1 Volkswagen Golf GTi: omdat hij het origineel eindelijk evenaart

Laten we wel wezen: uiteindelijk was mei '68 niet meer dan een anekdote in de geschiedenis. Tenminste, als je gaat vergelijken. Want juni '76, dat was een mijlpaal. Omdat er toen opnieuw kleur kwam in het leven van achttienplussers en vaders met een nog jong gevoel.
...

Laten we wel wezen: uiteindelijk was mei '68 niet meer dan een anekdote in de geschiedenis. Tenminste, als je gaat vergelijken. Want juni '76, dat was een mijlpaal. Omdat er toen opnieuw kleur kwam in het leven van achttienplussers en vaders met een nog jong gevoel. In juni 1976 liet Volkswagen op de Autosalon van Frankfurt een kleine machine zien die het autolandschap zou hertekenen: de Golf GTi. Een auto die in een mum van tijd zou uitgroeien tot een heus fenomeen. En een nieuw begrip baarde: dé GTi. De Bende van Nijvel ging er mee winkelen en de Rijkswacht pareerde zoveel ontsnappingskunde met een megabestelling. Volgens recente onderzoeken associeert 93 procent van de Europeanen de term 'GTi' met de Volkswagen Golf. Het was trouwens een lucky shot voor Volkswagen, dat zoveel ophef niet had ingecalculeerd. Aanvankelijk was een productie van vijfduizend exemplaren gepland. Ondertussen gingen in vier Golf-generaties meer dan... anderhalf miljoen GTi's over de toonbank. Het concept was best eenvoudig: een auto zonder franje, gebaseerd op een populair model. Een krachtige motor (een 1,6l met 110 pk, toen), vlekkeloze wegligging en vedergewicht. Perfect om mee te stoeien, het werd toen nog ge-doogd. Heerlijk om dikke berlines het nakijken te geven bij de verkeerslichten. Het succes van de Golf GTi drukte zozeer op de oogleden, dat andere constructeurs met een GTi volgden. Zo denken veertigplussers nu met weemoed terug aan de Peugeot 205 GTi, de enige geslaagde imitatie.Alles wat Volkswagen na de eerste GTi nog met hetzelfde logo baarde, was goed. Maar ook niet meer dan dat. Omdat de Golf GTi niet ontsnapte aan de evolutieleer van autoland: hij werd comfortabeler, kreeg elektrische ruiten, airco en meer van dat. Kortom, hij pakte kilo's en verloor zijn frivole aard. Werd zelfs bourgeois, vonden échte GTi-fans. Maar de GTi-versie van de Golf V, voor het eerst tentoongesteld in Parijs, verzoent de wereld opnieuw met het concept. Ja, hij belichaamt natuurlijk de grondige mentaliteitswijziging die zich sinds juni '76 doorheen de autowereld is gaan ontspinnen. Veel meer comfort en aandacht voor veiligheid. Tegelijk is deze nieuwe Golf GTi de eerste opvolger die de filosofie van de versie juni '76 naadloos transponeert naar deze moderne tijd: hij biedt wat in onze huidige context kan worden omschreven als compromisloos rijplezier. En dat is in niet geringe mate te danken aan de motor: een tweeliter turbo met rechtstreekse benzine-inspuiting die tweehonderd pk sterk is. Maar vooral een koppelwaarde van 280 Nm levert tussen 1800 en 5000 toeren. Inderdaad: die heerlijke reprise waarmee moderne dieselmotoren ons weten te verleiden, heeft Volkswagen met deze krachtbron in benzine weten te stoppen. De prestaties van deze Golf GTi vijfde generatie, zijn er dan ook naar. Ondanks het meergewicht dat comfort en veiligheid meebrengen. Van nul naar honderd in een zucht meer dan zeven seconden, en ongeveer evenveel om van zestig naar honderd te accelereren. Bovendien belooft Volkswagen dat deze motor, die beantwoordt aan de Euro IV-norm, maar acht liter zal verbruiken. Zeker