volwaardige burgers van Québec. (Lucien Bouchard, premier van Québec, in Business Week van 17 juni)Jos Collignon in De Volkskrant van 14 juni