Economen, beleidsmakers en financiële markten hebben het gissen naar de economische en sociale impact van de coronacrisis. Zeker is dat die een ernstige economische krimp zal veroorzaken. De economische vooruitzichten worden dezer dagen bij de vleet bijgesteld, allemaal naar beneden. De vraag is hoe diep en langdurig die recessie zal zijn, en welke aanpak overheden en andere autoriteiten in stelling moeten brengen om de schade zo veel mogelijk te beperken en op termijn tot een herstel te komen.
...

Economen, beleidsmakers en financiële markten hebben het gissen naar de economische en sociale impact van de coronacrisis. Zeker is dat die een ernstige economische krimp zal veroorzaken. De economische vooruitzichten worden dezer dagen bij de vleet bijgesteld, allemaal naar beneden. De vraag is hoe diep en langdurig die recessie zal zijn, en welke aanpak overheden en andere autoriteiten in stelling moeten brengen om de schade zo veel mogelijk te beperken en op termijn tot een herstel te komen. Er zijn geen beleidsrecepten voor een crisis als deze, stelt Richard Baldwin, hoogleraar internationale economie aan de Zwitserse universiteit Graduate Institute. "Dit is met niets te vergelijken", zegt hij. "Alle crisissen van de laatste honderd jaar waren veel beperkter. Hetzelfde geldt voor de impact van de pandemieën uit de vorige eeuw." Zowel de economische crisis als de pandemie heeft een nooit geziene omvang. "Covid-19 is heel besmettelijk en treft alle economische grootmachten tegelijk", stelt Baldwin. Daardoor is een recessie onvermijdelijk. "Die is in feite een maatregel voor de volksgezondheid. Overheden houden werknemers weg van hun werk en consumenten weg uit de winkels en de bedrijven, omwille van de volksgezondheid. Aanvaard dat het bruto binnenlands product dit jaar zal dalen", zegt hij. "Daar is niets mis mee en dat valt niemand te verwijten." Nu is het juiste beleid nodig om die recessie niet dieper en omvangrijker te laten worden dan nodig is. "Het basisdoel is: zorg dat het licht blijft branden", zegt Baldwin stellig. "Zorg ervoor dat mensen geld blijven krijgen om aan hun verplichtingen te voldoen, dat geen banen vernietigd worden en dat er geen faillissementsgolf van bedrijven op gang komt." Volgens Gert Peersman, hoogleraar macro-economie aan de UGent, moet het herstelbeleid inzetten op twee doelen. "Er zijn maatregelen nodig om de onmiddellijke schade van de crisis in te dijken, en daarna om de neveneffecten op lange termijn zo veel mogelijk te beperken."Die onmiddellijke schadebeperking moet zich volgens Peersman vooral op de getroffen bedrijven en werknemers richten. "De overheden en de beleidsmakers moeten ervoor zorgen dat geen van de getroffen bedrijven failliet gaat. Als dit voorbij is, moeten ze weer kunnen opstarten als voordien. Daarnaast is het belangrijk dat werknemers van die bedrijven niet in de langdurige werkloosheid terechtkomen. Deze tijdelijke schok mag niet permanent worden", waarschuwt Peersman. " Go big and act fast", voegt Baldwin toe. "Hoe onhaalbaar het ook lijkt, het doel moet zijn dat deze crisis geen enkel faillissement en geen enkel ontslag tot gevolg heeft." Een tweede pijler van het herstelbeleid moet vermijden dat negatieve effecten overslaan op de rest van de economie. "De algemene onzekerheid en het banenverlies kunnen leiden tot minder consumptie en minder bedrijfsinvesteringen. Die vraagschok moet je maximaal indammen met een expansief beleid", legt Peersman uit. "Overheden moeten met hun uitgaven heel gericht mikken op de groepen die veel inkomensverlies zullen lijden. Dat moet de neveneffecten zo beperkt mogelijk houden." Die maatregelen zullen bepalen welk type herstel we krijgen. Dat kan de vorm van een V, een U of een L aannemen. "Als deze externe schok niet te lang duurt en de neveneffecten beperkt blijven, kunnen we een V-herstel krijgen", zegt Peersman. Daarmee veert de economische activiteit weer op naar het niveau van voor de crisis. De evolutie van de virusuitbraak maakt dat moeilijk te voorspellen. Als het langer duurt om de epidemie in te dammen en de neveneffecten steeds groter worden, dreigt dat