weten: de mythe blijft leven. Opnieuw meer dan ooit. Hij is geen nieuwe 106 en wil ook de 206 niet vervangen. Met de 1007 laat Peugeot het publiek proeven van een nieuw concept. En vernieuwt de Franse constructeur alweer in een segment dat in de lift zit, zoals eerder gebeurde met de 307 SW in het wereldje van de middenklasse-break. Want het B-segment van de kleine auto's groeit: een klim van 72 procent, de voorbije twintig jaar. Goed voor een aandeel van 35 procent op de Europese automarkt, vandaag. Peugeot zal met deze kleine dus wel serieus scoren. Zeer zeker omdat de Fransen qua design zichzelf zijn gebleven: frivool, dynamisch, verfrissend en vernieuwend. Een beetje baanbrekend, zelfs. Zo heeft deze Peugeot 1007 geen klassieke deuren, maar elektrische schuifdeuren. Die bieden toegang tot een eenvolume-interieur dat er ondanks de kleine buitenafmetingen weelderig groot uitziet. O ja, terwijl het publiek zich aan deze nieuwkomer vergaapte, onthulde Volkswagen iets verderop de breakversie van de Golf V: een model dat het midden houdt tussen break en monovolume. Inderdaad: het ondertussen heel populaire concept dat Peugeot met de 307 SW lanceerde. Of hoe de serieuze, Duitse constructeurs qua design achter die frivole, liederlijke Franse merken blijven hinken. De Fransen teisteren inderdaad niet zo-maar de hitlijsten van de autoverkoop. Zeker weten, opnieuw slim bekeken, deze 1007. Bangelijk. Zelfs voor de Duitse autoweg wordt dit te gortig. Voor de presentatie van de nieuwe M5 nodigde BMW de pers dan maar uit naar een verlaten militair domein. Kan minder kwaad dan op een openbaar asfaltlint. En in Parijs kreeg het publiek hem nu voor het eerst te zien: een atmosferische V10 in het vooronder, een vijfliter, goed voor 507 pk. En een koppel van 520 NM bij 6100 toeren. Gaat u ook wat duizelen? Dan is het nog maar een begin, want dit tuig accelereert naar honderd in niet eens vijf seconden. En kost, voor de basisversie, iets meer dan 95.000 euro. Valt moeilijk te rijmen met het huidige verkeersklimaat, ja. Maar daar is het BMW ook niet om te doen. Dit is geen machine om in groten getale te produceren, dit is image building. Een geslaagd bouwwerk, als je het ons vraagt. Want ja, we mijmerden ook even weg bij zoveel geweld. Ja, het zijn obligate nummers op autosalons, die conceptwagens. Niettemin: ga neerzitten en laat u bedwelmen door die heerlijke contouren. En, toegegeven, het is heel subjectief, maar niettemin: deze 907 van Peugeot heeft een grote deugd die veel conceptwagens ontberen. Hij gooit een blik in de toekomst, maar gaat die niet buitensporig ver zoeken. Deze 907 oogt niet thuis in het jaar 3007, maar kan zo in ons verkeer worden gedropt. En brengt ons daarom niet minder aan het dromen. Nog wat meer ongebreidelde economische groei in China, India die aanpikt en de oliebronnen des werelds lopen sneller leeg dan in de minst optimistische prognoses. Maar de autowereld blijft de weg van alternatieve motoren koppig beschouwen als een occasionele vingeroefening. Gelukkig zijn er uitzonderingen. Zoals de Lexus RX400h: de allereerste SUV met hybride motor. Een combinatie van (verrassend weinig) benzine en elektriciteit. Een stap in de goede richting, en vooral: hij komt begint volgend jaar op de markt en je zal ermee kunnen rijden zoals met iedere gewone auto. Of hoe alternatief geen synoniem hoeft te zijn met hocuspocus. Helaas lijken weinig consumenten dat te beseffen. Jo Bossuyt