Moeilijke certificering.
...

Moeilijke certificering.Europees Commissaris Karel Van Miert nam de voorbij weken stelling tegen de geplande fusie tussen de Amerikaanse vliegtuigbouwers Boeing en McDonnell Douglas (zie ook Economie & Ondernemen, blz 34). Dat hij daarmee de Europese vliegtuigconstructeur Airbus een verdoken steuntje in de rug geeft, is overduidelijk. En toch heeft uitgerekend het Belgische Bestuur der Luchtvaart het momenteel erg moeilijk om twee splinternieuwe A 320's te certificeren. Eind vorig jaar bestelde de Belgische chartermaatschappij Constellation International Airlines nv bij International Lease & Finance Corporation (ILFC) in Los Angeles twee vliegtuigen van het type Airbus 320. Dit ter vervanging van haar twee Boeing 727's en anticiperend op de strengere geluidsnormen die in de maak waren voor Zaventem. Eind december 1996 startte Constellation de procedure om de twee A 320's te registreren en certificeren. Op 1 juni 1997, dus bijna zes maand later, had het Belgische Bestuur der Luchtvaart nog steeds geen fiat gegeven aan Constellation voor het uitvoeren van commerciële vluchten met de nieuwe A 320's van Europese makelij. Je zou voor minder Amerikaans gaan kopen... De twee toestellen staan nu te schitteren op het Zaventemse luchthavenplatform. Dat kost Constellation 1 miljoen frank per dag : niet alleen moet het bedrijf aan International Lease & Finance Corporation leasegeld storten, ook het aangeworven personeel moet worden betaald én de klanten die het toestel hebben gecharterd, moeten worden vervoerd. Daarvoor heeft Constellation een extra vliegtuig ingehuurd : een A 320 ( jawel !) van de Franse maatschappij Nouvelles Frontières. Waar ligt het probleem ? Volgens internationale experts zou er sowieso geen probleem mogen rijzen. Certificering door de overheid waar het toestel wordt geregistreerd, is normaal. In dit geval gaat het evenwel niet om een pilootmodel gebouwd in een of ander ontwikkelingsland. Wél om een erkend toestel van Airbus datzelfde Airbus van Europees Commissaris Van Miert waarvan Air France er tientallen, weliswaar met een andere motor, in zijn vloot heeft en Lufthansa een goede twintig mét dezelfde motor. Bij die motor schuilt eigenlijk het probleem, of beter gezegd bij de vereisten die door het Bestuur der Luchtvaart worden gesteld voor het schriftelijk uitwerken van het onderhoud van de V 2500-motoren van de A 320's. Het onderhoudscontract is uitbesteed aan Lufthansa, dat hiervoor speciaal een lijnstation heeft geopend in Brussel. En dit zou volgens insiders niet in de smaak vallen van Sabena Technics.