herstel de vorm van een U of in het slechtste geval een L te krijgen. "Hoe langer het duurt, hoe moeilijker het wordt", besluit Peersman. De overheden in ons land en elders rollen de ene maatregel na de andere uit. Zo kunnen bedrijven tijdelijke werkloosheid inroepen, waarvoor bovendien de uitkeringen zijn verhoogd. Daarnaast krijgen ondernemingen uitstel van betaling voor hun btw en sociale bijdragen. Bedrijven die volledig sluiten, krijgen een premie van minstens 4000 euro. De Belgische regering heeft daar voorlopig een noodbudget van 1 miljard euro voor opzijgezet. Uiteindelijk zullen de kosten van de maatregelen oplopen tot enkele miljarden. Overal ter wereld nemen overheden sociale en economische ondersteuningsmaatregelen voor tientallen en soms zelfs honderden miljarden. Oplopende begrotingstekorten en hogere overheidsschulden mogen geen belemmering zijn, zegt Baldwin. "Uiteraard zullen overheden hiervoor moeten lenen en zullen de schulden oplopen, maar dit is anders dan de reguliere begrotingstekorten, die het gevolg zijn van gebrekkige discipline. Vergelijk dit met oorlogsuitgaven." Ook Jan Musschoot, onderzoeker financiële geografie aan de UGent, vindt dat overheden snoeihard moeten uitpakken met maatregelen. "Begrotingstekorten mogen er niet voor zorgen dat ze dat met de handrem op doen. Vooral omdat we nog tegen een negatieve rente kunnen lenen. Daarmee zeggen de financiële markten dat ons begrotingstekort geen probleem is." De lage rente maakt volgens Baldwin die extra overheidsschulden houdbaar. "Als we na de crisis opnieuw aanknopen met economische groei en de rente zo laag blijft, zal de schuldgraad vanzelf dalen." Volgens Musschoot mogen de maatregelen in ons land gerust verder gaan. "In plaats van betalingsuitstel van sociale bijdragen en belastingen kan de overheid die kwijtschelden, als dat nodig blijkt", zegt hij. "De begroting zal zwaar in het rood gaan. Dat mag evenwel geen reden zijn om uitkeringen te verlagen en belastingen te verhogen." Ons land heeft uit deze crisis wel een belangrijke les te leren, stelt Gert Peersman. "Als de zon schijnt, moet je je dak repareren. Hadden we dat in goede tijden meer gedaan, dan zouden we nu beter in staat zijn de schok op te vangen." Een begrotingssanering hoeft volgens hem niet gepaard te gaan met besparingen op de overheid en de sociale zekerheid of met hogere belastingen. "Ons begrotingstekort is vooral gekomen doordat we zo vroeg stoppen met werken." Er moet wel degelijk een plan komen voor de overheidsschulden die de Europese lidstaten zullen overhouden aan deze crisis. "We moeten absoluut vermijden dat in de eurozone een schuldencrisis ontstaat, zoals voordien", waarschuwt Baldwin. "Er moet een gezamenlijke Europese obligatie, een zogenoemde safe asset, komen met eventueel verschillende afbetalingsschema's per land. Er is een Europees wettelijk raamwerk voor om dat in deze omstandigheden te doen." Zo'n Europese obligatie is nodig om de financiële markten te kalmeren. "Markten kijken vooruit. Ze willen zeker zijn dat de houdbaarheid van de overheidsschulden onder controle blijft", zegt Baldwin, die hamert op het belang van vertrouwen in deze crisis. "Dit is een schok voor de hele samenleving. Alleen overheden kunnen die opvangen. Zij moeten vermijden dat bedrijven en financiële markten in een spiraal van neerwaartse verwachtingen terechtkomen." Behalve de economische malaise ziet Baldwin ook sociale en geopolitieke risico's. Hij geeft het opbod aan reisbeperkingen en inreisverboden als voorbeeld. "We moeten een kettingreactie van nationalistisch en protectionistisch beleid vermijden", waarschuwt hij. "Verder moeten we alle sociale onrust vermijden. Deze crisis zal politieke gevolgen hebben. Mensen moeten weten dat voor hen gezorgd wordt. Anders krijgen we toestanden zoals in de jaren dertig." Ondanks de malaise ziet Gert Peersman enkele lichtpunten. "We kunnen er ook uit leren. Kijk hoe het thuis- en telewerk massaal is gebruikt en hoe maximaal wordt ingezet op digitalisering. We zien nu experimenten waar mensen en bedrijven uit leren. Dat kan onze productiviteit een boost geven", besluit hij.