802.11b maakte in 2001 een vliegende start in Amerika en breidt zich snel uit, met hardwareverkopen die met zo'n 40% per jaar toenemen. Om thuis of op kantoor een 802.11b-netwerk op te zetten, hoeft u alleen maar een basisstation aan te schaffen, de stekker in een telefoon- of snelle internetaansluiting te steken en het zaakje aan de muur te hangen. Met behulp van radiogolven waarvoor geen vergunning nodig is, communiceert het basisstation vervolgens met computers binnen een afstand van 45 meter, aangenomen dat die zijn uitgerust met de geëigende insteekkaart. Eigenlijk kunt u met 802.11b een gebouw overspoelen met draadloze connectiviteit.
...

802.11b maakte in 2001 een vliegende start in Amerika en breidt zich snel uit, met hardwareverkopen die met zo'n 40% per jaar toenemen. Om thuis of op kantoor een 802.11b-netwerk op te zetten, hoeft u alleen maar een basisstation aan te schaffen, de stekker in een telefoon- of snelle internetaansluiting te steken en het zaakje aan de muur te hangen. Met behulp van radiogolven waarvoor geen vergunning nodig is, communiceert het basisstation vervolgens met computers binnen een afstand van 45 meter, aangenomen dat die zijn uitgerust met de geëigende insteekkaart. Eigenlijk kunt u met 802.11b een gebouw overspoelen met draadloze connectiviteit. Dat heeft een aantal voordelen: het is veelal goedkoper en makkelijker om een aantal pc's draadloos met elkaar te verbinden dan om overal kabels te trekken. En als de betreffende pc's laptops zijn, kunnen ze opgepakt en meegenomen worden en toch aangesloten blijven op het internet.Kantoren en universiteiten zijn snel overgegaan op de technologie, omdat die de gebruikers in staat stelt met elkaar in contact te blijven, bestanden uit te wisselen en informatie binnen handbereik te hebben tijdens vergaderingen en conferenties. 'Hotspots' voor 802.11b, plekken waar de signalen kosteloos ontvangen kunnen worden, zijn in opmars op vliegvelden, in hotels en in koffieshops. Scandinavian Airlines is de technologie aan het testen als een makkelijke manier om binnen vliegtuigen toegang tot het internet te verschaffen, zonder elke stoel te moeten bekabelen. In grote steden waaronder San Francisco, Londen en Seattle zijn enthousiastelingen 'guerrillanetwerken' aan het opzetten, in een poging universele internettoegang te bieden. Bedrijven als het Amerikaanse MobileStar en het Europese Jippii doen hetzelfde, maar dan op commerciële basis. MobileStar, Starbucks en Microsoft zijn van plan om eind 2002 802.11b-toegang beschikbaar te maken voor betalende klanten in de meeste koffieshops van Starbucks. Doodsteek voor mobieltje?802.11b is niet perfect. Om te beginnen, schiet het ernstig tekort op het gebied van beveiliging; de ingebouwde coderingsstandaard blijkt gebreken te vertonen, en er doen heel wat sterke verhalen de ronde over boosaardige hackers die rondsluipen op parkeerterreinen in Silicon Valley, op zoek naar draadloze netwerken die ze met hun laptops kunnen aanvallen. Een ander nadeel van 802.11b is dat u er niet mee van het ene naar de andere hotspot kunt zwerven. Maar er wordt aan oplossingen gewerkt. Een nieuwe versie van de standaard, 802.11a genaamd, biedt een beter bereik en een snellere overdracht, en zal op grote schaal beschikbaar zijn. Nu de technologie op kruissnelheid komt, hebben sommige 802.11-adepten al gesuggereerd dat het de mobiele telefonie van de derde generatie (3G) overbodig zal maken. 802.11 is goedkoop en werkt al, terwijl 3G duur is en nog waargemaakt moet worden. Betekent de nieuwe technologie de doodsteek voor 3G? Nee. Om te beginnen is 802.11 ontworpen voor gebruik met volwaardige computers, en gaat het om gegevensoverdracht met hoge snelheden over korte afstanden. 3G werkt langzamer, maar is speciaal ontworpen om veel grotere aantallen gebruikers te kunnen bedienen, en te werken met kleine, draagbare apparaten over langere afstanden. 802.11 is bedoeld om dekking te bieden op specifieke hotspots; 3G is bedoeld om universele dekking te bieden. Kortom, terwijl computergebruikers tevreden gebruik zullen maken van 802.11 waar beschikbaar om met hun laptop het internet op te gaan, hebben ze nog altijd een mobieletelefoonverbinding nodig als ze zich buiten de hotspots willen bewegen of als ze een gesprek willen voeren.Dat wil zeggen dat de technologieën doorgaans als complementair worden beschouwd, en niet als concurrerend. Veel aanbieders van apparatuur, zoals Nokia, Nortel en Ericsson, maken zowel mobieltjes als 802.11-apparaten. Het idee is dat u via de laptop gebruikmaakt van 802.11 om op het internet te komen wanneer u op kantoor bent, overstapt op 3G als u met een taxi naar een congres gaat en dan weer op 802.11 overstapt als u het congresgebouw binnengaat. Het klopt dat het momenteel niet zo goed gaat met 3G, maar de berichten over de dood ervan door toedoen van 802.11 zijn prematuur. Hoewel er in 2002 het meest te beleven zal zijn rond 802.11, zal de technologie uiteindelijk zij aan zij met 3G werken in plaats van die laatste de keel dicht te knijpen.Tom StandageDe auteur is technologiecorrespondent bij The Economist.[2002]Draadloos internet dankzij 802.11 wordt de doorbraak van het jaar.