Voor de Israëlische militaire historicus Martin van Creveld is de situatie zo helder als pompwater. Sinds de Koreaanse oorlog heeft geen enkel westers leger nog een oorlog gewonnen tegen een niet-westerse mogendheid. Daarvan zijn Irak en Afghanistan de recentste voorbeelden. Nochtans zijn de westerse middelen materieel superieur, maar het resultaat blijft uit. Waarom? Die vraag beantwoordt Van Creveld met zijn directe stijl in Pussycats. Why the Rest Keeps Beat-ing the West and What Can Be Done About it.
...

Voor de Israëlische militaire historicus Martin van Creveld is de situatie zo helder als pompwater. Sinds de Koreaanse oorlog heeft geen enkel westers leger nog een oorlog gewonnen tegen een niet-westerse mogendheid. Daarvan zijn Irak en Afghanistan de recentste voorbeelden. Nochtans zijn de westerse middelen materieel superieur, maar het resultaat blijft uit. Waarom? Die vraag beantwoordt Van Creveld met zijn directe stijl in Pussycats. Why the Rest Keeps Beat-ing the West and What Can Be Done About it. In essentie zit het grondig fout met de manier waarop men in het Westen zijn kinderen opvoedt, meent hij. We beschermen en betuttelen ze te veel en houden ze op een veilige afstand van elk mogelijk gevaar. Die houding is misschien begrijpelijk, maar verstoort het natuurlijke proces naar volwassenheid. En ergens begaan we dezelfde fout met onze strijdkrachten. De plaats van het leger in de maatschappij is problematisch geworden. Vroeger was het leger iets om trots op te zijn, vandaag ontlokt het in het beste geval onverschilligheid. Een belangrijk onderdeel van zijn verhaal is de integratie van vrouwen in de strijdkrachten, een problematische ontwikkeling. In 2005 verklaarde Van Creveld in Elsevier dat "de werkelijke reden dat oorlog bestaat, is dat mannen van oorlog houden en vrouwen van krijgers". Maar krijger worden is een ander paar mouwen. Door vrouwen tot het leger toe te laten, haalde men het niveau naar beneden, stelt hij. Er worden uitzonderingen toegelaten, wat een slecht signaal is voor de mannen. Misogynie is niet zijn drijfveer om die feminisering te hekelen, wel de vaststellingen van wat zich op het terrein afspeelt. De incidenten zijn talrijk, wat verklaart waarom het aantal juristen bij de westerse strijdkrachten sterk in de lift zit. Maar ook voor de vrouw is het niet vanzelfsprekend. Verschillende cijfers staven zijn stelling. Onderzoek leert dat vrouwelijke soldaten maar moeilijk een normaal gezinsleven kunnen uitbouwen, met meer scheidingen als gevolg. De staat van onze strijdkrachten is onrustwekkend. Wat is er gebeurd met die dappere krijgers die tussen 1492 en 1914 vrijwel de hele wereld onder controle kregen? Een belangrijk punt is ook dat oorlog afgeschilderd wordt als het ergste wat kan gebeuren. Moest Israël zich dan in 1967 onder de voet laten lopen? Of had men de confrontatie met Hitler uit de weg moeten gaan? Oorlog is een onderdeel van la condition humaine. Geldt hetzelfde voor Israël, Van Crevelds thuisland? In belangrijke mate wel, meent hij. Ooit stonden op de universiteitsmuren slogans die de lof van het Israëlische leger zongen. Ooit was dat ook zeer performant, maar sinds de inval in Libanon in 1982 slaagde het er niet in een echte overwinning te behalen. Niet in Gaza, noch op de Westelijke Jordaanoever. Mocht zich opnieuw een Arabische aanval voordoen, zit de Joodse staat met een torenhoog probleem. Martin van Creveld, Pussycats. Why the Rest Keeps Beating the West and What Can Be Done About it, DLVC Entreprises, 2017, 244 blz., 35 euroMICHAËL VANDAMME